Maandelijks archief: december 2018

Dieren!

Onderweg met Lenny naar het honden-losloopgebied bij Suyderoogh dacht ik: eigenlijk moet ik ook weer eens over (mijn) andere dieren schrijven. Want iedereen weet nu zo langzamerhand wel hoeveel ik van ons hondje hou en hoe speciaal hij is.
Toch even een stukje over hem, om mee te beginnen.
Hij heeft het moeilijk momenteel, hij is zeer nerveus door al het vuurwerk wat hier in de buurt al dagen lang  afgeknald wordt. Bachbloesem lijkt hem wel wat te helpen gelukkig. Maar er gaat niets boven een lekkere ontspannende wandeling in het bos. Hij wandelt overigens niet, maar ‘rennering’ is geen Nederlands woord bij mijn weten. Wat een vreugde weer, en bij ons ook. Het is heerlijk als je hem zo ziet genieten. Maar er waren vandaag ook veel andere wandelaars met honden en ik werd er gewoon heel erg blij van om te zien hoe vrolijk en gelukkig deze honden allemaal waren, en hoe gek de eigenaars met hen zijn. Er zijn heel veel honden op de wereld die het helaas erg slecht hebben, maar hier was er alleen maar plezier.
En o jemig, wat stuiterde er nu toch op me af….. EEN PUPJE! Het was zelfs een Heidewachtelpup, een mini-Lenny. Ik smolt ter plekke, Bert heeft me op moeten dweilen. Ik was sprakeloos, kon alleen nog maar kirren en piepen. Dit hondje. DIT HONDJE!
Ik wou haar meenemen en houden. Gelukkig sijpelde er nog een klein beetje verstand door mijn kwijl heen en ik ging toch maar weer rechtop staan. Marietje, zoals het schatje bleek te heten, hobbelde weer met haar eigenaar mee en ik verveelde nog zeker een kilometer lang Bert met gezanik om een pup.
Ondertussen vergat ik niet om heel veel van Lenny te genieten en ik vermaande mezelf uiteindelijk dus maar dat ik erg geboft had dat hij ook zo’n  weergaloos lieve puppy geweest is. Zie hier het bewijs:

puppie

Maar, zoals gezegd, niet alleen honden zijn belangrijk. Er zijn zoveel dieren die me een geluksgevoel geven. En ik ben in de gelukkige omstandigheid dat ik de ruimte heb om dieren te houden en goed te verzorgen.
Binnen hebben we twee cavia’s. Ze hebben een behoorlijk aantal voorgangers gehad (ik kreeg mijn eerste cavia toen ik 11 was) en ieder caviaatje heeft een eigen karakter. Ik vind ze allemaal geweldig en zonder twijfel heeft de cavia het liefste onderlipje van het hele dierenrijk.
Momenteel hebben we de dames Pimpernel (dat is de blonde) en Rozemarijn (de grote gevlekte pluizebol)

caafjes

Rozemarijn is van een ras dat ik nog niet eerder gehad heb, Teddy, en ik heb nog nooit zo’n grote cavia gehad of zelfs maar gezien. Ze is gewoon enorm en ze is nog niet eens een jaar oud. De dames hebben ook speciaal voor haar een grotere behuizing gekregen, als je een dier hebt moet je er goed voor zorgen immers.
Een wens van mij is om “ooit”een Ierse Wolfshond te hebben, het grootste hondenras. Ik denk dat het in de praktijk er nooit van gaat komen, om verschillende redenen, maar ik kan me nu dus tevreden stellen met een Ierse Wolfscavia.
Rozemarijn en Pimpernel zijn enorm gezellig en hebben hun eigen gewoontes. Ik hoef bijvoorbeeld ‘savonds alleen maar hardop te zeggen: “Ik neem nog even een appel” en de dames starten ogenblikkelijk een fluitduet. Want stel je voor dat ik zou vergeten om hen de klokhuisjes te geven…. Ik heb wel eens geprobeerd om stiekem een appel te pakken maar ik hoef alleen maar op te staan en het sein is al gegeven. PHIEEEET PHIEEEET!!! En het is gewoon erg leuk om naar ze te kijken, want ze zijn actief als je ze de gelegenheid geeft. Ze maken me blij.

