Categorie archief: Algemeen

Trap

Mocht ik nog eens een carrière-switch overwegen, dan weet ik alvast wat het niet wordt: interieurschilder. Ik ben er de juiste persoon niet voor.
Wat ik wel kan, is bedenken hoe het worden moet. Ideeën voor de inrichting verzinnen, dingen bij elkaar zoeken, dat vind ik erg leuk.

Op dit moment zijn we het halletje aan het opknappen. Dat is nog niet eens zo lang geleden gedaan, maar de witte muren waren erg smoezelig geworden door kinderhandjes en hondenpoten en de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat we daar zelf ook wel aan meegewerkt  hebben met wandellaarzen, natte jassen etc.
De vorige keer hadden we de trap donkerbruin geschilderd en een niet zo kundige deskundige had ons toen aangeraden om daarvoor verf op waterbasis te gebruiken, want dat droogde zo fijn snel. Dat het ook fijn heel snel afbladderde had hij er niet bijverteld, zodat binnen no-time de bruine trap was bespikkeld met oranje, dat was de kleur die er onder zat. Had ooit roodbruin moeten zijn maar kleurenstalen en de werkelijkheid komen niet altijd overeen. Dat was destijds over rood geschilderd, die kleur zat er op toen Bert het huis kocht meer dan 20 jaar geleden (kan nooit onthouden wanneer dat was)
Nu zouden we het goed en grondig aanpakken:  ik zou in 1 dag de trap schuren en dan in 2 dagen schilderen want ik was nog wel zo slim om te bedenken dat de treden om en om moeten, om nog naar boven en beneden te kunnen gaan.
Dat in 1 dag schuren was een utopie, er bleken namelijk onder de rode verf nog een aantal lagen kleuren te zitten. En toen ik eenmaal met een trede begonnen was kon ik niet meer zomaar stoppen natuurlijk.

Het was eigenlijk best mooi wat er tevoorschijn kwam:

De reactie van verschillende mensen was dan ook: zo laten! Blanke lak erover en je hebt een unieke trap!
Het had wel wat. Maar ons huis is nog niet zo antiek dat zo’n verveloze trap mooi zou staan. Het had trouwens ook wel een beetje de sfeer van een strandhuis. We gingen erover nadenken om het halletje daarop in te richten: zandkleur op de muren, wat maritieme decoratie, het leek ons best leuk!
Maar toen realiseerden we ons dat we niet in Zoutelande wonen maar in Leens en dat het geheel best een geforceerde toestand zou worden. Ik kreeg zelf het idee van ‘kijk ons eens excentriek en boho zijn’ .
Gingen we niet doen, past niet bij ons, dus eerst de boel in de grondverf en daarna gewoon de geplande chocoladebruine kleur  en dan trapmatjes erop, van die halve maantjes.

Die chocoladebruine kleur is blijkbaar totaal uit de mode. Als variatie op een bekende boektitel waren er wel 50 tinten bruin, maar geen chocolade. Dus dat hebben we laten mengen en we kregen een bus mee met een leuke meneer erop die heel blij staat te verven.
Helaas zat de goede man niet in het blik dus moest ik het wel zelf doen.

wp-15898827986601118744773573447548.jpg
En ik vind het helemaal niet leuk! Het is zo’n geknoei en geklieder en gezeur, in ieder geval bij mij. Al die irritante richeltjes en hoekjes en die stomme ronde spijlen van de balustrade, het duurt 100 jaar voordat het geverfd is en dan moet het daarna nog een keer.
Want op wonderbaarlijke wijze pakt de verf niet direct goed op de traptreden, maar knoei je per ongeluk een spetter op iets wat niet chocoladebruin mag worden, dan dekt het ineens wel 100% en krijg je het er met geen mogelijkheid af.

Als je een trap verft heb je ook allemaal stukken die je niet ziet, als je van boven naar beneden werkt. Totdat je van beneden weer naar boven kijkt en dan valt ineens op dat er allemaal randjes aan de onderkant van de treden en bovenaan de stootborden nog niet bruin zijn. Grrrr.
Voorzichtig weer naar boven, netjes op de treden stappend die ik gister al geverfd had en waar ik voor de duidelijkheid een stukje tape op had geplakt. Met de kwast in mijn inmiddels niet meer gele huishoudhandschoenen alle randjes weggewerkt en achterwaarts tree voor tree weer naar beneden. Waarbij ik dus vergat naar de tape te kijken en duidelijk voelde dat ik met mijn blote voeten in de natte verf stond. Het glibberde.

wp-15898828002396945927439062928655.jpg

Sukkel. Een ander woord heb ik er niet voor. Op de grond direct op de krant gestapt maar die kleefde uiteraard direct aan mijn voeten, dus ik strompelde papierscheurend naar de terpentinefles om mijn voeten te poetsen.

wp-15898827997541545568470852110104.jpg

Het is allemaal zo onnodig.

Ondertussen zag ik dat door mijn krantengescheur een springspinnetje verstoord was, die paniekerig heen en weer schoot richting de geverfde trap.
“Neeeee!” riep ik. Maar ach, het beestje heeft wel 8 oogjes maar blijkbaar geen oortjes want het sprong in de natte verf.
Dat vond ik nou serieus heel sneu en ik heb m gauw uit zijn lijden verlost. Stakkertje, maar ik kon toch moeilijk zijn voetjes ook met terpentine boenen……

Toen toch nog maar even met de roller over de plaats des onheils want spinnetje had met z’n gedoe het gladde oppervlak wel verstoord. Ik had het natuurlijk als een in memoriam kunnen laten zitten maar dan word ik er ook steeds herinnerd aan dat het mijn schuld was en dat voelt niet fijn.

De trap is af. In ieder geval voor vandaag en ik hoop voor helemaal. En anders doe ik er geen halve maantjes maar hele op, ik ben er helemaal klaar mee.
Terwijl ik dit zit te typen schuif ik met mijn nog steeds blote voeten over de grond en voel iets plakken.

Een stukje tape. Dat zit dus niet meer op een trede die ik mag betreden.
Ik zeg maar even niets meer.

