Als de merel zingt

Dat klinkt als de titel van een ‘witte raven pocket’ , geschreven door Leni Saris of Sanne van Havelte. Stapels heb ik er gelezen vroeger, de meeste waren van mijn grote zus. Maar ik haalde ze ook uit de bibliotheek. “Roman voor oudere meisjes” stond er dan ook nog bij. Het ging altijd over liefde natuurlijk. En verder was het erg braaf, tegenwoordig zouden we bij zo’n classificatie, “voor oudere meisjes”,  iets anders verwachten.
Maar ik dwaal af. Direct al, terwijl ik nog niet eens aan mijn verhaal begonnen ben.
De afgelopen dagen zijn grijs, koud, stormachtig en grauw geweest. Weer om alleen naar buiten te gaan als het niet anders kon.
Vandaag lijkt het anders te zijn. Ik heb de gordijnen weliswaar nog dicht, ik hoef vanmorgen niet zo vroeg aan het werk. Maar ik zie het zonlicht er al doorkomen.
En ik hoor zo’n mooi geluid! Een merel zit ergens in de achtertuin te zingen.
Het lied van de merel vind ik misschien wel het mooiste geluid wat er is.

De ijle heldere melodie, die niet na te zingen is en door geen andere vogel zo gezongen wordt, ontroert me altijd en roept een onbestemd verlangen op. Waar ik op dat moment ook mee bezig ben en hoe ik me ook voel, als ik een merel hoor zingen word ik gelukkig.
Herinneringen en associaties komen op. Momenten dat ik me zo gelukkig voel en voelde.

Als kind, in een schoon bed na een zomerdag, de merel zong voordat ik in slaap viel.
Een frisse ochtend van een dag waarop nog van alles kan gebeuren, terwijl de merel zingt in de top van de esdoorn.
In de schemering van de avond, het silhouet van een merel op de nok van het dak, zijn lied klinkt zo prachtig en krachtig uit dat kleine keeltje. Afscheid van de dag.

Er zijn al weer meer vogels te horen, het is bijna voorjaar. De koolmees met zijn simpele lieve liedje, de musjes met hun melodie-loze gekwetter, de houtduif met zijn haast weemoedige gekoer.
Het maakt me allemaal blij. Maar het allermooiste klinkt het als de merel zingt.
Een geluksmoment.

artworks-000329875446-iedrcv-t500x500   (foto: Soundcloud)

Een stormachtige dag

Afgelopen zondag mag dan het hoogtepunt geweest zijn van storm Ciara, gister was ze voor mij veel meer merkbaar.
Zondag hadden we een comfortabele, knusse dag binnen, de enige stormschade was dat de opgevouwen parasol nu nog alleen een geraamte is en dat de doek ergens heen op reis is gegaan. Maar voorlopig hebben we toch geen parasol nodig.
Maandag was ik op de bakfiets met regenkap erop naar school geworsteld en op de terugweg zowat voorbij mijn huis geblazen, maar verder ging het wel.
Maar gister was het een nare dag.

Gisterochtend ging Bert zoals iedere ochtend de ‘buitenbeestjes’ voeren en toen hij weer binnen kwam zei hij: “Dat is niet zo mooi, het hek van de konijnenren is opengewaaid en iedereen is weg”
’s Avonds voor we gaan slapen worden de konijntjes altijd nog even bijgevoerd en waarschijnlijk was de grendel niet goed gesloten geweest.
Bert legde wortels in de ren en daar kwamen Sunny, Toby en Rhos aan en huppelden de ren weer in. ‘Oost, west, thuis best’ geldt blijkbaar ook voor konijnen. Behalve voor Kira. Kleine, wilde, schuwe, mega-snelle Kira was nergens te zien.
We moesten aan het werk, we konden niet verder zoeken. Wel liep ik om de haverklap naar buiten en op een gegeven moment zag ik haar zitten bij de ren. Ik wilde de deur voor haar gaan openmaken maar ze flitste al weer weg. Een kiertje door tussen de schutting en de kippenren, zo de straat op. Ik had er weinig hoop op dat ze nog bij ons terug zou komen. Niemand zou haar kunnen pakken, haar reflexen zijn nog sneller dan die van een vlieg.
Toby zat voortdurend op de uitkijk zag ik, Kira werd gemist. Het ontroerde me.

In de loop van de ochtend ging de bel. Er stond een jongen van een jaar of 16 voor de deur. Ik hoopte direct dat hij Kira gevonden had, maar tot mijn verrassing zei hij: “Jullie hebben witte kippen toch? Er zit er eentje aan de overkant van de straat om de hoek!”
Ik ging gauw mee kijken en inderdaad, in de gemeentetuin zat een kip van ons. Heel ongelukkig in elkaar gedoken, ik kon haar zo pakken. Ze kan maar een klein beetje vliegen, hier had duidelijk de wind een grote rol in gespeeld. Arm beestje, ze was helemaal confuus. Je zal maar wegwaaien.

img_20200211_103209112_burst000_cover_top5727807130701474890.jpg
Uiteraard bedankte ik de jongen, dat hij de moeite had genomen om dit aan me te melden, terwijl hij eigenlijk onderweg was naar de sportschool. Kip had verder niks en kon weer terug naar haar zusjes. Ik voelde me erg stom dat ik haar nog niet gemist had, maar ik zit niet de hele dag kippen te tellen.
Kira was in geen velden of wegen te bekennen, helaas. Het was zulk slecht weer, hagelbuien, regenvlagen, waar zou die arme meid toch kunnen zijn, had ze wel een schuilplek?