In de tuin hebben we twee aangrenzende dierenverblijven, allebei ruim 3 x 3 meter. In de ene wonen 4 konijnen. Ze hebben een hok voor als ze willen schuilen, een zandbak om in te graven en verder gewoon de ruimte om te hippen, te rennen, te klimmen, te slapen, te zonnen, waar ze maar zin in hebben. Sunny en Joy worden volgende maand 6 jaar. Ik kreeg ze in de winter na het verlies van mijn broer. En omdat zij een lichtpuntje waren, kregen ze deze namen. ( lees ook Het mag weer )
Een half jaar later kwam de Vlaamse Reus Leffe erbij, een zwerfkonijn wat bij ons gebracht was. Ze hadden het geweldig samen, die 3. Helaas is Leffe na 2 jaar plotseling overleden. Over hem heb ik een speciale blog geschreven: De reus en de dwergjes
Voor Joy en Sunny kwam er een nieuwe grote vriend uit de konijnenopvang, wij noemden hem Rhosgobel, naar de grote konijnen uit ‘de Hobbit’. Afgekort Rhos. Maar in de opvang zat nog een kereltje, die me maar niet los liet….. Hij was nog jong, kind van een tamme moeder en een wilde vader. Zijn moeder had hem verstoten. Zijn broertjes en zusjes hadden al een nieuwe eigenaar, maar hij bleef maar in de opvang. Iedere keer keek ik weer naar die foto. Hij raakte iets in me. De gespannen blik, het idee dat hij ongewenst was, dat niemand hem wou…. het bracht me aan het huilen.

tobyklein

Als wij ruimte hadden voor 3 konijnen, dan kon hij er met z’n kleine lijfje toch ook nog wel bij? Hij verdiende toch ook gezelschap en liefde van soortgenootjes? We gingen hem halen, het kon niet anders.
Hij werd Bassie genoemd in de opvang, maar omdat ik een geweldige hekel heb aan die vervelende clown met dezelfde naam, veranderde ik zijn naam in Toby. Nieuwe start, nieuwe naam.
En wat hebben ze het goed met elkaar, ons clubje van 4. Er zijn geen vaste stelletjes, ze kunnen het gewoon allemaal goed met elkaar vinden. Rhosgobel is enorm. Een soort welgedane Boeddha. Sunny en Joy zijn al jaren hetzelfde: gezond, glanzend, slank en actief. Toby is van een gespannen kereltje veranderd in een gezond evenwichtig konijn. Wel het meest op z’n hoede van het stel, maar dat zijn toch de genen van zijn vader.

nijns
Gister tegen de avond kreeg ik een enorme schrik. De deur van de ren bleek niet helemaal goed gesloten te zijn ‘smorgens na het voeren. Rhosgobel hobbelde bij het open hek, die is zo log dat hij niet snel is. Maar waar waren de anderen? Er werd, zoals al gezegd, veel geknald met vuurwerk. Waren ze in paniek weggerend? En waar waren ze dan, waar moesten we zoeken, het schemerde al! Ik dwong mezelf rustig te blijven en niet in paniek te raken. Al gauw zag ik Joy, zij valt wel op met haar witte vlekken. Ze zat gewoon bij de zandbak in de ren.
Rhosgobel liet zich rustig ook weer terugsturen de ren in. Nog 2 te gaan.
Eerst maar verder in de ren zoeken, voordat ik bang mocht worden . Ik ging op mijn knieën liggen en gaf er niks om dat ik in de blubber zat. Met het lampje van mijn telefoon scheen ik onder het hok. En daar keken 4 oogjes mij aan. Ooooh gelukkig. Daar zaten Sunny en Toby, lekker tegen elkaar aan, in het holletje wat ze zelf gemaakt hadden.
De opluchting was enorm. Maar ook de blijdschap, dat ze de plek die wij voor hen gemaakt hebben, ervaren als veilig en vertrouwd en dat ze geen behoefte hebben om uit te breken. Ze voelen zich goed thuis.