 

Kaboutersoap

Een klein verhaal vandaag. Want het gaat over kabouters.
We hebben een kaboutertuin. Het begon met een aantal zwerfkeitjes die Bert bij elkaar had geraapt toen we de oprit veranderden. Hij bouwde er een hunebedje van. Dat was uiteraard helemaal in mijn straatje, ik was dan ook al heel snel bezig om er kaboutertjes bij te zetten. In de loop van de tijd werd het een heel kabouterpark. Met een bezoekerscentrum, een kraampje met drankjes en snackjes, een terrasje om die te nuttigen en een speeltuin. En kabouters natuurlijk.
Ik begon met 2 kabouters, inmiddels zijn het er 21, ik ging ze even tellen net. O nee 22 zelfs, er zat er 1 op de wc (ja serieus!)
Grote en kleine, mannen , vrouwen en kinderen.
Die laatste 2 varianten zijn moeilijk te vinden, de standaard tuinkabouter heeft natuurlijk een baard. En meestal ook een stuk gereedschap en een paddenstoel bij zich. Joost mag weten waar dat goed voor is, dat gesjouw met paddo’s en hamers, maar het zij zo. Maar vanwege een beetje geduld en heel veel zoekwerk heb ik inmiddels een aardige afspiegeling van de kabouterbevolking in de tuin.
In de winter gaat het hele stel naar binnen, het is natuurlijk jammer als ze stukvriezen. En in het voorjaar bouw ik alles weer op. Dit jaar een beetje anders, want tot mijn ergernis daverde vorig jaar hond Lenny voortdurend door mijn speeltuintje als hij weer dacht dat de buren gingen barbecueën en trapte zo met z’n lompe poten alles ondersteboven. Huilende kabouterkindjes met gebroken armpjes en beentjes interesseerden hem totaal niet. Mij wel.
Nu heb ik het zo opgesteld dat hij er niet doorheen kan (hoop ik). En ik vond dat er best nog wat kaboutertjes bij mochten, dus ik was weer op zoek gegaan op internet. Je zal verbaasd staan hoeveel er verkrijgbaar is, en hoe raar! Een kabouterdominatrix. Een kabouter met een bebloed mes die een trol heeft onthoofd. Een kabouterpotloodventer. En nee, ik ben op dit gebied niet ruimdenkend, dus die komen er hier niet in.
En verder stapels en stapels kabouters met irritant opgewekte gezichtjes, veel te felle kleuren en de onvermijdelijke paddenstoeltjes. Die werden het ook niet.
Omdat ze een beetje bij elkaar moeten passen, mijn volwassen kabouters moeten zo tussen de 18 en 24 cm zijn, is de keuze soms een beetje beperkt, ik was dan ook heel blij dat ik zowel een gezellig vrouwtje vond als een mannetje met een fototoestel. Die had dan ook nog een solardingetje, leuk voor in het donker. Beide kaboutertjes besteld.

Ik kreeg mail: “Hartelijk dank voor uw bestelling, we gaan direct voor u aan de slag!” Je zou denken dat ze dat de kaboutertjes laten doen maar zo werkt het blijkbaar niet.
4 dagen later (ze waren toch direct voor me aan de slag gegaan?) weer mail. “Helaas is de bestelde kabouter met fototoestel niet op voorraad, zodra hij weer leverbaar is zullen wij hem versturen”
Prima, dan duurt het iets langer, geeft niet.
3 weken later weer mail: “Helaas is de kabouter niet meer te bestellen. Wilt u voor hetzelfde bedrag een alternatief bestellen?”
Och dat is jammer, maar niks aan te doen. Weer zoeken en de keus viel op een kabouter met een gieter. Ik had namelijk net een zonnebloem geplant en ik vond dat hij die wel kan verzorgen.“Hartelijk dank voor uw begrip en reactie, wij gaan direct voor u aan de slag”. Ja, dat had ik eerder gehoord.
2 dagen later mail: “Uw bestelling is verzonden, 1x kaboutervrouw met bloemen, 1x kabouterman met gieter”
Joepie. Gister kwam de postbode met een grote doos. Goeiendag, dat had wel een beetje minder gekund voor 2 kaboutertjes.

img-20200514-wa00114940416474722912872.jpeg

Ik pakte nieuwsgierig de doos uit. Meters pakpapier en 1 kaboutertje, het vrouwtje met de bloemen. Op de pakbon: 1x kaboutervrouw met bloemen, 1 x kabouterman met gieter.
Ik struinde voor de zekerheid nog door de enorme hoeveelheid pakpapier, maar geen kabouterman.
Klantenservice bellen!
“Hallo, waarmee kan ik u van dienst zijn?” Ik deed mijn hele verhaal over bestelling en alternatief en levering en het ontbreken van het alternatief terwijl hij wel op de pakbon staat.
“Dus die kabouter heeft u niet gekregen?”
“Nee”
“En die wilt u wel graag ontvangen?”
Werkelijk mens….. Nee hoor ik had zin om hem te bestellen maar ik hoef hem niet echt….
“Ja mevrouw, ik wil deze wel heel graag ontvangen.”
“O, ik begrijp het” ( dat waag ik te betwijfelen) “Ik ga hem weer ( weer?) voor u versturen.
“Dat zou fijn zijn”
“Heeft u verder nog vragen?”
Die had ik niet dus einde telefoongesprek.
Dezelfde middag mail: “Uw bestelling is zojuist verzonden”
Nogmaals joepie
Ik was benieuwd wat er verzonden was. Nog een keer de kaboutervrouw, of misschien toch nog de man met het fototoestel. Of alleen een gieter…. ik hield alle opties open.
Vandaag kwam de postbode, met een wat beschaafder formaat doos dan gister.
Bert pakte het pakketje aan en kwam met een blij ‘kijk eens?’ de kamer in. En liet vervolgens de doos uit z’n handen vallen.
Het zou toch niet waar zijn! Er rust blijkbaar geen zegen op deze kabouter.
Maar alles kwam goed! Er bleek bubbeltjesplastic om het ventje heengewikkeld te zijn zodat hij nog helemaal heel was èn het was degene met de gieter.
En nu staat hij mooi te wezen bij de zonnebloem.

img_20200515_154052287_hdr1344268555325874886.jpg

Einde van een uiteindelijk toch niet zo’n klein verhaal.
Beetje breedsprakig ben ik wel. Maar dat komt ervan als je graag over kaboutertjes vertelt.

