Alle berichten door Annelies

Het is de natuur

“Jij bent een echte natuurliefhebber”. Dat zeggen mensen wel eens tegen mij. En meestal hebben ze daar gelijk in. Ik geniet van heel veel in de natuur en probeer respect te hebben voor al het leven.
Maar soms…. vind ik het heel moeilijk.
Een teek bijvoorbeeld, doet alleen maar wat ze moet doen. Bloed van een ander levend wezen aftappen om zelf eitjes te kunnen leggen. Maar ik vind het nare beestjes. Uiteraard omdat ze akelige ziektes kunnen overbrengen. Als ik er eentje voel in Lenny’s vacht, haal ik haar eruit. Ik ben in de loop der jaren echt superhandig geworden in teken verwijderen, een snelle draai van mijn vingers en klaar. De hele teek komt er dan uit en dat moet, want als het kopje afbreekt gaat het bij Lenny ontsteken. Om te controleren of de teek compleet is, leg ik haar even op een papiertje. En dan ligt daar zo’n weerzinwekkend opgezwollen, grijs, volgezogen lijf, veel te groot voor de kop en pootjes. Maar die pootjes, die zie ik dan nog hulpeloos friemelen. En jeetje, dan krijg ik toch haast weer medelijden. Juist omdat die teek alleen maar doet waar ze voor gemaakt is. Maar ze gaat de groene container in. Gaat ze daar maar walgelijk liggen wezen. (Ja, platdrukken zodat ze dood gaat kan ik eigenlijk niet)
Muggen doodslaan kan ik dan weer wel. Ook al doet zo’n beest net zo goed wat ze niet laten kan. Mijn bloed zuigen, ook al weer om eitjes te kunnen leggen. Maar dat afgrijselijke piepende gezoem om je heen als je in bed ligt, en de hoogst irrtitante jeukende bulten (die bij mijn buitenproportionele bladders worden) als het gelukt is om te prikken…. dat is genoeg voor mij om het heft in eigen hand te nemen en te besluiten dat haar leven ten einde is.
Ik weet ook eigenlijk niet wat het nut van teken en muggen is, maar ik moet eerlijk zeggen dat ik me er ook niet in verdiept heb.

Ik stoor me wel eens aan het woord “beestachtig”. Tenminste als het gebruikt wordt voor een onmenselijke actie van een mens. Ik vind het vaak een belediging voor beesten, want die doden niet voor de lol, verkrachten niet, mishandelen niet bewust. Dat dacht ik tenminste. Want ik zag gister een natuurfilm op tv en ik vond het zo akelig dat ik een poosje weggekeken heb. Ik had ook mijn oren dicht moeten doen eigenlijk, zo kon ik nog teveel volgen.
De film ging over het Wad. Een prachtig ruig gebied, heel dichtbij waar ik zelf woon.
Daar leven grijze zeehonden. Ik wist wel dat het op zich roofdieren zijn, maar volgens mij hadden ze ook wel iets aandoenlijks. Hm. Blijkbaar is dat te menselijk gedacht.
De pups hebben prachtig wit bont en grote glanzende ogen.

zeehondpup

Je vraagt je af hoe zulke lieve knuffelbeesten kunnen uitgroeien tot een cilinder van een paar honderd kilo onsmakelijke blubber. De mannen tenminste, de vrouwen zien er iets apetijtelijker uit in mijn ogen.
Twee kerels waren aan het vechten. Er werd flink geslagen en gebeten. Moeten zij weten, als zij daar blij van worden doen ze dat maar hoor. Maar toen de ene had gewonnen, was de ander zo gefrustreerd dat hij zich wilde afreageren. Hij keek rond en hopste doelbewust op een kleine pup af die rustig in de zon lag. Hij greep de baby met z’n tanden en begon hem (of haar) aan de vin in het rond te slaan. Het beestje gilde hartverscheurend. Ik kon het niet aanzien, Bert vertelde het me toen de scène voorbij was. Ik zou een vreselijk slechte natuurfilmer zijn, ik zou voortdurend ingrijpen. De mooie witte bontvacht was bevlekt met bloed, maar het pupje leefde nog. Gelukkig kon het de moeder nog bereiken, die het troostte met melk. Zij had ook niks durven doen. Het was echt ernstige en bewuste kindermishandeling. Ook in de natuur dus. Die vrouwtjeszeehonden hebben het sowieso niet makkelijk. Ze kunnen maar 3 tot 4 weken voor hun pup zorgen, daarna moeten ze weg en hun kind in de steek laten. Zo is het blijkbaar geregeld. Een vrouwtje was zover dat ze wegging. Ze moest naar zee, ze keek voortdurend rond of ze kon gaan. Uiteindelijk waagde ze het erop. Maar het ging niet onopgemerkt, binnen no-time werd ze achterna gezeten door 3 of 4 kolossen van mannen. Ze was geen partij voor hen. Degene die haar het eerst te pakken kreeg hield haar tegen, hij overweldigde haar door z’n volledige blubberlijf op haar te gooien en ze werd verkracht. Niks hofmakerij of baltsdans wat we zo mooi bij de vogels en vissen zagen, zelfs geen wederzijdse instemming. Is dat de natuur? Dan ben ik even geen natuurliefhebber.

Soms snap ik de natuur ook niet. Heeft het volgens mij geen logica. Waarom is het zo moeilijk om onder de kastanjeboom gras te laten groeien en ziet het er daar dus ook altijd uit als een knollenveld, maar wordt het kleine stukje terras, wat eveneens onder de kastanjeboom ligt, dus dezelfde lichtinval en temperatuur heeft, hardnekkig overwoekerd door gras?
Waarom staat er in het wild een grote verscheidenheid aan planten en bloemen in de bermen en de weiden, maar neemt de paardebloem en enkel de paardebloem de tuin over?
Ik weet het niet! Het is niet logisch. Maar de natuur is waarschijnlijk niet logisch.

