Toen ik 6 jaar was gingen schoolkinderen op Koninginnedag een Aubade brengen. Maar wel in hun eigen woonplaats. Nou hield (en houd) ik van zingen, maar ik vond dat wel een beetje raar. We zongen voor de koningin maar die was nergens te bekennen. Waarom moest dat dan? Ik vind dat kleine Anneliesje gelijk had, het was zeker raar.
Nu mijn kleinzoon 6 jaar is, gaat het heel anders. De laatste vrijdag voor Koningsdag zijn de Koningsspelen op bijna alle scholen in Nederland. Dat vind ik echt een veel leuker initiatief!
Willem heeft daar een mooie nieuwe traditie mee gemaakt naar mijn mening.
Alle kinderen, klein en groot, zijn actief bezig en het is een feestelijke dag. Gister heb ik dat van zeer dichtbij meegemaakt.
In vol ornaat gingen we naar school, Finn en ik. Oma mocht namelijk meehelpen, hoe leuk is dat!
De onderbouw was in drie groepen verdeeld, leeftijden door elkaar, en op drie locaties konden ze heerlijk spelen en actief zijn. Wat was dit mooi, deze opzet, dat de kinderen konden kiezen wat ze leuk vonden. Wil je voetballen? Dan ga je dat doen. Hou je daar niet van? Dan ga je lekker stoepkrijten, of een parcourtje lopen, klimmen, kloslopen of hinkelen of… Alles wat je maar kan bedenken om buiten te spelen, allebei de schoolpleinen plus het zijpad waren beschikbaar. Finn en alle andere kinderen uit de groep waar ik bij ingedeeld was, waren heerlijk bezig en heel blij.



Na drie kwartier even fruitpauze, en daarna ging onze groep naar het bos. De school ligt aan de bosrand, dus we hoefden alleen maar het hek door.
In het bos konden ze klimmen en hutten bouwen. Ook hier weer geen enkele wanklank en geen kind dat zei: ‘ik weet niet wat ik moet doen.’


Na weer drie kwartier gingen we terug naar school en was het binnen onderdeel aan de beurt: kiezen tussen gezelschapsspellen, spelen in de huishoek of klimmen en klauteren in het gymzaaltje. Uiteraard koos Finn de gymzaal, het kind heeft de hele ochtend niets anders gedaan dan rennen, klimmen en springen. Hoe heerlijk is dat.


Natuurlijk lette ik niet alleen op Finn. Het was zo leuk om naar de kinderen te kijken, hoe ze waren en hoe ze zich uiten. Ik heb in mijn leven honderden kinderen gezien en onder mijn hoede gehad, maar het blijft geweldig om te zien hoe uniek ieder kind is.
Dan heb je daar het verlegen meisje, wat een beetje om me heen draait, dan plotseling speelt dat ze een gevaarlijke slang is en me na een hoop sisgeluiden ineens keihard in mijn tenen bijt! Ik roep echt keihard ‘AU’ want het doet echt zeer. Zoiets zie je niet aankomen toch, dat je op de school van je kleinzoon in je tenen gebeten wordt door een klein stil meisje uit groep 2.
Het net iets te dikke jongetje wat me de hele tijd claimt met overdreven aandacht vragen zodat het me begint te irriteren, maar die niet reageert op mijn subtiele signalen, waardoor ik uiteindelijk ronduit zeg: ‘Zo, en nu wil ik je niet meer bij me zien.’ Vast niet pedagogisch maar wel effectief.
De mooie actie van een meisje uit groep 3 die een ukje uit groep 1 helpt om op de glijbaan te klimmen en daarbij de voordringers blokkeert.
En sowieso al die verschillende kindertjes uit verschillende culturen en milieus. Allemaal bij elkaar, en met elkaar, in het oranje. Ik heb al wel vaker gezegd dat ik niks heb met het koningshuis en dat ik ook niet patriottisch ben, maar dit is zo mooi om te zien hoe alle onbelangrijke verschillen, die soms door volwassen zo groot gemaakt worden, wegvallen.
Alleen maar blije kinderen die met de Koningsspelen bezig zijn.
Ik steek eens een duim op, geef eens een applausje, grijp eens in als het net niet helemaal goed gaat, en ben helemaal in mijn element.
Lieve Finn, wat fijn dat ik vandaag met je mee mag!
Om kwart over 12 zit het erop, groep 1 gaat naar huis, en groep 2 en 3 gaan picknicken in een dichtbijgelegen park.
Netjes in de rij , iedere groep 3-er moet een kleiner kind bij de hand houden.
Uiteraard vallen er gaten in de rij omdat niet iedereen doorloopt.
‘Geef maar een hand’ zeg ik tegen een meisje, ‘Dan lopen we samen door.’ Ik krijg een zweterig knuistje en honderd verhalen over wat ze allemaal gedaan heeft vanochtend.
We komen bij het park, waar een klimtoestel en een paar schommels staan.
‘Oooh! roept ze, “EEN SPEELTUIN” Alsof we nu voor het eerst gaan spelen vandaag. Ik moet zo lachen.
Maar eerst moet er gegeten worden en wie kan tonen dat zowel broodtrommeltje als beker leeg zijn mag gaan spelen. Daar zwermen ze al weer uit, als een stel oranje mieren over het veld.

‘Hoi oma!’ hoor ik en zie een stralende Finn voorbij rennen, samen met z’n vriendjes.
Het is prachtig weer en ik zoek een plekje in de zon waar ik alles goed kan overzien.
Hoe is het mogelijk dat die kinderen nog weer aan het rennen en vliegen zijn, ze hebben dat de hele ochtend al gedaan. Onvermoeibaar.
Dan is het toch tijd om terug te gaan, de school gaat uit. Onderweg krijg ik weer hetzelfde knuistje in mijn hand.
‘Wat gaan we nu doen?’
‘Terug naar school.’
‘En dan, wat gaan we daar doen?’
‘Niks meer, het is tijd om naar huis te gaan.’
‘Echt waar? Maar het was zo leuk!’
Ik lach tegen haar. ‘Wat fijn dat je het zo leuk vond! Maar nu is het vakantie, dat is ook leuk.’
Volgens mij hebben alle kinderen een fantastische dag gehad. Heerlijk zonder stramien, maar wel heel goed georganiseerd. Ik vond het geweldig om erbij te zijn.
Ik fiets met Finn samen weer naar huis. Verwacht wel dat hij thuis wat wil uitrusten.
Nee, natuurlijk niet oma! Hij drinkt een groot glas water, schuift een oranje-met- rood/wit/blauwe-spikkels-donut naar binnen en is alweer vertrokken. Buiten spelen!