Aardig

Vanmorgen ging ik de was strijken en vouwen. Ik kreeg ‘hulp’ van mijn opvangkindje van 15 maanden.
Als ik op een avond het strijkwerk had gedaan, was ik 4 x zo snel klaar geweest en had ik geen toverkunsten hoeven uithalen met het snoer van het strijkijzer. Maar dit was veel gezelliger.
En kindje was zo trots! Alle sokken die ik uit de mand had gezocht en op een stoel had gelegd om ze, als het strijkwerk klaar was, per paar te vouwen, deed hij één voor één weer in de mand.

img_20200512_1002470363859024072599058996.jpg

Met zo’n concentratie en zorgvuldigheid dat ik het hart niet had om te zeggen dat hij er af moest blijven, sterker nog, ik gaf hem een groot compliment. En zijn stralende koppie was toen weer een beloning voor mij.

Het is vaak helemaal niet zo moeilijk om aardig te zijn, zelfs als dat betekent dat je iets anders doet dan je voor jezelf gepland had. Als je een ander daarmee een goed gevoel geeft, dan word je daar zelf toch ook weer heel blij van?

Mijn oude vader stond een keer even na te denken in welke volgorde hij winkels zou bezoeken.
Tot zijn verrassing werd hij aangetikt door een meisje dat heel vriendelijk zei: “Kom maar meneer, ik zal u wel even helpen oversteken”. Ze hield hem stevig bij de arm en loodste hem door het drukke verkeer naar de overkant. “Dank je wel hoor, heel aardig van je”, zei mijn vader. “Graag gedaan hoor!” zei ze. Toen ze uit het zicht was stak mijn vader nogmaals over, weer terug naar zijn oude plek. Hij moest helemaal niet naar de overkant. “Maar”, vertelde hij, “dat kon ik toch niet tegen haar zeggen? Ze was zo lief! “

Mijn dochter Irene stond een keer met haar babyzoon in de draagzak onder de overkapping van de pui van de Hema , het regende pijpenstelen. Het zou nog 25 minuten duren voor de bus kwam, tijd genoeg om nog een broodje te kopen en even wat etalages te bekijken. Bij de broodjes stond een andere mevrouw die vroeg: “Waar moet u heen?” “Naar de bushalte, maar…”begon Irene maar ze kreeg de kans niet om haar zin af te maken. “Ik breng u en uw baby even naar de halte, komt maar onder de paraplu” . En daar gingen ze. Irene had zelf een paraplu in haar tas en wilde helemaal nog niet naar de halte maar ze vond het zo lief aangeboden dat ze braaf mee liep met mevrouw en haar vriendelijk bedankte. En pas weer terugging toen mevrouw in een andere bus was gestapt en weggereden.
Het was immers zo aardig geweest!

Het is leuk als mensen aardig tegen je zijn. Het geeft een fijn gevoel als ze je willen helpen, gewoon omdat ze dat sociaal vinden.
Je kan natuurlijk afwerend reageren en vertellen dat je het zelf allemaal wel kan. Maar is dat altijd ook echt nodig? Is het altijd erg dat je eigen plannen in de war raken? Welnee. Sociaal zijn is ook belangrijk! En dan kan je later je eigen plan wel weer oppakken. Met een blij gevoel ook nog eens.
Pa weer terug naar de overkant, Irene weer terug naar de Hema en ik?
Kindje ligt op bed en ik vouw rustig de sokken.

Tekenen

Schrijven doe ik al van kinds af aan. Maar voordat ik had geleerd om letters te schrijven was ik al met een andere hobby begonnen: tekenen. Mijn vader nam van zijn werk computerpapier mee. Grote kettingvellen, de ene kant met een of twee regeltjes onbegrijpelijke cijfertjes en lettertjes en de andere kant helemaal blanco. Het papier was afgedankt na gebruik en pa wist er wel een liefhebber voor. Stapels heb ik volgetekend, met figuurtjes van de Fabeltjeskrant en vooral met mijn lievelingsonderwerp: paarden. Ik tekende eindeloos paarden. Ik heb geen heel vroege tekeningen meer helaas, maar mijn nichtje Jorien stuurde me onlangs een foto van haar poëzie-album waar ik in getekend had. Paarden natuurlijk.

tekening

Op de kleuterleidsters-opleiding en later toen ik op school werkte, tekende ik veel voor kinderen. Ik was gek op bordtekeningen maken, het was natuurlijk nog de tijd van krijtborden.
Ik heb nooit tekenles gehad, dus ben altijd op een bepaald niveau blijven hangen. Soms maakte me dat niet uit, soms vond ik dat erg jammer omdat ik het idee had dat ik meer voldoening uit het tekenen kon halen als ik betere resultaten verkreeg. Het kan frustrerend zijn als je een beeld voor ogen hebt en je een heel eind komt omdat te realiseren, maar dan op het punt blijft steken waarop je niet weet hoe je het moet afmaken om het gewenste resultaat te krijgen.
Met tekenen was het net zo als met de andere dingen die ik graag doe: alles kan ik ‘een beetje’. Ik kan een beetje muziek maken, een beetje schrijven, een beetje handwerken, een beetje zingen en een beetje tekenen. In mijn hoofd zit, vooral met het tekenen en muziek maken, een drang om het heel goed te kunnen. Juist om dan die voldoening eruit te halen die ik zoek.
Ga dan een opleiding volgen, zou je zeggen. Goed punt, maar er zijn blijkbaar altijd andere dingen die voorrang hebben.
Een paar jaar geleden heb ik een tekentablet gekocht, voor aan de laptop. Dat opende al veel nieuwe mogelijkheden. Ik kon eindeloos uitproberen en aanrommelen zonder allemaal (duur) materiaal te verspillen. Maar het was wel moeilijk om de tekenprogramma’s te begrijpen. Er zijn in de beginfase heel wat tranen van frustratie vergoten.

