Het is hier voorjaarsvakantie en Dorpsbelangen organiseerde vandaag een Springfestijn voor de kinderen. Er werden vrijwilligers gevraagd om toezicht te houden en dat leek me leuk. Ik verveel me echt niet thuis, heb van alles te doen. Het enige wat ik steeds meer begin te missen is de levendigheid van kinderen. Het is niet zo dat ik er weer mijn werk van wil maken, maar de omgang met kinderen is voor mij wel onmisbaar. Dus ik gaf me op voor de middag.
Ik mocht kiezen of ik bij de groten of de kleintjes wilde staan, ik koos de kleintjes. Kinderen tot en met zes jaar mochten in ‘mijn’ afdeling komen springen. Er stonden een paar prachtige luchtkastelen klaar en het was mooi overzichtelijk voor kleine kinderen.
In de rest van de zaal stonden grote kastelen, hele hindernisbanen, een opblaasbaar voetbalveld, het was prachtig allemaal.
Om 13.00 u. gingen de deuren open en daar kwamen ze.
Och wat een verschil gelijk. De groten renden juichend overal heen en stortten zich in het festijn. De kleintjes kwamen voorzichtig aanlopen, grote ogen van verwondering, ze kozen iets uit wat ze wilden proberen en keken naar ons (ik was met nog een vrijwilliger) of het goed was.
Vroeger kende ik zo’n beetje ieder kind hier in het dorp. Nu helemaal geen eentje meer. Wat ben je daar snel uit!
Maar wat waren dingen toch nog herkenbaar. Meisjes met tule rokjes, een jongetje in een Spidermanpak. Een tenger jochie met stralende ogen , hij leek op de kleinzoon van mijn zus. Kleine meisjes, waarvan de staartjes en vlechtjes, naarmate de middag vorderde, steeds losser gingen zitten, zodat hun lange haar langs hun steeds roder wordende wangetjes slierde De truien gingen uit, de hemdjes verschenen. Sommige hele kleintjes vermaakten zich vooral door heerlijk heen en weer te rennen. Soms nauwelijks bijgehouden door papa of oma, die uiteraard allerlei ongelukken in het verschiet zagen.
Maar er gebeurden gelukkig helemaal geen ongelukken, het was gewoon ontzettend leuk.

Ik had een T-shirt van Dorpsbelangen aan en voelde me echt een crewmember. Maar het was vooral voor de kinderen, dat ze wisten aan wie ze wat konden vragen. En ook dat als wij zeiden dat ze niet op de glijbaan mochten klimmen, maar aan de andere kant het kasteel in moesten, ze naar ons luisterden. Maar nogmaals: geen enkele wanklank. Heerlijk, ik kreeg de glimlach niet van mijn gezicht.
Ik ging even wat water drinken en toen ik terugkwam in de zaal walmde een bekende lucht me tegemoet. Ik ben zo vaak in een binnenspeeltuin geweest, dat de cocktail van sokken, zweet, plastic en verschillende parfums van moeders en oma’s een vertrouwde geur was.
Er kwam een jongetje naar me toe. ‘Mag ik wat vragen?’vroeg hij heel netjes.
‘Natuurlijk, zeg het eens.’ antwoordde ik.
‘Waarom staat dat oog en dan 18+ op dat springkussen? Dit is toch voor kinderen?’
Slim bedacht vond ik. “Het betekent dat iemand die ouder is dan 18, dus een volwassene, toezicht moet houden als er kinderen springen.’
‘O ja,’ en zoef hij was weer weg.
Ik zie op de icoontjes dat ik er zelf ook nog op had gemogen, met mijn nog geen max. 1.6 m.
De tijd ging vlot, terwijl ik genoot van al die blije kindjes, de stemmetjes en de vriendschappen die zomaar gesloten werden onder het springen en glijden.
Ineens hoorde ik toch een kindje heel hard huilen achter me. Was er toch iets mis gegaan?
Ik draaide me om en zag een meisje op de grond zitten blèren terwijl haar moeder verhit bezig was om te proberen haar de schoentjes weer aan te doen. Er was niks mis, ze moest alleen naar huis. Blijkbaar geheel tegen haar eigen plannen in.
Maar onherroepelijk werd het 15.00 u. en was het feest ten einde.
Ik bleef nog om te helpen opruimen. Nou dat heb ik geweten. Goeie genade, wat was alles ontiegelijk zwaar. De luchtkastelen werden door het verhuurbedrijf opgehaald en de compressors moesten allemaal naar de deur gebracht worden. Daarna moesten alle matten, en de kasten en banken die we als afscheiding hadden gebruikt, weer op hun plek in de bergruimtes van de gymzaal. Ik sjouwde en sjorde en duwde en tilde tot ik er zo’n beetje bij neerviel. Daarna moesten de elektriciteitskabels nog opgeruimd. Man man man, een meter kabel was ongeveer zo zwaar als onze hond en de kabels waren vele meters lang, het liep door de zaal, kleedkamers, gang, kantine naar de meterkast.
Eindelijk hadden we de boel op de goede plek verzameld. Een meisje vroeg of ik nog even kon helpen een bank te tillen, maar ik zag ondertussen letterlijk sterretjes voor mijn ogen dus ik ben eerst even gaan zitten met een flesje spa rood.
Dat hielp. Maar het was ook verder allemaal wel klaar. T-shirt weer ingeleverd en aan de wandel, weer naar huis. Na zo’n dag vind ik dat we patat moeten halen. Dat hebben we echt al maanden niet gedaan en nu, na zo’n kinderfestijn, vind ik dat de beste afsluitng.
Dus dat doen we!



Wat een pret!! Heerlijk onderuot vanavobd en wat zullen die kinderen heerlijk slapen. Ze zijn vast helemaal uitgeteld.
LikeLike