Ik keek door het raam en zag op het zelfde moment de bonte specht aankomen, die wel eens op de stam van de acaciaboom komt zitten. Dat wilde hij nu ook doen maar hij werd gegrepen door een windvlaag zodat hij de stam miste en met een enorme klap tegen het raam werd geslagen. Hij viel in de plantenbak onder het raam en bleef roerloos liggen. Och stakkertje! Ik rende weer naar buiten en pakte hem op. Ik voelde zijn hartje kloppen maar hij was finaal buiten westen.

img_20200211_1247406493985938220049057096.jpg
Gelukkig kwam hij binnen op een gegeven moment weer bij (“Nee Lenny, het is geen speelgoed!”) en toen hij helder genoeg leek zette ik hem achter het huis in de klimhortensia tegen de muur, die wat beschut was tegen de wind.

img_20200211_124956918_hdr4784945723300300276.jpg

Na een poosje vloog hij weg, gelukkig. Was Kira alweer ergens te zien? Nee, helaas niet. Lenny mocht nu niet in de tuin, jachthonden en loslopende konijnen zijn niet zo’n goede combinatie. Sorry hondje. Waren de kippen er allemaal nog? Ja, gelukkig.

Toen ik de kinderen uit school had gehaald, lopend deze keer, zag ik Kira zitten! Onder het speelhuisje zat ze nat en ineengedoken in het gras. Ach wat was ze klein en angstig. Als ik het nou goed aanpakte wilde ze misschien de ren wel in. Toby zat immers nog steeds op de uitkijk. Ik zette een grote kist voor de kier in de schutting, de deur van de ren een stukje open en naderde haar vanaf de andere kant, dan zou ze als ze wegrende langs de open deur komen en hopelijk naar Toby gaan. Ze rende inderdaad weg, maar vloog in volle vaart langs de ren, zweefde als een lichtbruine flits over de kist heen alsof ze vleugels had en verdween nogmaals de straat op. Dit werd niks. Ik sloot de deur van de ren weer en besloot een vangkooi te bestellen die dezelfde dag nog bezorgd kon worden. Misschien konden we Kira verleiden om daarin te gaan vannacht.
Toen Bert thuiskwam ging hij natuurlijk ook kijken, maar ze was nergens te zien. Toby was intussen afgelost door Rhos, die ging nu wachtlopen. Zo mooi van die kereltjes.
Onder het eten kreeg ik het zo te kwaad. Hoe moest het nou met dat kleine konijn, zo wild en toch niet in staat om voor zichzelf te zorgen. Wat als ze wel in de vangkooi ging maar dan vannacht overgeleverd was aan hagel en storm en dan natuurlijk doodsbang was omdat ze niet kon schuilen. Ciara spreek je hetzelfde uit als Kira, maar haar naamgenoot bracht haar alleen maar ellende.

Na het eten ging Bert wat afval in de container gooien. Hij bleef wel wat lang weg, maar ik nam aan dat hij nog even was gaan zoeken. Toen hij weer binnenkwam en zijn beregende bril besloeg, zei hij: “Kira is weer thuis!”
Ik vloog hem om de nek, zo enorm blij en opgelucht! Bert had haar zien zitten bij de ren en de deur een stukje opengezet. Toen achter haar langs gelopen en ze was niet weggerend. Ze huppelde rustig naar binnen. Eindelijk voelde ze geen drang meer om te vluchten, maar had haar verlangen naar beschutting en gezelschap de overhand. Toch voor haar ook ‘Oost, west, thuis best”!
Ik pakte appels en wortels en ging naar buiten.

Daar zat ons hele stel, de andere konijnen zaten om Kira heen. Ik heb al vaker gezegd dat het intelligente en gevoelige dieren zijn en dit bevestigde dat. Ik kon ze bijna horen: ‘Joh, waar was je nou, we waren zo ongerust!’ Ik gaf het eten, ze hadden wel een feestmaal verdiend na deze nare dag.
De vangkooi werd nog bezorgd, maar ik was zo dankbaar dat die nu niet nodig was.

Vannacht om 1 uur werd ik wakker, door het lawaai van storm en hagel.
Mijn eerste gedachte was: Kira is gelukkig thuis. Die zat heerlijk veilig, warm en droog in het hol met de anderen.
De kippen waren op stok, ook veilig. Hopelijk heeft de specht ook een goede plek gevonden.

Het is vandaag wat rustiger buiten. Misschien is Ciara nu dan eindelijk overgewaaid.

img_20190819_2000115437280236487272843543.jpg

 

 

Toezegging

Hartelijk dank voor uw email/aanmelding/reactie/verzoek/ gesprek. U krijgt binnen enkele dagen antwoord/reactie/uitleg.