Hun buren zijn kippen. Ze hebben niet veel contact onderling geloof ik. Maar dat hoeft ook niet, ik ga ook niet iedere week bij mijn buren op de koffie.
Toen ik hier kwam wonen zag ik gelijk in de tuin mogelijkheid om kippen te houden. Die ruimte! En Bert vond het ook wel leuk. Dus we hebben nu al jaren krielkipjes en in de lente en zomer daar eitjes van. Kippen worden niet zo erg oud, dus we hebben er in de loop van de jaren al een aantal begraven en ook weer nieuwe gekregen. Momenteel hebben we 3 Watermaalse Baardkrieltjes. (moet je eens hardop zeggen met je mond vol chocola ofzo)
Ze heten eigenlijk Boter, Kaas en Eieren, maar omdat we ze niet uit elkaar kunnen houden heten ze in de praktijk gewoon kip. En ze zijn zo leuk! En ook wel gek. Juist als het koud wordt gaan ze in de rui. Omdat ze wit zijn is hun huid rose en zien ze er niet uit dan. Ook wel zielig, die rose blote kipjes in de kou.

kip

Maar ze lijken er niet echt last van te hebben want ze hebben dit nu al een aantal jaar gewoon overleefd.
Nu in de winter zie je ze niet veel, alleen met daglicht buiten, verder op stok. Maar van de zomer was het zo warm dat ze ‘snachts niet op stok gingen. Toch de drang om ergens ‘op’ te zitten, ging een van de dames dan maar op haar zus zitten. En zus liet dat toe.

zus

Sukkel. Of dat niet warm is.
Ze houden ook erg van eten. Niet alleen kippenvoer, maar ook restjes pasta, brood, sla, groente, eigenlijk alles waar geen kip in zit. Als ze toevallig net van plan zijn op stok te gaan als je eraan komt met zo’n restje eten, dan weten ze niet hoe snel ze weer met z’n drieën van de loopplank af moeten denderen , in de haast dondert er altijd wel een af en die wordt dan onder de voet gelopen door haar liefhebbende zusters.
Als je ’s morgens met het gewone voer komt, doen ze gezamenlijk een dansje voor het hek. K3.

Dit zijn de dieren die we op dit moment hebben. Er zijn in het verleden ook muisjes geweest, daar ging zelfs mijn allereerste blog over. (Muizenissen )
We hebben zebravinkjes gehad, ook die hier uit het ei gekomen zijn. Ze waren zo lief.

Maar ook de dieren die niet van mij zijn, daar kan ik zo van genieten.
De dieren hier in de weiden, met hun jongen in de lente.

Op vakantie het minuscule padje, zo klein en toch zo compleet.
Het musje wat uit mijn hand kwam eten. De jonge merel die bij het uitvliegen in de bijkeuken terecht kwam en zo van slag was dat ze zich door mij liet pakken


Silke, de lieve ezel die met ons meeging een strandwandeling maken.
Monty, het paardje waar ik mee mocht trainen


Al die dieren , groot en klein. Ik kan me geen leven voorstellen zonder dieren.
Het heeft ook geen zin om dat te doen, want er is geen leven zonder dieren.
Ik zal een moralistisch slot achterwege laten. Want we weten allemaal hoe kostbaar en bijzonder het leven is, toch?

 