Ik heb een heel leuke schoonzoon. En die weet heel veel van digitale techniek. Bovendien bof ik nog eens extra dat hij een groot geduld aan de dag legt om de niet aflatende stroom vragen van schoonmoe te beantwoorden als ze er weer eens niet uitkomt met het digitale tekengebeuren. Zo kwam ik uiteindelijk toch tot resultaten. Ik was er wel blij mee, ik was wel tevreden. Maar toch was er altijd nog de frustratie dat ik niet op ‘papier’ kreeg wat ik wilde.
Ok, dit was mijn limiet blijkbaar. Daar moest ik het gewoon mee doen.

Toch bleef er een onrust op tekengebied. Ik wou meer, maar wist niet hoe.
Schoonzoon dacht met me mee. En samen kwamen we er achter dat ik het echt een probleem vind dat de techniek van een tekentablet een tussenstap heeft die me beperkt. Ik teken op het tablet en zie het resultaat op mijn laptop. Mijn ogen zijn dus op een ander punt gericht als op de hand die tekent. En blijkbaar is dat voor mij een grote moeilijkheid, ook na veel oefenen. Het liefst wilde ik die tussenstap eruit hebben, ik zou willen tekenen zoals ik dat op een papier deed.
Hij had de oplossing, als ik daar een beetje in zou willen investeren. Als ik een iPad zou kopen en het speciale Apple tekenprogramma Procreate erbij, dan kon ik rechtstreeks tekeningen maken. Daar had ik wel oren naar.
Hij ging enthousiast voor mij op zoek naar de geschikte iPad en toen ik die gekocht had kreeg ik tot mijn verrassing de speciale Apple Pencil via de post toegestuurd. Cadeautje van mijn dochter. Zo lief!
Ik installeerde het programma en ging aan het uitproberen. Nou heeft Apple een ander systeem als de computers en laptops waarmee ik tot nu toe gewerkt had, dus het was (alweer) een eindeloze reeks vragen aan schoonzoon. Ik voelde me echt een enorme zeurkous, maar hij zei dat hij het niet erg vond.
Ik klungelde eerst wat zelf met het tekenprogramma en ging na een poosje tutorials volgen op YouTube. Ook dat ging niet zonder slag of stoot, want heel vaak had ik geen idee waar de tekenaar het over had, als hij snel wisselde van functies en penselen en tekenlagen, en met termen gooide waar ik werkelijk nog nooit van gehoord had. Dus zag ik totaal niet wat hij nou eigenlijk deed.
Nou ben ik een volwassen vrouw die zelfs al oma is, maar ik voel me op zo’n moment een heel klein onwetend kind die niets begrijpt van wat de grote mensen zeggen. En net als bij een kind zitten bij mij de tranen dan erg hoog, door een gevoel van machteloosheid en frustratie.
Maar daar is schoonzoon die me onvermoeibaar antwoordt, uitlegt, tips geeft en dingen voor me uitzoekt, zoals wat de juiste tutorials voor mij zijn.
En ja, eindelijk ga ik dingen begrijpen. Zie ik wat ik moet doen en weet ik dat ik, als ik vastloop, beter helemaal overnieuw kan beginnen dan eindeloos proberen uit te zoeken wat er fout ging en hoe ik het kan herstellen. Zie het maar als papier tot een prop in elkaar frummelen en weggooien en een leeg vel pakken voor een nieuwe poging.
Ik heb inmiddels een groot plezier gekregen in het tekenen op de iPad. En nu al, in die korte tijd dat ik hem heb, betere resultaten verkregen dan ooit. Ik moet het nog steeds zelf doen, het is niet zo dat het programma de dingen voor je tekent.
De tekeningen die ik nu gemaakt heb, zijn meest via tutorials. Op den duur zal ik zoveel geleerd hebben dat ik mijn eigen stijl kan gaan ontwikkelen.
Maar voorlopig ben ik hier ontzettend blij mee en best een beetje trots op!donut

konijn
bos

Met afstand

“Het nieuwe normaal” , zei Rutte van de week. Ik weet niet hoe het bij jullie is maar voor mij went het ten dele al aardig, maar vind ik het aan de andere kant moeilijk.
En dat ligt aan mijn karakter. Ik vind het helemaal prima om afstand te houden van mensen in het algemeen, mensen die ik niet of nauwelijks ken. Ik vermeed in ‘het oude normaal’ al grote groepen, drukte en als het even kon lichamelijk contact met mensen buiten mijn persoonlijke cirkel. Ik kan me bijna niets ergers voorstellen dan in het gedrang te staan, op elkaar gepakt tijdens een concert, voortgeduwd te worden in de massa van een stadse winkelstraat, of veel te dicht op elkaar te zitten/staan in een volle bus. Ik raak in paniek, voel me lichamelijk onwel worden en wil maar één ding: weg!
Dus die anderhalve meter die we nu allemaal aanhouden, daar heb ik totaal geen moeite mee. Geen gezanik meer met duwende mensen in de supermarkt, mensen die niet op zij willen gaan bij het elkaar passeren op de stoep en ook niet meer amicaal aangeraakt worden door mensen van wie ik dat helemaal niet wil.
Over het algemeen houdt iedereen hier zich er goed aan.