‘Enkele dagen’ is blijkbaar een erg rekbaar begrip want na drie weken is er nog steeds geen antwoord.

Komt dit je bekend voor? Aan de ene kant hoop ik van niet, want dat scheelt een heleboel ergernis en verspilde energie.
Aan de andere kant hoop ik van wel, omdat dat zou betekenen dat ik niet de enige ben. Want dat zou impliceren dat ik best genegeerd kan worden omdat het allemaal niet zo belangrijk is wat ik te melden/te vragen/te bieden heb.

Helaas is voor mij in ieder geval het uitblijven van een reactie geen uitzondering. Het gebeurt veel te vaak dat er toezeggingen worden gedaan die niet nagekomen worden.
Het kan altijd gebeuren dat er iets tussenkomt in de planning. Maar laat dat dan weten!
Is het zo’n moeite om even te laten weten dat een inhoudelijke reactie wat later komt dan gedacht, dat een afspraak door wat voor reden ook niet nagekomen kan worden? Dan weet ik tenminste waar ik aan toe ben en voel ik me niet genegeerd. En doe anders gewoon geen toezegging!
Ik vind het echt zo onfatsoenlijk om iemand niet te laten weten dat iets niet doorgaat, dat iets verlaat is, iets veranderd is.
tenor

Wat wil ik met deze blog bereiken? In ieder geval mijn eigen frustratie van me af  schrijven. Ik heb niet de illusie dat ik hier een (bedrijfs)cultuur mee kan veranderen, hoe graag ik dat ook zou willen.
Maar mocht het zo zijn dat toch iemand die het aangaat dit stukje leest: het kan heus wel anders!
Ik heb namelijk ook maken met een bedrijf waarvan iemand me netjes liet weten dat een reactie een week later zou komen dan gepland, die me sindsdien hoogte houdt van de voortgang en mij op een correcte manier behandelt. Maar het is toch idioot dat zoiets een uitzondering is!
Ik vraag geen moeilijke dingen en ik ben niet de belangrijkste en ik heb het volste begrip als er zaken tussendoor komen die urgenter zijn. Maar ik wil niet genegeerd  of aan het lijntje gehouden worden.
Doe geen toezeggingen die je niet waar kunt of wilt maken. Dat werkt alleen maar averechts.
(gif:Tenor)

Voor Neo

Lieve Neo, vanmorgen lag je zomaar dood in de ren. De andere konijnen scharrelden niet rond, ze scholen met z’n vieren bij elkaar, alsof ze om je rouwden.
Kereltje, ik rouw ook om jou. Omdat ik zo heel graag had gewild dat je langer van je oude dag had mogen genieten.
Je was hier nog maar drie maanden. Je was gedumpt in het Lauwersmeergebied. Daar wonen geen mensen, dus het is onmogelijk dat je daar zelf naar toe gelopen bent na een eventuele ontsnapping. Een wandelaar vond je en nam je mee, in eerste instantie met goede bedoelingen. Maar ook te impulsief want hij liet je nogmaals aan je lot over. Een aardige vrouw kon dat niet aanzien en heeft zich over je ontfermd en haar best gedaan om een goed huis voor je te vinden. Een tam konijn heeft immers nooit geleerd om voor zichzelf te zorgen.
Toen kwam je hier, wij konden je zowel konijnengezelschap, als ruimte, als bescherming en verzorging geven.
Ik ben met je naar de dierenarts geweest, je was zo zwak. Ze schatte in dat je een jaar of 5 was, al aardig een senior.

img_20191029_1839260011125480853246644918.jpg
Je kwam er weer helemaal bovenop en de kennismaking met de andere konijnen verliep heel goed. Al snel had je je eigen plekje in de groep en wij zagen je zo graag. Eerst verscheen dan je witte neusje uit het hol en dan kwam je helemaal tevoorschijn. Je was nieuwsgierig en aanhankelijk, we waren zo blij met jou.
En nu ben je er zomaar niet meer. Ik ben vreselijk verdrietig dat je maar zo kort van dit nieuwe leven hebt mogen genieten. Ik ben zo bang dat je jarenlang in je eentje in een hokje hebt gezeten tot je eigenaars je zat waren en van je af wilden. Ze hadden niet eens het fatsoen om je naar een opvang te brengen, maar ze dankten je af. Het is zo’n afschuwelijk idee, dat mensen zo gevoelloos kunnen zijn. Ik weet dat jij niet de enige bent en die gedachte kan ik eigenlijk niet verdragen.
Gelukkig zijn er ook mensen die wel de waarde van het leven inzien. Je bent niet in kou en eenzaamheid verhongerd omdat die vrouw zich jouw lot aantrok. Ze zei tegen mij: ‘Ik weet niks van konijnen en heb er ook niet zoveel mee, maar het is toch een dier, een leven!’
Zulke mensen maken de wereld gelukkig weer een beetje mooier.