(Kerst)Gedachte

Gister zagen we op tv de Z-Doc “Extreme Christmas Gifts”
Een bizar rijke oliemagnaat die in een protserig landhuis woonde met serieus 6 kerstbomen in de verschillende zalen (ik kan het echt geen kamers noemen) , kocht kerstcadeau’s voor zijn gezin voor bedragen met minstens 4 cijfers voor de komma.
Zijn vrouw kon bij alles alleen maar “Oh my God!” kirren en ik had sterk de indruk dat ze niet in de gaten had over Wie ze het had. De op deze manier loze kreet die ze werkelijk bij iedere zin gebruikte, stoorde mij dan ook mateloos. Het benadrukte alleen maar de leegte van materialisme.
Een andere man, een jonge zakenman, kocht voor zijn vader een helikopter.
“Want pa gaat bijna met pensioen en hij houdt van reizen” .
Hier zag ik ineens wel zo de humor van in, dat ik me in mijn beker winterthee verslikte. Hoe oppervlakkig is dit allemaal! Nee, het is niet de kift dat ik dit nu schrijf, ik meen het echt. Het is allemaal zo over de top, dat het compleet belachelijk is. Het enige positieve was dat hij z’n vader een plezier wilde doen.
En daar zit dan toch iets in van  “de kerstgedachte”
Persoonlijk ben ik van mening dat de kerstgedachte het hele jaar in ere gehouden moet worden.
Ik las op de fb van mijn nichtje: “Christmas” begins with “Christ”
En zo is het.
De mensen die mij kennen, weten dat ik ervan overtuigd ben dat Jezus Christus voor ons geboren is. En dat ik probeer door mijn manier van leven te laten zien dat Hij het goede voorbeeld geeft.
Vanavond hadden Bert en ik een gesprek na het eten, nadat we het Kerstevangelie gelezen hadden.
Momenteel zeggen veel mensen dat de wereld zo individualistisch is. Dat er alleen belang wordt gehecht aan geld. Dat er niet naar mensen omgezien wordt, maar dat iedereen voor zichzelf leeft.
Het lijkt ook vaak wel zo.
Maar ik denk eigenlijk dat het niet zo donker is als dat we vaak denken!
Voorbeeld?
We gingen eens even na waar we allemaal geweest zijn op vakantie de afgelopen jaren. In allerlei landen en in allerlei situaties. En ALTIJD waren er vriendelijke en behulpzame mensen.
Toen Bert z’n bril verloor in een Noors meer werd een halve camping overhoop gehaald om hem een snorkel te kunnen aanbieden zodat hij naar zijn bril kon zoeken.

Toen wij in Cornwall op een zondagmorgen even stil stonden met de motor omdat we moesten bepalen waar we heengingen, stopte er een autootje met 2 oude dametjes die op weg waren naar de kerk, ze waren gekleed in keurige bloemetjesjurken met bijpassende hoeden. De dametjes vroegen of alles goed met ons was en of we misschien hulp nodig hadden.

Toen we ten einde raad waren in Harlingen, omdat we wegens de harde wind en de krappe ruimte onze boot niet konden aanleggen, kwam er zomaar een ervaren schipper helpen door aan boord te komen en het roer van ons over te nemen.

Toen we in de Ardennen ten val kwamen met de motor en ik mijn pols brak, kwam een mevrouw ons helpen. Zij bracht ons in haar auto naar de dichtstbijzijnde stad, naar het ziekenhuis.

Toen we in Duitsland waren kwam er een stokoud mannetje de weg over schuifelen naar ons toe. Hij had ons aan zien komen en gauw iets lekkers  voor Lenny gepakt, die hem zo aan zijn eigen geliefde hond van vroeger deed denken.

Toen we ergens in Friesland aan het wandelen waren en werden overvallen door noodweer, riepen mensen ons binnen en mochten we met hond en al de hele middag daar schuilen.

Op zich kleine voorvallen maar bij alles voelden we vriendelijkheid en aandacht. De kerstgedachte, ook al was het midden in de zomer.
Ik hou me vast aan deze dingen. Dit zijn de lichtjes in het leven. En zolang er op allerlei plekken in de wereld zulke lichtjes zijn, wordt het niet donker. Niet echt.
Daar heb ik geen helikopter of swarovski-armband voor nodig. Sterker nog, wat moet ik er mee?
Dat zijn maar spullen.
De lichtjes die er toe doen, zijn gratis . Maar onbetaalbaar.