poster-afstand

Zojuist was ik met Lenny even lekker naar het honden-losloopbos in het Lauwersmeergebied. Normaal zie ik daar op een doordeweekse dag meestal (letterlijk) geen hond, in het weekend wordt het wat meer bezocht. Maar nu, voor alle thuiswerkers, is het een uitgelezen plek om even in je pauze een wandeling te maken en je hond te laten rennen. Dus vandaag kwamen we wel mensen en honden tegen. De mensen (ik ook dus) gingen netjes aan weerskanten van het pad lopen bij het passeren, dan haalden we de anderhalve meter afstand wel. De honden trokken zich er natuurlijk niks van aan, die hebben hun eigen regels. Meestal gaat het als volgt: even snuffelen, even spelen, en weer verder met de baas mee. Maar bij één hondje bleef Lenny wel erg lang plakken. Mijn doorlopen hielp niet, mijn roepen hielp niet, dus ik moest weer terug.
Mevrouw van het hondje: “Is het een reu?”
Ik, van anderhalve meter afstand: “Ja”.
Mevrouw: “Is hij gecastreerd?”
Ik: “Nee”.
Mevrouw: ”O, dan moet ik even ingrijpen, want mijn hondje is namelijk loops. En tegenwoordig zijn toch alle reuen gecastreerd?”
Pardon?Je gaat er van uit dat alle reutjes gecastreerd zijn, terwijl je je eigen teefje niet heb laten steriliseren en daarom laat je haar lekker vrij en loops rondstruinen in een losloopgebied? Wazig. Maar ik ben beleefd, dus dat zei ik niet hardop.
“Tja,” zei ik wel, “Je kan niet verwachten dat mijn hond nu anderhalve meter afstand houdt”
Ze zag er de humor niet van in. Lenny was helemaal hoteldebotel van verliefdheid dus die liet zich echt niet door mij afleiden. Stiekem gunde ik hem best een pleziertje, maar ik ging hem toch maar ophalen. En mevrouw deed werkelijk geen stap opzij. Mijn arm is geen anderhalve meter, (gelukkig maar, ik ben zelf 1.59 en dat zou best een raar gezicht zijn dan) dus ik moest veel te dicht bij haar komen om Lenny bij z’n halsband te kunnen pakken. Ik knarsetandde inmiddels. Dit was geen social distancing, dit was social lacking van mevrouw. Ik heb ook niet meer gegroet toen ik wegliep, met die arme hunkerende Lenny achterstevoren, aan z’n riem in het losloopgebied. Zodra het kon liet ik hem weer los en zorgde ervoor dat ik ze niet nogmaals tegenkwam.
Deze mevrouw hield ik liever op 1,5 km afstand.

Wat ik wel moeilijk vind, is het niet op bezoek kunnen gaan bij kinderen en kleinkind, ik mis ze verschrikkelijk. Gelukkig is er beeldbellen en hebben we veel contact via what’sapp. Ik heb altijd veel mitsen en maren bij de moderne technologieën maar ik ben er nu toch wel heel erg blij mee.
Gister stond ik bij het fornuis in de pannen te roeren en toen vielen er ineens een paar dikke tranen in de spaghettisaus. Ik vond  zo moeilijk dat ik die lieverds allemaal niet zou zien met  Pasen. We hebben echt niets te klagen, ik weet dat een heleboel mensen het nu veel en veel moeilijker hebben. Die nu erg ziek zijn, of voor altijd iemand moeten missen. Wij hebben persoonlijk geen ellende met het coranavirus. Geen zieken in onze directe omgeving, geen extra kwetsbare mensen. Het enige waar wij mee te maken hebben zijn de maatregelen. Ik ben blij en dankbaar dat wij de eerste maanden van onze lieve kleinzoon van zo heel dichtbij hebben meegemaakt, dat wij hem heel vaak hebben kunnen vasthouden en knuffelen. Als hij in deze tijd geboren zou zijn, had dat allemaal niet gekund.
Als hij mij nu op het scherm ziet met beeldbellen verschijnt er een brede lach en komt er een heel da-da-da verhaal. De band hebben we al op kunnen bouwen.
Maar om hem nu niet even te kunnen vasthouden, is moeilijk. Evenals niet de kinderen een knuffel te kunnen geven, samen een drankje te doen, gezellig samen te eten. Ik mis ze.
En daarom werd er opeens wat extra zout toegevoegd aan de spaghettisaus.
Maar daarna was het ook weer over. Even een traantje laten en klaar weer.
We zouden met elkaar gaan Paasbrunchen. Maar nu gaan we beeldbrunchen en het lijkt me erg leuk. Je wordt vanzelf creatief met ideeën.
Zo zou ik met mijn dochter naar de show van Fred van Leer gaan. Ging niet door natuurlijk. Maar Irene bedacht een heel leuk alternatief: zij ging, met een door mij vastgesteld budget, shoppen voor mij, zonder dat ik enig idee had wat ze voor me zou kiezen. Zo zou ik niet in mijn veilige maar ook wel saaie stijl blijven hangen, maar koos zij eens andere dingen. Out of the box (waarom klinkt: ‘Uit de doos’ zo raar?)
En het was leuk! Gister kwam er een heel pakket, ik had een discrete pas-sessie online en de meeste kleding was leuk, zat lekker en stond goed. Ik ben er blij mee en doe met Pasen een nieuw jurkje aan, ook al zijn we ‘maar’ met z’n tweeën thuis, Bert en ik.
Mijn zus ging met me videobellen, dat was ook leuk. Ik ben eigenlijk een heel slechte beller maar met beeld erbij gaat het veel makkelijker!

Ik heb een paar dagen vrij nu, en dat is best lekker. Maar ik mis ook wel de kinderen van de opvang. Een paar komen hier nog wel en daar hou ik geen anderhalve meter afstand van. Uiteraard is dat uit praktisch oogpunt al onmogelijk, maar hoe wil je een baby of een peuter goed verzorgen zonder dat je hem/haar een knuffel geeft, optilt, een aai over de bol geeft, op schoot neemt?
De ouders en ik houden onderling wel automatisch afstand en ik heb nog nooit zo vaak deurklinken en lichtknopjes gepoetst als deze weken.
Het is een vreemde tijd.
Je gaat even iets bij je schoonzusje brengen, blijft op een afstand staan en strekt je arm zover mogelijk uit , dat doet  zij ook en zo kan ze het aanpakken. Niet even samen een kopje koffie, ook al woon je zo dicht bij elkaar , maar een gesprekje met een tuinpad ertussen.
Als de pakketbezorger hier iets komt afleveren zet hij/zij het pakje een stukje bij mij vandaan op de grond en doet dan weer een aantal stappen terug. En als hij ver genoeg weg is kan ik het pakje pakken. Het heeft wel wat komisch, alsof er een gevaarlijk dier gevoerd wordt ofzo. Ik steek er de gek niet mee, ik vind het serieus knap dat de bezorgers juist in deze tijd zo hard werken terwijl ze met zoveel mensen in aanraking komen.