Mensen zijn in principe ook onderdeel van de natuur. Maar het komt nogal eens voor dat we juist lijnrecht tegenover de natuur staan.
Zelfs als we denken dat we natuurvriendelijk bezig zijn, richten we schade aan. Je kan met azijn en zout je voegen besproeien zodat er geen plantjes meer tussen de stenen groeien. Beter dan gif. Maar ook door zout en azijn wordt de grond vergiftigd, zodat er geen mieren, wormen en andere zo noodzakelijke beestjes kunnen leven.
Ik heb een moestuintje en ben in hoge mate geïrriteerd als er een slakkeninvasie komt die mijn kropjes sla en andijvie opeet. Ja het is de natuur, maar het is mijn tuintje. Blijf af. Wat doen we met die slakken? Geen korrels strooien, want dat is gif. Ook eco-korrels zijn gif.
Ik verzamel de slakken en gooi ze in het kippenhok. Is ook niet aardig van mij, maar ik hou mezelf voor dat ik ze nog een kans geef om weg te komen, de kippen eten niet alles op.
Maar misschien hoef ik ook niet altijd aardig te zijn.

De natuur is soms hard en soms mild en zorgzaam. Ik dan ook maar. Zolang ik het met m’n geweten kan verantwoorden.

Zo, ik ga paardebloemen uitsteken. En daarmee mijn konijntjes verwennen. Is dat een mooie balans?

(foto zeehond: Vroege Vogels)

Nu

Deze foto is zeer recent genomen. Vanmorgen bedacht ik dat dit plaatje exact symboliseert hoe ik me voel vandaag.

img-20200418-wa00272583716377706883883.jpg

Het is lekker weer. Ik ben ergens waar het goed en vredig is. Op afstand staat iemand die me lief is en naar me kijkt. Maar eigenlijk ben ik alleen.
Ik kan niet verder want het water begrenst me. Wel kan ik zien dat het aan de overkant van het water ook weer mooi is. Over een poosje kunnen we daar vast naar toe, nu nog niet. Ik moet nu zorgen dat ik geen natte voeten krijg. Ik moet er dus omheen lopen om daar te komen, maar dat is nog een heel eind.
Ik zou hier wel met mijn kinderen en kleinkind willen zijn, maar dat kan nu niet. Met ze praten en ze aanraken, mijn kleinzoontje optillen, een zandkasteeltje met hem bouwen. Maar ik sta in m’n eentje.

Het is geen geklaag. Het is puur een verlangen.
Omdat ik vandaag een enorme dip-dag heb. Ik mis iedereen zo die me lief is. Ik mag nog voor een paar kinderen zorgen en die geven me gezelligheid en ook doel in deze dagen. Hun ouders zijn hard aan het werk voor ons allemaal, ze hebben het echt zwaar. Ik kan alleen maar diepe bewondering voor ze hebben.
Ik wil de maatregelen van de overheid gewoon accepteren omdat ze volgens mij nodig zijn. En ik ben me er heel erg van bewust dat ik mijn handjes mag dichtknijpen dat niemand in mijn omgeving op de IC ligt of erger.
Maar het valt me vandaag zo zwaar. Ik geef er maar even aan toe, aan dat gevoel. Schrijf er even over, om het weer te relativeren.
Ik ben gewoon een beetje moe van het positief zijn, het volhouden. Dat wil niet zeggen dat ik dat opgeef, alleen dat ik heel even wil uitrusten. Even wil toegeven aan de emotie van missen, verdrietig zijn, heimwee hebben. Een traantje wegvegen zonder dat de kindertjes het zien.

Dan kan ik daarna weer anders naar de foto kijken. Zien dat ik voor me uitkijk, maar ondertussen sta te genieten van de zon. Dan kan ik er wel weer tegen.

Prietpraat (9)

Het duurde even voordat ik genoeg gespaard had voor een nieuwe aflevering van Prietpraat, maar hier issie dan!

Aan de speeltafel roept F. (5 jr) verbaasd enthousiast:
“Moet je nou kijken! Ik heb zomaar hetzelfde plaatje gemaakt als op de doos!”
Ze maakte een legpuzzel

Efteling Kids Radio staat aan, het sprookje van Assepoester wordt verteld
H.(4 jr) “O, dat is het verhaaltje van Tandenpoetser!”

We hebben een uitnodiging gekregen om met ons hele gezin een hightea te doen, maar omdat mijn dochter hoogzwanger is, gaat dat na de geboorte van ons kleinkind pas gebeuren.
L (9 jr): “Gaat jullie kleinzoontje Cava heten?”
Ik: “????”
L. wijst op de uitnodiging die op de koelkast hangt:
“Daar staat: Ontvangst met Cava”

 

H. (3 jr) “Annies?
Ik: “Ja?”
H.: “Vind jij mijn mama ook zo mooi?”
Daar smelt je toch van, uiteraard vond ik zijn mama prachtig

 

D. (5 jr) speelt politieagent. Hij zet zijn handen als een megafoon voor zijn mond en roept:
“Potentie, potentie! Mag ik even jullie aandacht! ”

 

H.(4 jr): “Ik ben een heel makkelijk kind”

 

De vader van schoolgenootjes is dominee en is beroepen in een andere plaats.
R.(9 jr) : “Jantje en Pietje en Marietje gaan van school af”
Ik: “O ja?”
R: “Ja, ze gaan verhuizen omdat hun vader dichter bij de kerk wil wonen of zoiets”

 

H.(4 jr) “Snottebellen zijn gelukkig groen, want groen is mijn lievelingskleur.