Het was zo fijn geweest als je nog een hele poos van je leventje had kunnen genieten en wij van jou. Maar het mocht niet zo zijn. Ik weet niet hoe een konijnengeheugen werkt. Ik hoop alleen dat je alle ellende vergeten was in de tijd dat je hier woonde.
Lieve Neo, rust zacht. Jij was belangrijk voor me, een waardevol leven.
Zoals ik je lijfje zag liggen vanmorgen, denk ik dat je rustig bent ingeslapen. Het was blijkbaar je tijd.
Dag ventje.We missen je.

Over sfeer en de jaren ’70

Het zijn de kleine dingen die het doen! Mijn generatie kent dat zemelliedje van Saskia en Serge nog wel. Maar dat ene regeltje, daar zit voor mij wel veel waarheid in.
Daar dacht ik vandaag nog weer aan, omdat door iets kleins te veranderen in huis, voor mij de hele sfeer is verbeterd en een bepaald vervelend gevoel (ergernis is misschien een te groot woord, het is meer een associatie) totaal is weggenomen.
Al eerder heb ik geschreven over de herinrichting van ons huis en de verwezenlijking van een grote wens, namelijk een echte vensterbank om in/op te kunnen zitten. ( Make-over ) Daar ben ik nog steeds heel erg blij mee, niet in het minst omdat de foeilelijke oude radiator eindelijk wegging en er een gezellige sfeervolle en comfortabele plek in de achterkamer is gemaakt. Met hout, kussens en een woondeken in warme kleuren.
Toen al was het plan om de vensterbanken aan de voorkant ook te vernieuwen. Alleen konden we maar niet de oplossing realiseren die we bedacht hadden, simpelweg omdat het juiste materiaal niet te vinden was.
Hangt mijn levensgeluk af van een paar vensterbanken? Nee, natuurlijk niet. Maar ik vind het wel heel belangrijk dat ik me prettig en echt blij voel in huis. En dingen uit de jaren ’70 horen daar gewoon niet bij. Daar hangt een bepaalde sfeer omheen die ik niet fijn vind. De kleuren en de materialen spreken me niet aan, ze hebben voor mij zelfs een vervelende uitstraling. Ik was heus niet ongelukkig in de jaren ’70 , maar het was ook niet de tijd die ik het leukst heb gevonden.
En wat toen mode was, zowel in kleding als in woninginrichting, ook niet. Natuurlijk deed ik wel mee, maar ik heb er nu echt niks meer mee.
Ik ben wel heel trots op mijn auto uit 1976, maar dat heeft ook te maken met de zeldzaamheid.
Toen we afgelopen zomer gingen figureren in een filmopname en getransformeerd werden tot een jaren ’70 stel, had ik enorm veel plezier, maar ook de hele tijd het gevoel “o, vreselijk”
jaren 70
Als ik terugdenk aan de jaren ’60, of de jaren’80, dan heb ik dat helemaal niet, dan voel ik een prettige nostalgie, het is puur de sfeer uit de jaren ’70 die me tegenstaat.

Als ik hier in huis de vensterbanken schoonmaakte, of zelfs maar de planten water gaf, dacht ik iedere keer weer: gatverdarrie, die stomme lichtgrijze tegels! Zo dor!

img-20200125-wa00086637577522231097595.jpeg
Eigenlijk hoorde er halve vitrage boven en een hangplant in een macramé houder. Terwijl ik dit opschrijf krijg ik alweer een gevoel van afgrijzen in plaats van een gevoel van weemoed. En nog kan ik er niet precies de vinger op leggen waarom ik juist déze sfeer zo vervelend vind.
Maar vandaag is het geschied: de nare vensterbanken zijn er niet meer! We hebben het juiste materiaal eindelijk gevonden en in goede harmonie samen (ja we kunnen het heus wel hoor, samen klussen!) er passende vensterbanken van gemaakt. Nu ligt er een warme kleur hout en dat maakt de sfeer, ja echt de hele uitstraling, een heel stuk prettiger voor mij.
Zo raar, dat een drietal planken het verschil maken tussen akelig en fijn. Maar zo werkt het blijkbaar als je sfeergevoelig bent.

20200125_155909-collage4125856267444127025.jpg

Ja, dit zal op den duur ook weer gedateerd zijn. Maar ik weet zeker dat ik er nooit met zoveel afschuw naar zal kijken als naar dingen uit de jaren ’70.
Wie me uit kan leggen waarom dan: graag!

Blauw

Het is vandaag weer Blue Monday. Sinds 2005 weten we door een discutabele theorie allemaal wat het is en heel veel mensen beamen het idee. Vandaag zou het dus de meest deprimerende dag van het jaar zijn, omdat de feestdagen voorbij zijn, goede voornemens (blijkbaar) zijn mislukt en het is nog lang geen voorjaar. Volgens mij laten we het ons aanpraten.
Zelf vind ik januari niet zo erg. Goede voornemens, daar wacht ik niet mee tot het nieuwe jaar, als ik ze heb voer ik ze uit. En als dat niet lukt ligt dat aan het volharden in de verkeerde gewoontes en kan ik alleen mezelf de schuld daarvan geven.
De ‘donkere dagen voor Kerst’ vind ik veel erger, nu in de tweede helft van januari hebben we al weer iets langer daglicht en daar ben ik wel heel gevoelig voor.