Ik wens jullie allemaal een gezegend Kerstfeest en een heel mooi nieuw jaar. Met heel veel lichtjes, zowel om te delen als om te ontvangen.

image1

Decemberpost

Vandaag was ik verbaasd en wrevelig tegelijk toen ik de post van de mat opgeraapt had.
Allemaal persoonlijk ge-adresseerd en ik ken er niemand van. Dikke envelop van een goede-doelen organisatie. Andere envelop met kaart van een andere goede-doelen organisatie. Grote envelop van nog een andere goede-doelen organisatie. En een tijdschrift. “Fam.”, met als bijschrift “Welkom in de fam. “
Huh? ”Magazine van De Friesland over krachtige mensen en bijzondere families.”
Goeiemorgen. De Friesland is een zorgverzekering die afgelopen jaar de beste tandartsverzekering voor ons had. Punt. Waar gaat dit over zeg. Het is een zorgverzekering, geen lifestyle! Wat kan mij dat nou schelen dat meneer Rinsma wekelijks 100 km fietst of dat mevrouw van Kouterik geen 9 tot 5 baan heeft. Ik ken de beste mensen niet. En ik denk dat het hen ook geen reet interesseert als ze een artikel zouden lezen over dat ik twee keer in de week naar de sportschool ga, dat Bert fulltime auto’s repareert en dat we dit jaar een wandelvakantie gedaan hebben. Ik vind het compleet idioot, een magazine van een zorgverzekeraar. Een zorgverzekering is duur en we willen dat hoge zorgkosten vergoed worden, omdat we iedere maand een hoge premie betalen. Dat mijn eigen risico ieder jaar gewoon op gaat, daar hoor je De Friesland niet over. Kan ik best een artikel over schrijven trouwens, evenals over de afhankelijke positie die je als chronisch patiënt hebt. Is je medicijn ineens niet meer verkrijgbaar omdat de fabriek die het maakt daarmee stopt (licentie verlopen dus er kan niet meer genoeg aan verdiend worden) dan is dat jammer voor je, maar dan staat De Friesland, of welke andere zorgverzekeraar dan ook, niet voor je klaar hoor! Dan wordt je van kastje naar de muur gestuurd en iedereen schuift de verantwoordelijkheid naar iemand anders. Ondertussen ben je een half jaar bezig om je weer een beetje goed te voelen omdat je nieuwe medicijn anders werkt, de bloedonderzoeken die nodig zijn om te bepalen of je de juiste dosering krijgt zijn voor eigen rekening….. Welkom bij de fam.
* Nu volgt een krachtterm die ik niet zal publiceren*
De andere post. Goede doelen. Prima, helemaal mee eens dat mensen die het slecht hebben geholpen worden, zowel hier als waar dan ook op de wereld. Maar.
Al die ongevraagde post! Dat geld wat daar aan gespendeerd wordt, moet toch naar het doel gaan?
Het Leger des Heils spant vandaag de kroon. Ik krijg een mapje met kaartjes, cadeaupapier, een heel vel stickers met mijn naam en adres en een mooie pen. O ja, en een acceptgirokaart. Of ik iets wil betekenen voor eenzame mensen. Ja, natuurlijk wil ik iets betekenen voor eenzame mensen. Maar daar hoef ik toch niet ongevraagd zo’n heel pakket voor te ontvangen? En ik ben niet de enige natuurlijk, dit pakket zal in veel brievenbussen komen. Mooie pen, leuk. Adresstickers? Doe ik niks mee. Cadeaupapier? Ik heb nog 3 rollen liggen, dat velletje heb ik niet nodig. Kaartjes met “Bedankt” erop. Geen idee wie ik moet gaan bedanken. Acceptgirokaart, aan een brief met een schrijnend verhaal erop. Jongens…. ik snap heus wel wat jullie bedoelen. Maar jullie schieten toch helemaal je doel voorbij door op deze manier aandacht te vragen? Er staat ook nog op het mapje voorop”Een gift voor u!”
Lieve mensen van het Leger des Heils, ik ben in de gelukkige omstandigheid dat ik niet eenzaam ben.Ik hoef geen gift. Gebruik jullie je geld nou toch alsjeblieft voor degenen die het nodig hebben en stuur mij gewoon een mail als je iets wilt vragen of zeggen. Als jullie achter mijn adres kunnen komen lukt dat ongetwijfeld ook voor mijn email-adres. En dat geldt ook voor de andere post die we vandaag kregen. Het belandt allemaal bij het oud papier. Verspilling van materiaal , van geld en van energie.
December is natuurlijk bij uitstek de maand om op het gemoed te werken. Maar niet op deze manier alsjeblieft. Het werkt alleen maar tegen.