 

H: (4 jr) “Ik was eerst een peuter en toen ging ik naar de peuterspeelzaal. Maar nu ben ik een baas want ik ga naar de bazenschool”

 

D.(5 jr) staat al een hele poos onbeweeglijk, terwijl hij “AnnemariaKoekoek” staat te roepen.
Ik: “Wat ben je eigenlijk aan het doen?”
D.: “Ik speel in mijn eentje AnnemariaKoekoek, maar steeds als ik beweeg dan zie ik dat”

 

H: ( 4 jr):  “Dit is echt de lekkerste appel van de hele wereld”
Ik: “Waarom dan?”
H.: “Hij smaakt naar appelsap”

 

img_20200421_1759315343048036999378283122.jpg

Tekenen

Schrijven doe ik al van kinds af aan. Maar voordat ik had geleerd om letters te schrijven was ik al met een andere hobby begonnen: tekenen. Mijn vader nam van zijn werk computerpapier mee. Grote kettingvellen, de ene kant met een of twee regeltjes onbegrijpelijke cijfertjes en lettertjes en de andere kant helemaal blanco. Het papier was afgedankt na gebruik en pa wist er wel een liefhebber voor. Stapels heb ik volgetekend, met figuurtjes van de Fabeltjeskrant en vooral met mijn lievelingsonderwerp: paarden. Ik tekende eindeloos paarden. Ik heb geen heel vroege tekeningen meer helaas, maar mijn nichtje Jorien stuurde me onlangs een foto van haar poëzie-album waar ik in getekend had. Paarden natuurlijk.

tekening

Op de kleuterleidsters-opleiding en later toen ik op school werkte, tekende ik veel voor kinderen. Ik was gek op bordtekeningen maken, het was natuurlijk nog de tijd van krijtborden.
Ik heb nooit tekenles gehad, dus ben altijd op een bepaald niveau blijven hangen. Soms maakte me dat niet uit, soms vond ik dat erg jammer omdat ik het idee had dat ik meer voldoening uit het tekenen kon halen als ik betere resultaten verkreeg. Het kan frustrerend zijn als je een beeld voor ogen hebt en je een heel eind komt omdat te realiseren, maar dan op het punt blijft steken waarop je niet weet hoe je het moet afmaken om het gewenste resultaat te krijgen.
Met tekenen was het net zo als met de andere dingen die ik graag doe: alles kan ik ‘een beetje’. Ik kan een beetje muziek maken, een beetje schrijven, een beetje handwerken, een beetje zingen en een beetje tekenen. In mijn hoofd zit, vooral met het tekenen en muziek maken, een drang om het heel goed te kunnen. Juist om dan die voldoening eruit te halen die ik zoek.
Ga dan een opleiding volgen, zou je zeggen. Goed punt, maar er zijn blijkbaar altijd andere dingen die voorrang hebben.
Een paar jaar geleden heb ik een tekentablet gekocht, voor aan de laptop. Dat opende al veel nieuwe mogelijkheden. Ik kon eindeloos uitproberen en aanrommelen zonder allemaal (duur) materiaal te verspillen. Maar het was wel moeilijk om de tekenprogramma’s te begrijpen. Er zijn in de beginfase heel wat tranen van frustratie vergoten.

Ik heb een heel leuke schoonzoon. En die weet heel veel van digitale techniek. Bovendien bof ik nog eens extra dat hij een groot geduld aan de dag legt om de niet aflatende stroom vragen van schoonmoe te beantwoorden als ze er weer eens niet uitkomt met het digitale tekengebeuren. Zo kwam ik uiteindelijk toch tot resultaten. Ik was er wel blij mee, ik was wel tevreden. Maar toch was er altijd nog de frustratie dat ik niet op ‘papier’ kreeg wat ik wilde.
Ok, dit was mijn limiet blijkbaar. Daar moest ik het gewoon mee doen.

Toch bleef er een onrust op tekengebied. Ik wou meer, maar wist niet hoe.
Schoonzoon dacht met me mee. En samen kwamen we er achter dat ik het echt een probleem vind dat de techniek van een tekentablet een tussenstap heeft die me beperkt. Ik teken op het tablet en zie het resultaat op mijn laptop. Mijn ogen zijn dus op een ander punt gericht als op de hand die tekent. En blijkbaar is dat voor mij een grote moeilijkheid, ook na veel oefenen. Het liefst wilde ik die tussenstap eruit hebben, ik zou willen tekenen zoals ik dat op een papier deed.
Hij had de oplossing, als ik daar een beetje in zou willen investeren. Als ik een iPad zou kopen en het speciale Apple tekenprogramma Procreate erbij, dan kon ik rechtstreeks tekeningen maken. Daar had ik wel oren naar.
Hij ging enthousiast voor mij op zoek naar de geschikte iPad en toen ik die gekocht had kreeg ik tot mijn verrassing de speciale Apple Pencil via de post toegestuurd. Cadeautje van mijn dochter. Zo lief!
Ik installeerde het programma en ging aan het uitproberen. Nou heeft Apple een ander systeem als de computers en laptops waarmee ik tot nu toe gewerkt had, dus het was (alweer) een eindeloze reeks vragen aan schoonzoon. Ik voelde me echt een enorme zeurkous, maar hij zei dat hij het niet erg vond.
Ik klungelde eerst wat zelf met het tekenprogramma en ging na een poosje tutorials volgen op YouTube. Ook dat ging niet zonder slag of stoot, want heel vaak had ik geen idee waar de tekenaar het over had, als hij snel wisselde van functies en penselen en tekenlagen, en met termen gooide waar ik werkelijk nog nooit van gehoord had. Dus zag ik totaal niet wat hij nou eigenlijk deed.
Nou ben ik een volwassen vrouw die zelfs al oma is, maar ik voel me op zo’n moment een heel klein onwetend kind die niets begrijpt van wat de grote mensen zeggen. En net als bij een kind zitten bij mij de tranen dan erg hoog, door een gevoel van machteloosheid en frustratie.
Maar daar is schoonzoon die me onvermoeibaar antwoordt, uitlegt, tips geeft en dingen voor me uitzoekt, zoals wat de juiste tutorials voor mij zijn.
En ja, eindelijk ga ik dingen begrijpen. Zie ik wat ik moet doen en weet ik dat ik, als ik vastloop, beter helemaal overnieuw kan beginnen dan eindeloos proberen uit te zoeken wat er fout ging en hoe ik het kan herstellen. Zie het maar als papier tot een prop in elkaar frummelen en weggooien en een leeg vel pakken voor een nieuwe poging.
Ik heb inmiddels een groot plezier gekregen in het tekenen op de iPad. En nu al, in die korte tijd dat ik hem heb, betere resultaten verkregen dan ooit. Ik moet het nog steeds zelf doen, het is niet zo dat het programma de dingen voor je tekent.
De tekeningen die ik nu gemaakt heb, zijn meest via tutorials. Op den duur zal ik zoveel geleerd hebben dat ik mijn eigen stijl kan gaan ontwikkelen.
Maar voorlopig ben ik hier ontzettend blij mee en best een beetje trots op!donut