Je kan Blue Monday niet zomaar in het Nederlands vertalen. Blauwe maandag is immers iets heel anders.
“Daar heb ik nog een blauwe maandag gewerkt” betekent dat het kort en impactloos was en met “Ik heb een blauwe maandag piano gespeeld” zeg je dat het niks voorstelde.
Blauw heeft niet zo’n positieve betekenis in de spreektaal.
Je hebt de blues als je somber bent, je bent blauw als je dronken bent, je bent een blauwkous als je een betweter bent, je betaalt je blauw als de rekeningen te hoog zijn voor je draagkracht, je loopt een blauwtje als je verliefd op iemand bent die jou niet moet. Allemaal negatief.
Jammer, want blauw is zo’n positieve kleur! Een blauwe hemel, een blauwe zee, dat zijn dingen waar ik enorm blij van word. Ik heb dan ook werkelijk geen idee waarom de kleur blauw geassocieerd wordt met somberheid. Blauw is de kleur van helder weer, van licht.

blauw

Momenteel ben ik herstellend van griep. Het duurt me allemaal wat te lang, maar iedereen zegt dat ik de tijd moet nemen. Nou ben ik niet altijd zo meegaand dat ik naar iedereen luister, maar nu wel want ‘ze’ hebben gewoon gelijk.
Hoe down werd ik van de grauwe, grijze dagen vorige week. En hoe blij was ik vanmorgen! Nadat Bert weggegaan was, ben ik nog weer even gaan slapen en ik toen ik wakker werd was het inmiddels licht. Voor het open slaapkamerraam zat een koolmeesje in de boom uitbundig te zingen. Zijn liedje bestaat maar uit twee toontjes, maar het klonk zo heerlijk. Dit kleine kereltje had totaal geen last van Blue Monday. Hij zag de blauwe lucht en voelde de drang om te zingen.
En dat deed hij, zo hard als hij kon. Ik kon het bijna verstaan: blau-we lucht, blau-we lucht, blau-we lucht…….

 

Het einde van een tijdperk

De trilogie van trilogieën is afgesloten. Gisteren heb ik de laatste Star Wars-film gezien. Al eerder heb ik geschreven over deze films (Star Wars!).
Het is overdreven om te zeggen dat ze invloed op mijn leven gehad hebben. Maar toen ik gister in de pauze in de bioscoop er even over nadacht, werd ik toch wat weemoedig.
Toen de eerste film van de eerste trilogie uitkwam woonde ik nog ‘thuis’. Was gewoon nog kind van mijn ouders. Nu de laatste film van de laatste trilogie draait ben ik oma. Daartussenin keek ik de tweede trilogie met mijn toen nog kleine zoon.
Star Wars was/is er dus in alle fases van mijn leven bij. Dat is toch wel iets bijzonders vind ik.
Net zoals in het echte leven zijn in de films personages opgegroeid, oud geworden en gestorven.
En daarom was ik haast een beetje aangedaan toen (spoiler voor degenen die deze laatste film nog niet gezien hebben!) op het allerlaatst de gedaantes van Luke en Leia nog even verschenen. Als een laatste groet.
Ja, ik weet ook wel dat het niet echt is. Maar als je zolang van een filmserie gehouden hebt, hebt meegeleefd met de karakters, reikhalzend hebt uitgekeken naar een nieuw deel en je weet dat het nu ècht afgelopen is, dan mag je best een heel klein beetje verdrietig zijn.
Wat dat gevoel er niet beter op maakt, is de wetenschap dat voor deze film de fantastische componist John Williams zijn laatste soundtrack heeft gecomponeerd. Nog een tijdperk afgesloten! Ik gun de man zijn pensioen, hij is inmiddels 86. Maar er komt dus geen nieuwe epische filmmuziek van hem meer.
Jaws, Harry Potter, Indiana Jones, Jurassic Park, Close Encounters of the Third Kind, als je de muziek hoort, weet je direct om welke film het gaat. En dat is nog maar een heel kleine greep uit zijn enorme oeuvre.
Dus tweemaal afscheid.
Als het aan mij ligt, ga ik nog heel vaak zijn muziek luisteren.
En Tim en ik hebben al afgesproken dat we een enorme StarWars marathon gaan houden als de 9e film eenmaal op dvd uit is.
Maar toch voel ik me weemoedig. Star Wars groeide met me mee. Of ik met Star Wars, wie zal het zeggen. Maar de Skywalkers zijn er niet meer.
Ik gelukkig nog wel en ik hoop dat ik nog eens met mijn kleinzoon de films kan bekijken.
En tegen John Williams wil ik zeggen: ” Bedankt voor al uw prachtige muziek.”

