Categorie archief: Algemeen

Depressie

De halfjaarlijkse markt van ons vrouwenkoor is al eerder ter sprake gekomen in een
vorig verhaaltje .
Vandaag was het weer tijd voor de voorjaarsmarkt.
Het weer wilde goed mee werken, het publiek helaas niet.
De markt startte om 10 uur, en toen ik om 12 uur verscheen om mijn verkoopskills
in praktijk te brengen (we hadden de uren netjes verdeeld onderling) was er eigenlijk nog niets verkocht.
De superleuke potten met “bijna koekjes” stonden er allemaal nog, evenals de door mij zo vlijtig gemaakte cake-ijsjes. Jammer hoor, we hebben er met z’n allen veel werk aan gehad, en het is leuk als dat ook wat oplevert voor het koor. Maar niet dus.
Depressie ja, maar eigenlijk slaat de titel van dit stukje daar niet op.
Ik stond er natuurlijk niet alleen, van 12 tot 2, maar met twee  andere dames.
Eén daarvan was Irene. Ze heeft haar naam natuurlijk al mee, maar we hebben
samen altijd veel lol.
We delen hetzelfde gevoel voor humor en soms zijn we op de koorrepetities net een stel
middelbare-schoolmeiden die op moeten passen om niet de klas uitgestuurd te worden.
Ik rommelde in een doos met 2e-hands boeken. Meest streekromans in de categorie
Jo van Nieland-Braat (volgens Godfried Bomans) maar ook nog wat ander spul ertussen.
Ik viste “De gelukkige huisvrouw” uit de doos en vroeg aan Irene: “Ken je die?
Ik alleen van naam”.
“O, ik vind het een vreselijk boek” zei Irene. “Grof, de stijl ligt me totaal niet”.
“Waar gaat het over?” vroeg ik.
“Over een vrouw met een postanale depressie” antwoordde Irene.  Ik keek haar aan.
Geen spoortje van spot op haar gezicht, geen twinkeltje in haar ogen.
“Wat zei je?” vroeg ik voor de zekerheid, “Wat heeft ze?”
“Een postanale depressie”  herhaalde Irene in alle ernst. Ik gierde het uit.
“Een postnatale depressie dan toch zeker?” wist ik nog enigszins verstaanbaar uit
te brengen.
Irene keek verschrikt: “Wat zei ik dan? Postana….  Oooooh….” het kwartje viel en ook zij
schoot vreselijk in de lach.
Vervolgens probeerden we stikkend van het lachen elkaar te vertellen wanneer je allemaal last kan hebben van een postanale depressie, maar die details zal ik de lezer besparen.
Met een beetje fantasie kan je daar zelf trouwens ook wel op komen!
Als een stel pubers hadden we de slappe lach en dat maakte de tijd dat we voor de marktverkoop niks te doen hadden toch nog gezellig.
Ik heb het boek overigens niet gekocht.
Nu nog, zoals meestal, een plaatje bij het verhaaltje. Dat wordt moeilijk deze keer.
Okay, ik zal het netjes houden:
depressie

 