konijn
bos

Met afstand

“Het nieuwe normaal” , zei Rutte van de week. Ik weet niet hoe het bij jullie is maar voor mij went het ten dele al aardig, maar vind ik het aan de andere kant moeilijk.
En dat ligt aan mijn karakter. Ik vind het helemaal prima om afstand te houden van mensen in het algemeen, mensen die ik niet of nauwelijks ken. Ik vermeed in ‘het oude normaal’ al grote groepen, drukte en als het even kon lichamelijk contact met mensen buiten mijn persoonlijke cirkel. Ik kan me bijna niets ergers voorstellen dan in het gedrang te staan, op elkaar gepakt tijdens een concert, voortgeduwd te worden in de massa van een stadse winkelstraat, of veel te dicht op elkaar te zitten/staan in een volle bus. Ik raak in paniek, voel me lichamelijk onwel worden en wil maar één ding: weg!
Dus die anderhalve meter die we nu allemaal aanhouden, daar heb ik totaal geen moeite mee. Geen gezanik meer met duwende mensen in de supermarkt, mensen die niet op zij willen gaan bij het elkaar passeren op de stoep en ook niet meer amicaal aangeraakt worden door mensen van wie ik dat helemaal niet wil.
Over het algemeen houdt iedereen hier zich er goed aan.

poster-afstand

Zojuist was ik met Lenny even lekker naar het honden-losloopbos in het Lauwersmeergebied. Normaal zie ik daar op een doordeweekse dag meestal (letterlijk) geen hond, in het weekend wordt het wat meer bezocht. Maar nu, voor alle thuiswerkers, is het een uitgelezen plek om even in je pauze een wandeling te maken en je hond te laten rennen. Dus vandaag kwamen we wel mensen en honden tegen. De mensen (ik ook dus) gingen netjes aan weerskanten van het pad lopen bij het passeren, dan haalden we de anderhalve meter afstand wel. De honden trokken zich er natuurlijk niks van aan, die hebben hun eigen regels. Meestal gaat het als volgt: even snuffelen, even spelen, en weer verder met de baas mee. Maar bij één hondje bleef Lenny wel erg lang plakken. Mijn doorlopen hielp niet, mijn roepen hielp niet, dus ik moest weer terug.
Mevrouw van het hondje: “Is het een reu?”
Ik, van anderhalve meter afstand: “Ja”.
Mevrouw: “Is hij gecastreerd?”
Ik: “Nee”.
Mevrouw: ”O, dan moet ik even ingrijpen, want mijn hondje is namelijk loops. En tegenwoordig zijn toch alle reuen gecastreerd?”
Pardon?Je gaat er van uit dat alle reutjes gecastreerd zijn, terwijl je je eigen teefje niet heb laten steriliseren en daarom laat je haar lekker vrij en loops rondstruinen in een losloopgebied? Wazig. Maar ik ben beleefd, dus dat zei ik niet hardop.
“Tja,” zei ik wel, “Je kan niet verwachten dat mijn hond nu anderhalve meter afstand houdt”
Ze zag er de humor niet van in. Lenny was helemaal hoteldebotel van verliefdheid dus die liet zich echt niet door mij afleiden. Stiekem gunde ik hem best een pleziertje, maar ik ging hem toch maar ophalen. En mevrouw deed werkelijk geen stap opzij. Mijn arm is geen anderhalve meter, (gelukkig maar, ik ben zelf 1.59 en dat zou best een raar gezicht zijn dan) dus ik moest veel te dicht bij haar komen om Lenny bij z’n halsband te kunnen pakken. Ik knarsetandde inmiddels. Dit was geen social distancing, dit was social lacking van mevrouw. Ik heb ook niet meer gegroet toen ik wegliep, met die arme hunkerende Lenny achterstevoren, aan z’n riem in het losloopgebied. Zodra het kon liet ik hem weer los en zorgde ervoor dat ik ze niet nogmaals tegenkwam.
Deze mevrouw hield ik liever op 1,5 km afstand.