Collage Starwars

Piekerperikel

04.45 u. Wakker, even plassen. Kan nog verder slapen tot 06.15 u.
Niet dus. Want mijn hoofd begint te malen. En alles is ineens onoverkomelijk.
We moeten vanavond vroeg en snel eten want Bert komt om 17.45 u. thuis en we moeten om 18.15 u. weg. Wàt moet ik maken want ik moet ook tot 17.00 u werken. Er komt geen enkel idee in mij op. Het kerstmenu is nog niet klaar. Wat voor voorgerecht? De slager heeft nog niet terug gemaild, moet ik gaan bellen? We moeten het vlees ophalen in Groningen, wanneer dan? Wat eten we erbij? O en vrijdag moeten we ook iets makkelijks eten, want we moeten naar Amsterdam ’s avonds. Wat moet ik verzinnen?
Ga nou slapen mens! Wat moet ik aan voor het feestje? Waar kunnen we parkeren? Ik heb nog geen voorgerecht bedacht voor Kerstmis. De logeerkamer moet nog in orde. Hoe moet dat nou met die slager. Heb ik wel mooie panty’s voor vrijdagavond? Zal ik pasteitjes maken als voorgerecht met kerst, nee dan zit iedereen direct al vol. Wanneer zal ik de boodschappen gaan doen? En wat voor vanavond dan? Hoe laat is het? Ik moet  slapen! Maar wat als de slager nou niet antwoordt vandaag. Wat moet ik nou voor vrijdag maken. Laat ik niet vergeten dat ik morgenochtend vroeg een afspraak heb om m’n nagels te laten doen. Soepje vooraf dan? Maar welke, wil graag dat iedereen het lekker vindt. Wat is Lenny stil, ik hoor hem niet ademen. Hij was niet lekker gister, is het wel goed met hem? Even eruit en aaien. Gelukkig, reactie. Weer in bed. Hoe laat is het? Jeetje al half 6. Dan kan ik net zo goed nu al mijn medicatie nemen en nog even wat slapen. Maar ik heb het kerstmenu nog niet rond. En ik weet niet hoe dat nou moet met het vlees ophalen. Bert kan vast wel uitzoeken waar we vrijdag kunnen parkeren. Nog een keer plassen. 05.50 u. al. Ik moet ècht nog even slapen. Wanneer zal ik boodschappen doen. Ik wil Tim z’n sjaal nog af hebben, kan hij ‘m vrijdag gelijk krijgen. Jeetje wat moet ik nou voor vanavond maken. Als ik morgen klaar ben met m’n nagels moet ik direct maar door naar de sportschool. En als de slager vandaag niet mailt moet ik…
“ALL I WANT FOR CHRISTMAS IS YOUOUOUOU!” Blèrt de radiowekker. Nee toch.
Niet niet niet!!! Ik wil geen wekker, ik wil geen gepieker, ik wil slapen! Te laat.

08.15 u.
Kinderen gaan naar school. Koffie. Ik pak een schrijfblok.
Binnen 2 minuten heb ik het kerstmenu opgeschreven.
We eten vanavond kapucijnerschotel.
Bert heeft vrijdag vrij en de hele dag de tijd om te kijken waar we kunnen parkeren in Amsterdam.
Morgen ga ik nagels laten doen, sporten en daarna de logeerkamer in orde maken.
Ik maak een boodschappenlijstje en ga strakjes met de kleintjes in de bakfiets naar de winkel.
Vanmiddag bel ik de slagerij in Groningen.

08.20 u. Alle piekerproblemen opgelost. In 5 minuten dus.

Ik leer het ook nooit blijkbaar.

img_20191218_0914358921036236596027052198.jpg

2000

Nog iets meer dan twee weken, en dan begint het jaar 2020. Als ik erover nadenk kan ik het bijna niet geloven. Al 20 jaar over dat magische jaar 2000 heen.
Toen ik kind was, leek het jaar 2000 iets uit een science fiction boek of – film. Het was zó ver weg in de toekomst. In het jaar 2000 zouden alle mensen in metallic kleding lopen, zich voortbewegen in vliegende auto’s, allemaal astronautenvoedsel eten en alle bekende ziektes zouden zijn uitgebannen want overal was een technische genezing voor. Net zoals we dat konden zien in StarTrek. Een holografische dokter ging met een ondefinieerbaar apparaatje langs je lichaam en klaar was het weer.
Het jaar 2000 was zo ver weg, dat ik me niet eens realiseerde dat ik een grote kans maakte om dat mee te maken. Het was het synoniem voor de toekomst met al haar nieuwe mogelijkheden en uitvindingen.
Eigenlijk zouden we dan allemaal zo leven als de Jetsons, stelde ik me voor.