Zou het ‘oude normaal’ nog terugkomen? Of wordt het ‘nieuwe normaal’ op den duur normaal.
Bezoekjes en een knuffel voor degenen van wie je houdt wil ik wel weer terug.
Beetje afstand houden van anderen wil ik wel prolongeren.
Wat van mij helemaal mag wegblijven zijn De Drie Zoenen. Daar heb ik altijd al een hekel aan gehad en doe er alleen aan mee omdat ik mensen niet in verlegenheid wil brengen door me na één zoen terug te trekken terwijl de ander zich nog naar voren buigt voor een tweede en derde.
Maar ik vind het zo’n rare en onnodige gewoonte. Eén zoen en dan klaar hoor. Die ene zoen vertelt al dat ik diegene extra aardig vind en daar hoeven er niet plichtmatig nog twee achteraan.
Ik vind dit een uitgelezen gelegenheid om, nu de drie zoenen toch al afgeschaft zijn, dit niet opnieuw aan te wennen.
Mee eens?

Laag pitje

Niet veel onderwerpen om over te schrijven nu, voor Daagse Dingen. Iedereen is immers met hetzelfde bezig momenteel. Alles wat gezegd moet worden over het corona-virus is gezegd en helaas ook veel wat helemaal niet gezegd had moeten worden.
Voor wat dat laatste betreft wil ik social media voor mezelf wel gesloten houden. Ben helemaal klaar met alle onnodige sensatie, het nepnieuws en de reacties daarop. Het is allemaal al ernstig genoeg zonder dat we elkaar de stuipen op het lijf jagen met onwaarheden en haatzaaierij.
Ik open facebook nog voor mijn suffe, maar ontspannende, drie-op-een-rij spelletje en om een beetje in contact te blijven met mijn familie en vrienden. Helaas zit er geen categorieën- knop op facebook zodat ik wel alle shit onder ogen krijg die ik niet wil zien. Ik heb geen idee waarom mensen erop kicken om akelige berichten te verzinnen en te verspreiden, maar heb ook geen zin om me daarin te verdiepen.
Wat nuttig is, wil ik via de officiële kanalen halen en voor mij is dat meer dan voldoende. Niet om oogkleppen op te zetten. Maar om normaal te kunnen blijven denken en geen onnodige geestelijke energie te verspillen.
Ik haal ’s ochtends altijd de krant uit de brievenbus en lees de soms de koppen. Heb er al vaker over geschreven dat de overload aan nieuws me geen goed doet. (Hoe dan?)
Vandaag staat er een mooi woord in de krant. Infodemie.
Dat dekt voor mij precies de lading.
De corona-pandemie wordt, als iedereen zich aan de regels houdt, gecontroleerd verspreid om de gevolgen zo beperkt mogelijk te houden. De infodemie helaas niet, die klauwt ongebreideld om zich heen. Gevaarlijk. Doodeng.

Terwijl ik dit typ zitten er ook 2 jongens aan tafel, ze maken het schoolwerk van groep 5 en 7. Ze vragen hulp als ze er niet uitkomen, ik mag weer even juf zijn. Gister verzorgde ik babies en werkte ik met een kleuter over het schoolthema ‘kriebelbeestjes’.
Een aantal kinderen komt hier een poosje niet, hun ouders werken niet in de zogenaamde cruciale beroepen. Alles is anders, het lijkt haast een beetje verstild, ook al heb ik nu uitsluitend dagopvang en genoeg te doen. Mijn werk is niet zo hectisch en indringend als dat van de ouders die in de zorg werken, maar ik ben blij dat ik er voor hen kan zijn, door hun kinderen op te vangen.
Ik ben al jaren lang gewend om thuis te werken natuurlijk, maar toch is dit totaal anders.
Voor mijn werk heb ik een kast vol speelgoed voor alle leeftijden. En van de week zag ik ineens wel de humor in van het constructiemateriaal ‘bunchems’ waar zo graag mee gespeeld wordt.  Want zeg nou zelf:

img_20200324_0947441506627729133539142644.jpg
Ik kijk er nu ineens heel anders tegenaan en dat zal waarschijnlijk nooit meer veranderen.
Nee het corona-virus is niet iets om grappen over te maken. Maar wat mij betreft mag een beetje milde humor wel.

 

Nederlands

Nu ik zoveel schrijf, niet alleen in blogs maar ook op andere manieren, merk ik veel meer op hoe onlogisch de Nederlandse taal is. Vooropgesteld dat ik het echt een leuke taal vind met heel veel mogelijkheden tot creativiteit en sfeertekening, kan ik me over sommige dingen echt verbazen. Hoe zijn bepaalde regels ontstaan?
Ik zoek vandaag, heb gisteren gezocht. Maar als ik vloek heb ik niet gisteren gevlocht. Ik loop en heb gelopen. Ik koop, maar heb niet gekopen.
Het is een vreselijk ingewikkeld systeem met zogenaamde sterke en zwakke werkwoorden wat je maar gewoon uit je hoofd moet leren, want begrijpen kan je het toch niet:
Ik slijp- ik heb geslepen; ik knijp–ik heb geknepen; ik pijp-ik heb gepepen. Of niet.

We eten een kippenei, een eendenei, maar niet een struisvogelsei, dan heet het ineens struisvogelei.
Terwijl dat laatste juist logisch is, want je eet immers het ei van 1 vogel . Je zondagse eitje is niet het product van meerdere kippen. Het zou dus een kipei moeten zijn.
Daarentegen drinken we koemelk, maar dat is juist een mengsel van de melk van vele koeien. Dus dat is weer precies andersom verkeerd.
Als ik een karbonaadje eet, is dat varkensvlees. Klopt niet, het is vlees van 1 varken. Maar we zeggen niet varkenvlees. Dat doen we wel bij rundvlees. Dan mag het ineens wel, de biefstuk is van 1 rund.