Wat ik wel moeilijk vind, is het niet op bezoek kunnen gaan bij kinderen en kleinkind, ik mis ze verschrikkelijk. Gelukkig is er beeldbellen en hebben we veel contact via what’sapp. Ik heb altijd veel mitsen en maren bij de moderne technologieën maar ik ben er nu toch wel heel erg blij mee.
Gister stond ik bij het fornuis in de pannen te roeren en toen vielen er ineens een paar dikke tranen in de spaghettisaus. Ik vond  zo moeilijk dat ik die lieverds allemaal niet zou zien met  Pasen. We hebben echt niets te klagen, ik weet dat een heleboel mensen het nu veel en veel moeilijker hebben. Die nu erg ziek zijn, of voor altijd iemand moeten missen. Wij hebben persoonlijk geen ellende met het coranavirus. Geen zieken in onze directe omgeving, geen extra kwetsbare mensen. Het enige waar wij mee te maken hebben zijn de maatregelen. Ik ben blij en dankbaar dat wij de eerste maanden van onze lieve kleinzoon van zo heel dichtbij hebben meegemaakt, dat wij hem heel vaak hebben kunnen vasthouden en knuffelen. Als hij in deze tijd geboren zou zijn, had dat allemaal niet gekund.
Als hij mij nu op het scherm ziet met beeldbellen verschijnt er een brede lach en komt er een heel da-da-da verhaal. De band hebben we al op kunnen bouwen.
Maar om hem nu niet even te kunnen vasthouden, is moeilijk. Evenals niet de kinderen een knuffel te kunnen geven, samen een drankje te doen, gezellig samen te eten. Ik mis ze.
En daarom werd er opeens wat extra zout toegevoegd aan de spaghettisaus.
Maar daarna was het ook weer over. Even een traantje laten en klaar weer.
We zouden met elkaar gaan Paasbrunchen. Maar nu gaan we beeldbrunchen en het lijkt me erg leuk. Je wordt vanzelf creatief met ideeën.
Zo zou ik met mijn dochter naar de show van Fred van Leer gaan. Ging niet door natuurlijk. Maar Irene bedacht een heel leuk alternatief: zij ging, met een door mij vastgesteld budget, shoppen voor mij, zonder dat ik enig idee had wat ze voor me zou kiezen. Zo zou ik niet in mijn veilige maar ook wel saaie stijl blijven hangen, maar koos zij eens andere dingen. Out of the box (waarom klinkt: ‘Uit de doos’ zo raar?)
En het was leuk! Gister kwam er een heel pakket, ik had een discrete pas-sessie online en de meeste kleding was leuk, zat lekker en stond goed. Ik ben er blij mee en doe met Pasen een nieuw jurkje aan, ook al zijn we ‘maar’ met z’n tweeën thuis, Bert en ik.
Mijn zus ging met me videobellen, dat was ook leuk. Ik ben eigenlijk een heel slechte beller maar met beeld erbij gaat het veel makkelijker!

Ik heb een paar dagen vrij nu, en dat is best lekker. Maar ik mis ook wel de kinderen van de opvang. Een paar komen hier nog wel en daar hou ik geen anderhalve meter afstand van. Uiteraard is dat uit praktisch oogpunt al onmogelijk, maar hoe wil je een baby of een peuter goed verzorgen zonder dat je hem/haar een knuffel geeft, optilt, een aai over de bol geeft, op schoot neemt?
De ouders en ik houden onderling wel automatisch afstand en ik heb nog nooit zo vaak deurklinken en lichtknopjes gepoetst als deze weken.
Het is een vreemde tijd.
Je gaat even iets bij je schoonzusje brengen, blijft op een afstand staan en strekt je arm zover mogelijk uit , dat doet  zij ook en zo kan ze het aanpakken. Niet even samen een kopje koffie, ook al woon je zo dicht bij elkaar , maar een gesprekje met een tuinpad ertussen.
Als de pakketbezorger hier iets komt afleveren zet hij/zij het pakje een stukje bij mij vandaan op de grond en doet dan weer een aantal stappen terug. En als hij ver genoeg weg is kan ik het pakje pakken. Het heeft wel wat komisch, alsof er een gevaarlijk dier gevoerd wordt ofzo. Ik steek er de gek niet mee, ik vind het serieus knap dat de bezorgers juist in deze tijd zo hard werken terwijl ze met zoveel mensen in aanraking komen.

Zou het ‘oude normaal’ nog terugkomen? Of wordt het ‘nieuwe normaal’ op den duur normaal.
Bezoekjes en een knuffel voor degenen van wie je houdt wil ik wel weer terug.
Beetje afstand houden van anderen wil ik wel prolongeren.
Wat van mij helemaal mag wegblijven zijn De Drie Zoenen. Daar heb ik altijd al een hekel aan gehad en doe er alleen aan mee omdat ik mensen niet in verlegenheid wil brengen door me na één zoen terug te trekken terwijl de ander zich nog naar voren buigt voor een tweede en derde.
Maar ik vind het zo’n rare en onnodige gewoonte. Eén zoen en dan klaar hoor. Die ene zoen vertelt al dat ik diegene extra aardig vind en daar hoeven er niet plichtmatig nog twee achteraan.
Ik vind dit een uitgelezen gelegenheid om, nu de drie zoenen toch al afgeschaft zijn, dit niet opnieuw aan te wennen.
Mee eens?

In eigen omgeving

Van de week droomde ik dat Bert het huis ging verkopen omdat hij nou eindelijk eens ergens anders heen wilde, hij woont immers zijn hele leven al in Leens. In mijn droom was ik een erg volgzame vrouw (in Berts dromen misschien ook wel) en vond het allemaal wel best. Maar toen ik wakker werd dacht ik: NEEEEEEE! Dat gaat dus gewoon ècht niet gebeuren. Bij de gedachte alleen al krijg ik heimwee. Ons lieve huis, de tuin, de plek voor de dieren, de omgeving, ik kan dat allemaal niet missen.
Ik mijmer wel eens over een klein boerderijtje met een stukje grond erom heen, maar als dat betekent dat ik hier dus weg moet, weet ik dat ik daar voorlopig nog helemaal niet aan toe ben.