jetsons
In de jaren ’80 werd ik volwassen en kwam het jaar 2000 dichterbij. Maar toen maakte ik me wel
ernstig zorgen of ik dat wel mee zou maken. Het was de tijd van de wapenwedloop, de Koude Oorlog was op z’n grimmigst. Ik was letterlijk doodsbang dat er een kernoorlog uit zou breken en ons allemaal op een gruwelijke manier zou wegvagen. Het heeft me serieus heel wat slapeloze nachten en angstaanvallen gekost. Ik was niet de enige. “Doemdenken” was een veel gebruikte term.
Ook in de muziek kwam het thema veel voor. ‘Two Tribes’ van Frankie Goes to Hollywood, ‘Russians’ van Sting, en ‘De Bom” van Doe Maar waren grote hits. De wereld was bang.
God zij dank is een escalatie uitgebleven. Het politieke klimaat veranderde en daarmee nam ook mijn angst af.
Toen kwamen we in de jaren ’90 en het jaar 2000 kwam ineens heel dicht bij. Nieuwe zorgen, nieuwe angsten. Wat zou er allemaal gebeuren tijdens de jaarwisseling van 1999 naar 2000. De Millenniumbug! Een doemscenario van alles wat er zou uitvallen, crashen en op tilt zou slaan in de elektronische en digitale wereld. Wat zou er gebeuren met militaire installaties, zouden ze nog beheersbaar zijn? Medische apparatuur, zou het nog werken? Beveiliging, elektriciteitsnet, zendapparatuur, alles zou in de war raken en er zou een wereldwijde chaos ontstaan.
In de Volkskrant in 1999 stonden ingezonden brieven,
ene meneer of mevrouw Swen schrijft:

Dacht u nou echt dat het millenniumprobleem later begint omdat het NMI de klokken een seconde moest stilzetten. Misschien loopt er dan al een uur lang geen enkele klok meer. Misschien zijn we dan al een uur bezig om Russische kernraketten tegen te houden. Zijn we al een uur lang bezig om elektriciteitscentrales weer te starten. En hebben we al een uur lang geen water. Wie maakt zich dan nog druk over die ene seconde?


En een meneer Pijpers schrijft:
In Amerika schijnen mensen zich in verband met de jaarwisseling van 1999 naar 2000 een aantal dagen in een hol onder de grond te willen verstoppen met medenemen van een aantal blikken bruine bonen en flessen bronwater, om alle verschrikkingen maar niet mee te hoeven maken. Maar sommige mensen verwachten al eerder problemen, en wel op 9 september 1999.Ik kan deze mensen wel geruststellen, want een beetje computerprogrammeur/euse gebruikt nooit de echte datum 090999 om een programma te stoppen of een lus te beëindigen, maar altijd de fictieve datum 999999. In mijn 22-jarige loopbaan als automatiseerder ben ik die enge datum 9 september 1999 nog nooit in een computerprogramma tegengekomen!

Het werd 31 december 1999 en ik was bloednerveus. Het kon me niet schelen als we misschien een poosje geen telefoon of elektriciteit hadden. Ik was heel bang dat wapensystemen op tilt zouden slaan en dat we alsnog in een atoomoorlog zouden geraken.
Het is allemaal niet gebeurd. Niets is er gebeurd bij mijn weten, de gevreesde millenniumbug bestond niet echt.

Ineens leefden we in het jaar 2000. En was het magisch? Nee. We liepen niet in metallic kleding, aten geen astronautenvoedsel en hadden geen vliegende auto. En helaas zijn ook niet alle bekende ziektes uitgebannen, er zijn zelfs nieuwe ziektes bijgekomen.
Het jaar 2000 verloor zijn magie, we leefden verder, met alle ups en downs die het leven met zich meebrengt.
En nu zijn we zelfs al 20 (!) jaar verder.

Bij mijn weten hebben we nu niet meer zo’n punt in de toekomst waar we als het ware naar uit kijken. De techniek ontwikkelt zich nog steeds, we kunnen steeds minder zelf, maar dat gaat in een soort sluipgang. We doen allemaal mee met de massa, want we kunnen niet anders. Je kan bijvoorbeeld wel bezwaar hebben dat alles elektronisch, digitaal en automatisch gaat maar er is geen alternatief. En daar kan ik me dan momenteel zorgen over maken. Niet de doodsangst uit de 80-er jaren, niet de paniek van rond het jaar 2000. Maar wel een zeer drukkend gevoel dat ik ergens naartoe geduwd wordt waar ik niet heen wil.
Ik hou mezelf voor dat ik me vaker onnodig te grote zorgen heb gemaakt. Hopelijk is dat deze keer ook zo.
Daarom wil ik blij zijn met het leven wat ik nu heb, mijn gezondheid, degenen die ik liefheb, de dingen die ik graag doe, de dingen die ik krijg. Dat is wat er echt toe doet.
Het is immers niet vanzelfsprekend. Misschien is dat juist wel magisch.

UKV

Deze blog is echt mijn uitlaatklep(je) voor allerlei, niet met elkaar verband houdende zaken waarover ik wat wil vertellen.
Schrijven is zo leuk en ik voel me er zo goed bij/door.
Degenen die mij nog kennen uit de prehistorie weten dat ik kleuterverhalen geschreven heb die geen uitgever wilde hebben, maar waar ik zelf wel trots op was (en nog steeds ben) zodat ik ze via printing on demand toch uitgegeven heb. (Zelfpromotie: Een jaar met Krieltje)