IMG_20181218_103650323.jpg

Het leed dat bloedprikken heet

Soms hoor ik een verhaal waarvan ik denk: “Als dat mij was overkomen zette ik het nu op Daagse Dingen”
Zoals vandaag. Maar dit verhaal is afkomstig van Irene en het zou mijn dochter niet zijn als ze daar zelf niet een mooi gastblog van kon maken! (voor de bezorgde lezer, er is niets naars aan de hand, er moest gewoon even iets vastgesteld worden)

Ik had een verwijzing voor een keertje extra bloedprikken. En dat moest speciaal bij een van de prikpunten van Ziekenhuis A. Het formulier was van eén van de bekendere bloedbanken. Speciaal formulier, want speciaal onderzoek. Niet ingewikkeld zou je zeggen toch? Ik zoek op internet waar de prikpunten van Ziekenhuis A zitten. En tot mijn grote vreugde kan je bij de fysio 5 minuten van ons huis 1 keer per week laten prikken. En wel op de vrijdagochtend tussen half 9 en 9 uur. Laat het nou vandaag vrijdag zijn. Dus, ik daar vanmorgen heen, vergezeld door Jan.
Wij zetten ons neer in de wachtkamer tussen een hele horde 65+ mannen, want de prikdienst op de vrijdagochtend wordt schijnbaar voornamelijk gebruikt voor de trombose dienst. Ook is er een prikmevrouw aanwezig van een andere bloedbank, de concurrent van mijn bloedbank, dus daar heb ik niks mee van doen.
Goed, na 2 meneren ben ik aan de beurt, dus ik loop die ruimte in.
Een nogal ongeïnteresseerde 60+ mevrouw die hoognodig met pensioen moet, want geen arbeidsvreugde,  kijkt me aan. “Je moet een deur verder zijn, bij de andere bloedbank”
“Nee hoor” zeg ik, ” Ik moet bloed laten prikken bij een prikpunt van Ziekenhuis A.
“Oh oke”. Ik geef haar het formulier. 
“Dit is geen Ziekenhuis A formulier” zegt ze bestraffend.
Nee klopt ook, maar het moet wel hier. Ik zeg haar dat.
“O. Ik ken dit formulier niet dit is geen standaard formulier.  Ik weet niet wat ik moet doen.” Ze schudt haar hoofd. “En op je formulier staat dat de  praktijk die je verwezen heeft twee dorpen verderop zit. Wat doe je dan hier???”    (ja, zo vraagt ze het serieus!)
Dus ik zeg met een alleraardigste glimlach: “Nou, ik woon hier, dus dit LEEK me wel zo handig….”
“Oke vooruit, maar dit is geen standaard formulier”.
“Nee, dat zei u al, en dat klopt , het is geen standaard onderzoek. Maar dit vakje staat aangekruist, volgens mij moet u alleen maar bloed afnemen en gaat het lab het onderzoeken” .
Hele diepe zucht. “Pfff ik ga even met mijn collega overleggen”.
Mevrouw schuift de prikkamer uit, prikkamer van de concurrent in, en ik hoor haar mopperen dat er een mevrouw is met een raar onbekend formulier en wat ze daaaar nou toch mee moet. Even stilte, tot de andere mevrouw zegt: “Nou, je moet gewoon bloed afnemen, alleen dit formulier is niet compleet en wij kunnen geen stickers maken hier, dus die moet ze zelf even invullen”.
Mevrouw Levensvreugd keert weer terug.  Zucht. Steun.
“Nou ja vooruit,  ik ga wel een buisje bloed afnemen, maar volgende keer mag je
geen genoegen nemen met dit formulier. En dit kost me veel te veel tijd want er zitten nog heel veel mensen in de wachtkamer”.
Dus ik zeg, nog altijd even vriendelijk:  “Nou ja,  er wordt alleen nog om adres en BSN gevraagd, die kan ik zo voor u invullen, ter plekke als u wil.
“Oke” zegt ze, “doe dat maar, en dan ook je verzekeringsnummer  ”.
Daar wordt niet om gevraagd op de brief, dus daar is geen vakje voor.  Ik vraag uit beleefdheid nog waar ik dat zal  schrijven. 