Net als iedereen blijven we zoveel mogelijk thuis nu. Geen bezoekjes aan familie (gelukkig kunnen we beeldbellen), geen uitjes naar een museum of een restaurantje.
Het is prachtig weer vandaag, we willen wel even naar buiten. Niet met de auto naar een natuurgebied, wat we anders waarschijnlijk hadden gedaan, maar gewoon vanuit huis samen een wandeling maken met Lenny.

In de eigen omgeving dus.
En wat is het prachtig! Alle bomen en struiken lopen uit, er bloeien overal narcissen en wilde hyacinten, vogels zingen, het zonnetje schijnt, de lucht is blauw… het lijkt wel een scène uit de Teletubbies, gelukkig blijven die toch wel lichtelijk irritante figuurtjes achterwege.
De koeien staan weer in de weiden en er zijn lammetjes. Heel veel lammetjes. Sommige zijn nog heel pril en blijven zo dicht mogelijk bij mama. Anderen zijn al ietsje groter en durven met elkaar rond te rennen en te stuiteren. Ieder jaar verbaas ik me er weer over hoe die kleine schattige diertjes, die zo barstensvol levensvreugde zitten, uiteindelijk van die passieve schapen worden.
Ik wilde trouwens nog een foto maken, maar eh…..img-20200405-wa0012~28236829344299117621..jpg

We liepen ook langs een boerderij, waar ik heel erg blij van werd. De kippen en eenden daar hebben het zo goed, heel veel ruimte om te scharrelen en eten te zoeken, plekjes om te schuilen, vijvers om te zwemmen, ik kreeg er zelf zin in om ook zoiets aan te leggen. Maar ja, dat kan dan weer niet als ik niet wil verhuizen.

Het Groningse platteland is weids en aards. Het was dan ook heel erg vreemd dat we opeens muziek hoorden. Er was niemand in de buurt maar we hoorden duidelijk een soort orgelmuziek, het klonk ijl en mysterieus. Direct dacht ik aan oude sagen, wat zou er vroeger op deze plek gebeurd zijn? We bleven een poosje staan luisteren en ik kreeg een beetje kippenvel.

De verklaring was echter een stuk minder spannend: de muziek kwam uit de palen van een knooppunten-bord! De wind blies in de gaten, er klonken verschillende toonhoogtes en die vormden samen de spookachtige melodie.

img-20200405-wa00144452263989791603622.jpg
Ok, toch aards misschien, maar ook wel weer heel bijzonder vind ik.

Ik poseerde nog even voor een foto en toen ik ‘m thuis bekeek zag ik mijn schaduw…. een dreigende klauw boven Lenny’s hoofd………

img-20200405-wa00135800074177536848618.jpg
De natuur zit vol mysterie, ik begrijp best dat er zo allerlei verhalen zijn ontstaan.

Mijn eigen omgeving. Ik denk na zoveel jaar ieder plekje wel te kennen, maar toch zijn er steeds weer verrassende dingen. Heerlijk. Ik blijf dicht bij huis.

Lieve Nel

Begin september 1977 kwam ik je tegen in de trein. We gingen aan dezelfde opleiding in Utrecht beginnen en we bleken bij elkaar in de klas te zitten. Vanaf dag 1 waren we vriendinnen, en op school waren we onafscheidelijk. Best bijzonder, want ondanks dat ik het met veel mensen goed kan vinden heb ik het nooit op die manier gehad dat ik vanaf het moment van kennismaking zo’n hechte vriendschap had.
We waren echt serieus met onze opleiding bezig, maar wat hebben we toch ontzettend veel gelachen. Ik natuurlijk met veel lawaai, jij op jouw bescheiden manier maar wel zo dat je lachtranen in je ogen had staan. Ik zou wel honderd anekdotes kunnen opschrijven.
Maar we konden ook ernstig met elkaar zijn.
De vriendschap bleef, ook al had jij eerder werk dan ik, en ging je in Lisserbroek wonen. Ik deed toen nog maar een jaar extra opleiding maar er was niet veel meer aan zonder jou. Erg saai.
Je ontmoette mijn broer en de rest is geschiedenis. Ik heb niet vaak een stel gezien wat zo ontzettend gek op elkaar was en bleef, al die jaren lang. Je was toen niet meer alleen mijn vriendin, maar ook mijn schoonzusje.
We werden samen volwassen, we werden samen ouder, we maakten van alles mee wat het leven mooi maakt en wat het leven moeilijk maakt.
Grote en kleine gebeurtenissen, verwachte en onverwachte dingen, geluk en verdriet, hoop en angst…. alles wat het leven ons bood maakten we van elkaar mee. .
En ik wilde met jou heel oud worden, maar het mocht niet zo zijn. Na 12 jaar downs en ups moest je de strijd tegen kanker opgeven.
Op 1e paasdag, 31 maart 2013 ben je overleden. Vandaag 7 jaar geleden. Je was op, je kon niet meer. En ondanks mijn grote verdriet hield ik me vast aan de gedachte dat je nu weer samen met Jan Willem kon zijn.