Nog even over die melk. We hebben dus koemelk, maar geen geitmelk of schaapmelk.
Wat wel enkelvoud is, is moedermelk. Wat eigenlijk een pleonasme is. Want melk (de plantaardige soorten die we ook melk noemen, maar geen melk zijn buiten beschouwing gelaten) is altijd moedermelk, alleen bestemd voor verschillende soorten babies. Het zou dus eigenlijk mensmelk moeten heten. Of vrouwmelk, want we zeggen ook geen rundmelk. Maar we evenmin hebben we het over ooimelk. Volgen we het nog een beetje?

Dan is er de inconsequentie waar al vaak grappen over gemaakt zijn:
Als olijfolie van olijven gemaakt is, waar is babyolie dan van gemaakt….
In mijn werk heb ook zoiets. Ik ben gastouder en wat ik bied wordt gastouderopvang genoemd. Maar ik vang helemaal geen gastouders op, ik vang kinderen op. En daarom run ik een kinderopvang.
Het ‘van’ en ‘voor’ wordt in het Nederlands lustig door elkaar gebruikt. Kan erg verwarrend zijn.
Ik wil het ook nog even over voorvoegsels hebben.
Boerensoepgroente. Wat moet ik me daarbij voorstellen? De soepgroente die boeren gebruiken? Is dat dan anders dan de soepgroente die mensen die geen boer zijn gebruiken? Zo raar. Naast de boerensoepgroente ligt dan de fijne soepgroente. Het lijkt wel iets uit het feodale tijdperk.
Huisgemaakt. In welk huis? Is het een vertaling van Home-made? Dan moet het thuisgemaakt zijn maar ik denk niet dat een kok thuis de boel staat te koken en dan meeneemt naar het restaurant. Dan moet het dus eigenlijk restaurantgemaakt zijn. Maar dat klinkt blijkbaar niet aantrekkelijk genoeg.
Versgebakken brood. Hoe wou je het anders doen. Oudbakken brood bestaat wel natuurlijk maar dat is niet oudgebakken brood.

Nederlands schijnt voor anderstaligen een moeilijke taal te zijn om te leren. Misschien door het gebrek aan logica.
Vandaag BEN ik, gisteren WAS ik … hoe moet je dat nou weten? Niet verwonderlijk dat een kind rustig zegt: “gister bende ik bij oma geweest”. En geweest is dan ook nog eens het voltooide deelwoord van wezen. Dus “ik was geweest” is sowieso al dubbelop. Waarom moet dat.
Je las ook niet deze blog geleest.

 

vlag

Voor de duvel niet bang!

Het voelt bijzonder: een boekje in ontvangst nemen waar je eigen naam op staat. En dan niet eentje die je helemaal zelf in elkaar geknutseld hebt en via printing -on -demand hebt verkregen, maar een van een echte uitgever met een echte oplage. Het voelt niet alleen als een erkenning, het is het ook. En heb ik die erkenning nodig? Blijkbaar wel, want ik ben echt trots. In Schrijven heb ik verteld over de schrijfwedstrijd ‘Hier, Toen en Nu’ en dat mijn verhaal als een van de tien winnaars uit de bus kwam.
En gisteren was dan de langverwachte uitreiking van de bundel! De titel ‘Voor de duvel niet bang’ vind ik erg goed gekozen, het thema is ‘sagen en legenden’ en daar komt vaak de duivel bij te pas.
Ik was uitgenodigd om met een introducee naar Arnhem te komen op 15 februari om 13.00 u. en dat was alles wat we wisten. Spannend! Natuurlijk was Bert mijn gezelschap en als extraatje ging onze hond Lenny (ik had toestemming gevraagd) ook mee.
We kenden niemand van de genodigden en ook de uitgevers niet, maar het was direct duidelijk waar we moesten wezen, er stond al een groepje mensen te wachten en dat kon eigenlijk niet anders dan ‘onze’ groep zijn. Ik weet niet precies waarom, schrijvers zien er echt niet herkenbaar uit, maar het klopte wel.

Het was verrassend, want we bleken naar de historische kelders van Arnhem te gaan. Ik wist van het bestaan niet af, maar omdat ik van geschiedenis hou kon ik wel erg enthousiast worden over deze locatie. Onder leiding van een gids maakten we eerst een tourtje bovengronds en konden we op verschillende plekken zogenaamde ‘koekoeks’ zien, ingangen naar de kelders. De gids vertelde over de verschillende gebouwen en winkels, waar de kelders onder lagen. Daarna gingen we onder de grond.
Die arme Lenny moest een voor hem doodenge trap af: een metalen met open treden. Maar hij deed het toch maar, kleine dappere kerel. Gelukkig was dat het enige moeilijke voor hem, de rest kon hij gemakkelijk en hij gedroeg zich voorbeeldig.

Op deze site kan je meer over de geschiedenis van de kelders lezen!
Tevoren was ik een beetje ongerust, ik voel me snel opgesloten, zeker als de ruimte smal en donker is. Maar zowel de kelders als de toegangen waren ruim en licht genoeg, zodat ik er echt van kon genieten. De oude stenen, nisjes en richels vond ik erg mooi en het was een sfeervolle plek om er met deze groep schrijvers te zijn.