“Nou gewoon, ergens!”  krijg ik toegesnauwd.
Ok mevrouw! Dus ik schrijf letterlijk ERGENS het nummer
Als ik klaar ben moet ik mijn arm strekken en wordt de naald  nogal hardhandig in m’n ader gepoerd. Nog een aantal zuchten en steunen van haar, buisje bloed wordt getapt en klaar. EINDELIJK. want ik sta net op het punt om te zeggen:  “Zal ik het zelf even doen?”.
Zoals gezegd is Jan  mee en ik had ook nog zijn BSN nodig zag ik,  ik moest immers het hele formulier invullen. Dus ik app hem even of hij ook kan komen, hij zit nog in de wachtkamer.
Hij komt binnen, ik vul het formulier verder in, vraagt mevrouw Prikkelbaar me: “MOET JE DAT OOK ALLEMAAL INVULLEN DAN”
Ja nou zal het even lekker worden! Zij zegt toch dat ik alles moest invullen! Okeee……rustig adem blijven halen, we zijn klaar. 
Dus hup op naar het werk. Heb er een hard hoofd in dat het buisje bloed überhaupt op de plaats van bestemming gaat komen maar goed,  ik hou een beetje vertrouwen in de mensheid.

Paar uur later, telefoon. “Ja, je spreekt met die en die van Ziekenhuis A. We hebben een buisje bloed ontvangen, maar er hadden twéé buisjes bloed afgenomen moeten worden…. Dat vind ik heel vervelend voor u”.
“Ja,” zeg ik, “Ik ook. Maar ik snap dat u daar ook niks aan kunt doen.”
Stiekem ben  ik allang blij dat het buisje op de plek van bestemming is.
“Ja, we kunnen een prikdame bij u thuis langs sturen,  maar niet vandaag want het is erg druk”.
Ik heb gelijk visioenen van oude dametjes die aan  huis gekluisterd zijn en die nu niet geholpen  worden omdat de prikster bij mij is,  dus ik denk:  ‘nee dat gaan we niet doen’.

Ik zeg: “Ok,  bij mij om de hoek kan het pas volgende week vrijdag weer, waar zou het nu nog kunnen?
“Ja twee dorpen verderop, maar dat kan tot 13.00 en het is nu 12.50 dus dat gaat vast niet lukken hè?”
Nee, goede inschatting. dat gaat inderdaad niet zonder teleportatie. 
“Maar mevrouw, u kunt ook naar Ziekenhuis A zelf, dat kan tot half 7 vanavond”
“Ok,dan doe ik dat wel.” 
Maar ik zie de bui alweer hangen en denk: ‘Ja lekker dan, dan  kom ik daar zonder formulier aanzetten en krijgen we weer ellende’. Dus ik vertel dat aan de serieus echt wel vriendelijke mevrouw. Ze zegt: “Nee, ik ga nu doorgeven bij het lab dat u komt vanmiddag en dat er nog een buisje afgenomen moet worden”
Voor de zekerheid vraag ik maar wel even  de naam van de beste mevrouw ,want ik kijk vandaag nergens meer van op.
Ik ga dus straks. En wie weet hè, lukt het dan toch nog om een tweede buisje bloed af te laten nemen.

Update.  Om 17.49 ontvang ik een appje van Irene:

Niet te geloven, het is gelukt. Bij de twee aardigste prikdames die je maar kan hebben.  

Happy end.  Prettig weekend allemaal!

bloedbuisje