Een rouwproces is grillig.  Je kan niet zeggen: nu ben ik er klaar mee, nu heb ik het verwerkt. Altijd, bij mij althans, blijven er onvoorspelbare momenten.  Zodat ik de ene keer kan glimlachen en de andere keer een pijnlijke steek voel.
En voor jou heb ik niet eerder iets geschreven, gewoon omdat ik daar niet aan toe was.
Dat punt heb ik nu wel bereikt, ook al zit ik hier met natte ogen te typen.
Lieve Nel, ik mis je nog steeds en ik zal je mijn leven lang blijven missen. Je was een bijzonder mens en ik denk nog heel vaak aan je. Dank je voor je vriendschap en je liefde. 35 jaar aan kostbare herinneringen voor altijd in mijn hart.

thumbnail_FB_IMG_1585665518728 thumbnail_FB_IMG_1585665695667

 

Laag pitje

Niet veel onderwerpen om over te schrijven nu, voor Daagse Dingen. Iedereen is immers met hetzelfde bezig momenteel. Alles wat gezegd moet worden over het corona-virus is gezegd en helaas ook veel wat helemaal niet gezegd had moeten worden.
Voor wat dat laatste betreft wil ik social media voor mezelf wel gesloten houden. Ben helemaal klaar met alle onnodige sensatie, het nepnieuws en de reacties daarop. Het is allemaal al ernstig genoeg zonder dat we elkaar de stuipen op het lijf jagen met onwaarheden en haatzaaierij.
Ik open facebook nog voor mijn suffe, maar ontspannende, drie-op-een-rij spelletje en om een beetje in contact te blijven met mijn familie en vrienden. Helaas zit er geen categorieën- knop op facebook zodat ik wel alle shit onder ogen krijg die ik niet wil zien. Ik heb geen idee waarom mensen erop kicken om akelige berichten te verzinnen en te verspreiden, maar heb ook geen zin om me daarin te verdiepen.
Wat nuttig is, wil ik via de officiële kanalen halen en voor mij is dat meer dan voldoende. Niet om oogkleppen op te zetten. Maar om normaal te kunnen blijven denken en geen onnodige geestelijke energie te verspillen.
Ik haal ’s ochtends altijd de krant uit de brievenbus en lees de soms de koppen. Heb er al vaker over geschreven dat de overload aan nieuws me geen goed doet. (Hoe dan?)
Vandaag staat er een mooi woord in de krant. Infodemie.
Dat dekt voor mij precies de lading.
De corona-pandemie wordt, als iedereen zich aan de regels houdt, gecontroleerd verspreid om de gevolgen zo beperkt mogelijk te houden. De infodemie helaas niet, die klauwt ongebreideld om zich heen. Gevaarlijk. Doodeng.

Terwijl ik dit typ zitten er ook 2 jongens aan tafel, ze maken het schoolwerk van groep 5 en 7. Ze vragen hulp als ze er niet uitkomen, ik mag weer even juf zijn. Gister verzorgde ik babies en werkte ik met een kleuter over het schoolthema ‘kriebelbeestjes’.
Een aantal kinderen komt hier een poosje niet, hun ouders werken niet in de zogenaamde cruciale beroepen. Alles is anders, het lijkt haast een beetje verstild, ook al heb ik nu uitsluitend dagopvang en genoeg te doen. Mijn werk is niet zo hectisch en indringend als dat van de ouders die in de zorg werken, maar ik ben blij dat ik er voor hen kan zijn, door hun kinderen op te vangen.
Ik ben al jaren lang gewend om thuis te werken natuurlijk, maar toch is dit totaal anders.
Voor mijn werk heb ik een kast vol speelgoed voor alle leeftijden. En van de week zag ik ineens wel de humor in van het constructiemateriaal ‘bunchems’ waar zo graag mee gespeeld wordt.  Want zeg nou zelf:

img_20200324_0947441506627729133539142644.jpg
Ik kijk er nu ineens heel anders tegenaan en dat zal waarschijnlijk nooit meer veranderen.
Nee het corona-virus is niet iets om grappen over te maken. Maar wat mij betreft mag een beetje milde humor wel.

 

Lieve Mama

Volgende week is het 6 jaar geleden dat je voorgoed je ogen sloot. Ik had de hele nacht bij je gewaakt. Voor je gezongen, je hand vastgehouden en verteld hoeveel ik van je hou. Mijn laatste uren samen met jou zijn voor mij, en ik hoop ook voor jou, heel waardevol geweest.
Wanneer heb ik afscheid van je moeten nemen? Toen ik daar van de week over nadacht kon ik geen antwoord geven.

Mama, jij was de belangrijkste vrouw in mijn leven en toen ik opgroeide werd je mijn voorbeeld. De liefde en zorgzaamheid die jij aan je gezin gaf, je humor, maar ook je levensinstelling. Ik ga je niet idealiseren, we hadden natuurlijk heus onze irritaties wel. Maar je was een prachtmens. Bij jou kon ik altijd terecht. Om mijn hart uit te storten, om iets gezelligs te doen, om vertroeteld te worden, om samen zo verschrikkelijk te lachen dat we bijna in ons broek piesten, om adviezen te krijgen, om lekker aan te schuiven als ik zelf geen zin had om te koken, om hulp bij de kinderen als ik ziek was, noem het en je was er. Altijd.
Tot aan die ene dag in 1994. Je had een acute hersenontsteking en dat was levensgevaarlijk. Je kwam er doorheen, maar je was niet meer de oude. De ontsteking had voor onomkeerbare beschadiging gezorgd.
Eigenlijk moest ik toen al afscheid van je nemen. Maar je was er nog! Dus ik nam geen afscheid. In de jaren die volgden kreeg je ernstige dementie- verschijnselen. Moest ik nog meer afscheid nemen. Maar ik deed het niet, want je was er nog.
Het hartverscheurende moment voor mij, toen je niet meer wist wie ik was. Ik was een totale vreemde voor je geworden, de hechte band die we als moeder en dochter hadden was volledig uit jouw herinnering verdwenen. Ik was alleen. Ik moest afscheid nemen, maar ik deed het niet want je was er nog.
Het enige moment dat ik dankbaar was over de mist die je herinneringen vervaagde, was toen Jan Willem overleed. Zo heb je niet het onbeschrijflijke verdriet hoeven voelen dat je zoon gestorven was, dat is je God zij dank bespaard gebleven.