Aan het eind van de rondleiding was in een grotere kelder de uitreiking van de verhalenbundel. De historische en wat geheimzinnige locatie paste zo goed bij het thema van het boek! Immers had ieder verhaal , dat in het heden speelt, een sage of legende uit de geschiedenis als onderwerp.
Het is een erg mooi en divers boekje geworden en ik ben zo blij dat ik er ook aan mocht bijdragen. Voorin de bundel staat een kaart van Nederland met daarop aangegeven waar de verhalen zich afspelen.

img_20200216_1049475278293603247283119692.jpg
Er zijn bekende en minder bekende legenden gebruikt en die zijn in elk verhaal op een boeiende en originele manier verwerkt.
Ieder schrijver werd even naar voren geroepen en kreeg het boekje persoonlijk uitgereikt. En zoals ik al zei voelt het heel bijzonder om een fysiek boek in je handen te hebben waarbij jouw eigen naam op de kaft staat en waarin je het verhaal wat je zelf bedacht hebt, gedrukt ziet staan.
Ik moest het ook echt even op me laten inwerken, maar voelde me echt heel feestelijk.
Na afloop ging iedereen weer haars- en zijns weegs, net zoals de verhalen kwamen de schrijvers uit heel Nederland.
Bert en Lenny en ik zochten nog even een gezellig cafeetje op, waar we samen proostten, Bert en ik met een speciaalbiertje, Lenny met water, en ik het boekje nog eens doorbladerde en gewoon even genoot van het speciale gevoel.img-20200215-wa00013097674412706189156.jpg
Thuis zou ik de verhalen gaan lezen, benieuwd naar wat al mijn mede-schrijvers hadden bedacht.
Ben je ook nieuwsgierig geworden?
Het boekje is verkrijgbaar via de uitgever: 18.02 publishing en in de (online) boekhandels.

Als de merel zingt

Dat klinkt als de titel van een ‘witte raven pocket’ , geschreven door Leni Saris of Sanne van Havelte. Stapels heb ik er gelezen vroeger, de meeste waren van mijn grote zus. Maar ik haalde ze ook uit de bibliotheek. “Roman voor oudere meisjes” stond er dan ook nog bij. Het ging altijd over liefde natuurlijk. En verder was het erg braaf, tegenwoordig zouden we bij zo’n classificatie, “voor oudere meisjes”,  iets anders verwachten.
Maar ik dwaal af. Direct al, terwijl ik nog niet eens aan mijn verhaal begonnen ben.
De afgelopen dagen zijn grijs, koud, stormachtig en grauw geweest. Weer om alleen naar buiten te gaan als het niet anders kon.
Vandaag lijkt het anders te zijn. Ik heb de gordijnen weliswaar nog dicht, ik hoef vanmorgen niet zo vroeg aan het werk. Maar ik zie het zonlicht er al doorkomen.
En ik hoor zo’n mooi geluid! Een merel zit ergens in de achtertuin te zingen.
Het lied van de merel vind ik misschien wel het mooiste geluid wat er is.

De ijle heldere melodie, die niet na te zingen is en door geen andere vogel zo gezongen wordt, ontroert me altijd en roept een onbestemd verlangen op. Waar ik op dat moment ook mee bezig ben en hoe ik me ook voel, als ik een merel hoor zingen word ik gelukkig.
Herinneringen en associaties komen op. Momenten dat ik me zo gelukkig voel en voelde.

Als kind, in een schoon bed na een zomerdag, de merel zong voordat ik in slaap viel.
Een frisse ochtend van een dag waarop nog van alles kan gebeuren, terwijl de merel zingt in de top van de esdoorn.
In de schemering van de avond, het silhouet van een merel op de nok van het dak, zijn lied klinkt zo prachtig en krachtig uit dat kleine keeltje. Afscheid van de dag.

Er zijn al weer meer vogels te horen, het is bijna voorjaar. De koolmees met zijn simpele lieve liedje, de musjes met hun melodie-loze gekwetter, de houtduif met zijn haast weemoedige gekoer.
Het maakt me allemaal blij. Maar het allermooiste klinkt het als de merel zingt.
Een geluksmoment.

artworks-000329875446-iedrcv-t500x500   (foto: Soundcloud)

Toezegging

Hartelijk dank voor uw email/aanmelding/reactie/verzoek/ gesprek. U krijgt binnen enkele dagen antwoord/reactie/uitleg.

‘Enkele dagen’ is blijkbaar een erg rekbaar begrip want na drie weken is er nog steeds geen antwoord.

Komt dit je bekend voor? Aan de ene kant hoop ik van niet, want dat scheelt een heleboel ergernis en verspilde energie.
Aan de andere kant hoop ik van wel, omdat dat zou betekenen dat ik niet de enige ben. Want dat zou impliceren dat ik best genegeerd kan worden omdat het allemaal niet zo belangrijk is wat ik te melden/te vragen/te bieden heb.

Helaas is voor mij in ieder geval het uitblijven van een reactie geen uitzondering. Het gebeurt veel te vaak dat er toezeggingen worden gedaan die niet nagekomen worden.
Het kan altijd gebeuren dat er iets tussenkomt in de planning. Maar laat dat dan weten!
Is het zo’n moeite om even te laten weten dat een inhoudelijke reactie wat later komt dan gedacht, dat een afspraak door wat voor reden ook niet nagekomen kan worden? Dan weet ik tenminste waar ik aan toe ben en voel ik me niet genegeerd. En doe anders gewoon geen toezegging!
Ik vind het echt zo onfatsoenlijk om iemand niet te laten weten dat iets niet doorgaat, dat iets verlaat is, iets veranderd is.
tenor

Wat wil ik met deze blog bereiken? In ieder geval mijn eigen frustratie van me af  schrijven. Ik heb niet de illusie dat ik hier een (bedrijfs)cultuur mee kan veranderen, hoe graag ik dat ook zou willen.
Maar mocht het zo zijn dat toch iemand die het aangaat dit stukje leest: het kan heus wel anders!
Ik heb namelijk ook maken met een bedrijf waarvan iemand me netjes liet weten dat een reactie een week later zou komen dan gepland, die me sindsdien hoogte houdt van de voortgang en mij op een correcte manier behandelt. Maar het is toch idioot dat zoiets een uitzondering is!
Ik vraag geen moeilijke dingen en ik ben niet de belangrijkste en ik heb het volste begrip als er zaken tussendoor komen die urgenter zijn. Maar ik wil niet genegeerd  of aan het lijntje gehouden worden.
Doe geen toezeggingen die je niet waar kunt of wilt maken. Dat werkt alleen maar averechts.
(gif:Tenor)