Maar ik wil meer! Meer leren, meer inspiratie, meer schrijven.
Daarom heb ik een abonnement op Schrijven Magazine, volg de site Schrijven Online en ben lid van het forum daar, ik doe af en toe mee aan schrijfwedstrijden. En ik ben lid van de facebookgroep Ultra Korte Verhalen, oftewel UKV’s.
In maximaal 99 woorden een heel verhaal vertellen is een grote uitdaging. (Dit stukje telt bijvoorbeeld al 137 woorden).
Het komt neer op schrappen, nog meer schrappen en met wat je overhoudt toch een verhaal met inhoud vertellen. Ik vind het heel erg leuk om me daarmee bezig te houden, al heb ik lang niet altijd een goed idee voor een UKV (dat rijmt maar het is ook net Sinterklaas geweest)
Soms hoor ik of lees ik ergens een zin en denk: Dat is de slotzin van mijn nieuwe UKV en dan ga ik er iets bij verzinnen.
Een andere keer zie ik iets of maak ik wat mee, waar ik een UKV van maak. En soms zuig ik alles gewoon uit mijn duim. Het kan grappig zijn, verdrietig, serieus of over de top, alles mag en alles kan! Nou ja, bijna alles, je mag er geen overdenking of betoog van maken, het moet echt een verhaal zijn.
Sinds juni heb ik 17 UKV’s geschreven en in de fb-groep geplaatst. Met enige trots kan ik vertellen dat inmiddels 4x een verhaal van mij op de site Schrijven Online ‘in de schijnwerpers’ is geplaatst.

Ik zal jullie niet belasten met 17 verhalen, maar een paar wil ik hier toch laten lezen. Gewoon omdat ik dat leuk vind. Klinkt arrogant, maar hey, het is mijn eigen blog hier!

Hondenfluisteraar
Cesar zegt dat hij zelf naar binnen moet lopen.”
“Dat zei je al drie keer,” zegt Mark. Hij opent het autoportier voor Saskia en de nieuwe pup.
“We moeten het toch direct goed doen,” verdedigt Saskia zich.
Ze zet het hondje op de oprit. “Kom maar, Millan ”
De pup blijft zitten.
“En wat zegt Cesar daarover?” vraagt Mark geamuseerd.
Saskia kijkt hem onzeker aan. “Eh, dat staat niet in het boek…,”
Ze kijkt naar het hondje. Dan voelt ze wat ze doen moet.
Ze tilt hem op, fluistert iets in zijn oortje en draagt hem naar binnen.


Schone Schijn

Weet je wat het is, Janny?” Trees boog zich naar voren, terwijl ik juist terugdeinsde om de rondsproeiende koekkruimels te ontwijken. Ik wist wat er nu ging komen.
Een tirade over de buren die niet ‘ons soort mensen’ waren.
Trees leek dat mens uit Keeping Up Appearences wel.
More tea, Hyancinth?” flapte ik er uit.
Hè?“ onderbrak Trees verbouwereerd haar verhaal.
Sorry, ik moest ineens aan Hyacinth Bucket denken“, zei ik.
Je moet ‘Boekee’ zeggen”, verbeterde Trees. “Wat een enig mens is dat hè? “
Ja, enig” ,beaamde ik en slikte de rest in met mijn thee.


Techniek
“Hou je er nou al mee op?” vroeg de linkersportschoen toen Emma hem uittrok.
“Van de week was je veel flinker, ” bemoeide de rechterschoen zich er mee.
“Ja, toen heb je een half uur gelopen, 20 minuten geroeid en óók nog krachttraining gedaan”, riep de linker nog, net voordat Emma hem geërgerd in haar tas gooide.
“En weet je nog dat…”. begon de rechter, maar Emma snoerde hem de mond door de rits van de tas dicht te trekken. “Irritant stelletje, ” mompelde ze. “Waardeloze uitvinding, memory-foam in de zool”.

 

Op het forum van Schrijven Online is er wekelijks een schrijfopdracht, je bepaalt zelf of je mee wilt doen. Je krijgt na plaatsing van je verhaal feedback van professionele- en medeschrijvers.
Deze week was de opdracht zelfs een UKV. : Schrijf een kerstverhaal met een strip- of sprookjesfiguur in de hoofdrol, gebruik maximaal 99 woorden.
Dat is nou echt een iets voor mij: Fantasie en UKV samen.

Neverland
Tinkerbell, Tinkerbell, Tinker all the way”, joelden de Lost Boys.
“Schei nou eens uit, ieder jaar datzelfde flauwe geintje.” Het elfje keek zo chagrijnig als een krokodil. “Oehhhh!”riepen de jongens, om haar frustratie nog wat te verhogen.
“Boys!” Klonk er vermanend vanuit de lucht. “Vrede op aarde, weet je wel?”
Peter Pan dook naar de grond.
“Bedankt”, zei Tinkerbell nuffig. “Altijd dat kinderachtige gedoe! Word eens volwassen zeg!”
Peter Pan werd groen. “Nooit!” riep hij, terwijl hij zich van de grond afzette en wegvloog.
Ze hoorden hem nog zingen voor het geluid wegstierf : Tinkerbell, Tinkerbell, Tinker all………

peter pan

 

Ik wens iedereen alvast heel mooie en fijne feestdagen! En natuurlijk ontzettend bedankt voor het zo trouw lezen van mijn blogs, daar ben ik echt heel blij mee. XXX

 

(foto: Pixabay)