Lieve mama, je levensvlammetje doofde heel langzaam. Altijd was je nog blij en dankbaar voor alles, voor de plek waar je woonde, voor de mensen die voor je zorgden.
Uiteindelijk was je lichaam op. Toen moest ik definitief afscheid nemen. Nu was je er echt niet meer. En toch… nu je geest niet meer verward en verdoofd was, zag je er anders uit. Ik kon weer zien hoe je was geweest en dat was zó mooi!
Het was heel bijzonder en ondanks mijn verdriet werd ik er blij van.

Eigenlijk ben ik dus 20 jaar bezig geweest om afscheid van je te nemen. Iedere keer een beetje, steeds weer een nieuw verdriet. Het was zwaar. Maar bestaat er een goede manier? Een abrupt afscheid is moeilijk. Een voorbereid afscheid is moeilijk. En een langgerekt afscheid is moeilijk. Dus ieder afscheid van iemand van wie je zoveel houdt is moeilijk, er is geen goede manier.
Waar ik dankbaar voor ben, is dat in de loop van de jaren na je overlijden steeds meer herinneringen boven komen aan hoe je was voor je ziekte, zodat de herinneringen aan de laatste tijd niet meer de boventoon voeren.
Je bent nog steeds mijn voorbeeld. De liefste mama van de wereld.

thumbnail_1962

Nederlands

Nu ik zoveel schrijf, niet alleen in blogs maar ook op andere manieren, merk ik veel meer op hoe onlogisch de Nederlandse taal is. Vooropgesteld dat ik het echt een leuke taal vind met heel veel mogelijkheden tot creativiteit en sfeertekening, kan ik me over sommige dingen echt verbazen. Hoe zijn bepaalde regels ontstaan?
Ik zoek vandaag, heb gisteren gezocht. Maar als ik vloek heb ik niet gisteren gevlocht. Ik loop en heb gelopen. Ik koop, maar heb niet gekopen.
Het is een vreselijk ingewikkeld systeem met zogenaamde sterke en zwakke werkwoorden wat je maar gewoon uit je hoofd moet leren, want begrijpen kan je het toch niet:
Ik slijp- ik heb geslepen; ik knijp–ik heb geknepen; ik pijp-ik heb gepepen. Of niet.

We eten een kippenei, een eendenei, maar niet een struisvogelsei, dan heet het ineens struisvogelei.
Terwijl dat laatste juist logisch is, want je eet immers het ei van 1 vogel . Je zondagse eitje is niet het product van meerdere kippen. Het zou dus een kipei moeten zijn.
Daarentegen drinken we koemelk, maar dat is juist een mengsel van de melk van vele koeien. Dus dat is weer precies andersom verkeerd.
Als ik een karbonaadje eet, is dat varkensvlees. Klopt niet, het is vlees van 1 varken. Maar we zeggen niet varkenvlees. Dat doen we wel bij rundvlees. Dan mag het ineens wel, de biefstuk is van 1 rund.

Nog even over die melk. We hebben dus koemelk, maar geen geitmelk of schaapmelk.
Wat wel enkelvoud is, is moedermelk. Wat eigenlijk een pleonasme is. Want melk (de plantaardige soorten die we ook melk noemen, maar geen melk zijn buiten beschouwing gelaten) is altijd moedermelk, alleen bestemd voor verschillende soorten babies. Het zou dus eigenlijk mensmelk moeten heten. Of vrouwmelk, want we zeggen ook geen rundmelk. Maar we evenmin hebben we het over ooimelk. Volgen we het nog een beetje?

Dan is er de inconsequentie waar al vaak grappen over gemaakt zijn:
Als olijfolie van olijven gemaakt is, waar is babyolie dan van gemaakt….
In mijn werk heb ook zoiets. Ik ben gastouder en wat ik bied wordt gastouderopvang genoemd. Maar ik vang helemaal geen gastouders op, ik vang kinderen op. En daarom run ik een kinderopvang.
Het ‘van’ en ‘voor’ wordt in het Nederlands lustig door elkaar gebruikt. Kan erg verwarrend zijn.
Ik wil het ook nog even over voorvoegsels hebben.
Boerensoepgroente. Wat moet ik me daarbij voorstellen? De soepgroente die boeren gebruiken? Is dat dan anders dan de soepgroente die mensen die geen boer zijn gebruiken? Zo raar. Naast de boerensoepgroente ligt dan de fijne soepgroente. Het lijkt wel iets uit het feodale tijdperk.
Huisgemaakt. In welk huis? Is het een vertaling van Home-made? Dan moet het thuisgemaakt zijn maar ik denk niet dat een kok thuis de boel staat te koken en dan meeneemt naar het restaurant. Dan moet het dus eigenlijk restaurantgemaakt zijn. Maar dat klinkt blijkbaar niet aantrekkelijk genoeg.
Versgebakken brood. Hoe wou je het anders doen. Oudbakken brood bestaat wel natuurlijk maar dat is niet oudgebakken brood.

Nederlands schijnt voor anderstaligen een moeilijke taal te zijn om te leren. Misschien door het gebrek aan logica.
Vandaag BEN ik, gisteren WAS ik … hoe moet je dat nou weten? Niet verwonderlijk dat een kind rustig zegt: “gister bende ik bij oma geweest”. En geweest is dan ook nog eens het voltooide deelwoord van wezen. Dus “ik was geweest” is sowieso al dubbelop. Waarom moet dat.
Je las ook niet deze blog geleest.

 

vlag