Kalk

Als er iemand fan is van lekker douchen, dan ben ik het wel. Maar die badkamer…  het is een kalkhol.
Echt. Vandaag nog maar eens het gevecht aangegaan.
Met moed der wanhoop inmiddels wel, want eerdere strijd heeft nooit een echte overwinning mijnerzijds opgeleverd.
Meer een ‘nou ja , zo moet het dan maar weer.’
Is er nou echt niks aan te doen?
Even googlen wat de rest van Nederland er aan doet.
De eerste ‘tip’ die ik onder ogen krijg: ‘Het beste werkt om het  schoonmaakwerk goed bij te houden.’
JOH! Dat ik daar nou werkelijk nooit aan gedacht heb! Gouden tip, ik ben klaar!
O nee. Ik hou het al bij, maar ik krijg nooit de kalk goed weg, dus die koekt (bah wat een vies woord is dat!) aan tot een bruinwitte, korsterige substantie. Liefst in richeltjes van de kraan waar je sowieso al moeilijk bijkunt.
En vastgebakken kringen op de mooie blauwe vloertegels. Leve de frissigheid.
De volgende tip is van ‘Oma weet raad’. Nou, ik denk dat oma nog stamt uit het tijdperk van 1x in de week in de tobbe , want ik kan hier echt niks nuttigs bij vinden. Schoonmaakazijn! Been there, done that…. helpt niet.
Alles ruikt alleen maar zo zuur als ik me voel en de kalk blijft muurvast zitten.
Andere site. Tandpasta! Huh? Als dat helpt, wat doet het dan voor mijn gebit…. eng idee! Toch maar even proberen.
‘Insmeren en dan met  een ruwe doek afnemen. De kalk vliegt er vanaf!’
Ai, het enige wat eraf vliegt, is de temperatuuraanduiding van de thermostaatkraan.
Wel verdorie.
Tip zoveel. Stoomreiniger. Die heb ik! Dus ik ga de kalk ermee te lijf! Jaaaaa, ik zie niks meer! O wacht, dan komt van de stoom. Mijn bril is matglas en als ik niet uitkijk gaat de rookmelder ook nog af.  Als de mist optrekt, is het eerste wat ik zie de kalk op de kraan…. Zou het op de vloertegels wel werken?
Nee helaas, ook niet. De bruine kringels op de blauwe tegels blijven hardnekkig zitten.
Nog meer tips. Middeltje zus-en-zo uit de winkel.
Mister Muscle, Cilit Bang, HG reiniger, Ajax, Witte Reus, Antikal, Aldikal….. noem de hele santekraam maar op.
Ik heb het wel eens geprobeerd. Het is spelen met je leven.
Wat een ongelooflijke rotzooi is dat, als je het inademt ben je van de wereld.
Als je ook de voorzorgsmaatregelen leest…. het lost zo’n beetje alles op wat in je badkamer staat. Behalve waar het om gaat natuurlijk: de kalk.
Staalwol, schuursponsjes, nagelvijl, beiteltje (echt!!) alles komt voorbij op Google.
Cola, meel, steradenttabletten…. wat verzint men allemaal. EN HET HELPT NIET!
Ik begin me af te vragen of we in Groningen andere kalk hebben dan in de rest van Nederland. Het zou zomaar kunnen.
We hebben tenslotte ook aardbevingen en sneeuw, terwijl de rest van Nederland daarvan verstoken blijft.
Men stuurt ruimtesondes naar Mars, men kloont schapen, men luistert de hele wereld af….  maar waarom kan niemand mij vertellen hoe ik de kalk uit de badkamer verwijder dan wel houd?
Dat sprookje van ‘gladde oppervlakken, makkelijk schoon te houden’, dat geloof ik dus niet meer.
Mijn volgende badkamer ga ik zelf ontwerpen. Het wordt een imitatie van een druipsteengrot.
Die kan er op den duur alleen maar mooier op worden, de stalagmieten dan wel – tieten zullen in no-time aangroeien.
Ik word al enthousiast van het idee!

kalk

Kerstboodschap(pen)

Op de maandag voor de Kerst
moest het maar gebeuren
naar de Jumbo huppekee
Blij en zonder zeuren

Bij de ingang zat er weer,
zoals wij zijn gewoon,
met kerstmuts en accordeon
de dorps allochtoon.

Hij speelde non-stop Jinglebells
Hij was niet te stuiten
Ik rende snel de winkel in,
hij bleef gelukkig buiten.

Te laat, het deuntje dreinde door
Jingle all the way
ik nam dat stomme liedje dus
gezellig met me mee.

Ik raadpleegde mijn lijstje
en sjouwde heen en weer
Ik kon niet alles vinden
en kwam dus keer op keer

dezelfde mensen tegen
die net zo druk als ik
de winkel steeds doorkruisten
met een verwezen blik.

Flarden van gesprekken
bereikten steeds mijn oor
“zie jij de pasteibakjes?
Ik kan ze niet vinden hoor”

“Had jij Johan nog ge-appt
of hij ook spruitjes lust?”
Ja, maar hij appte niet terug
nou,koop ze maar gerust”

 “Waarom moeten we ook nog soep,
we zouden toch gourmetten?”
“Verdorie er is geen magere melk!
Nee, ik wil geen vette!”

“ Die kerststol uit de folder
waar zou die ergens zijn?”
“Die ijstaart is echt veel te groot
is die er niet in ’t klein?”

Jinglebells, jinglebells
jingle all the way
O what fun, mijn lijstje was
afgewerkt, joechei

Op weg dus naar de kassa
en naar de lopende band
toen alles weer in ‘t karretje
en langs de muzikant.

Jinglebells, Jinglebells
nog steeds datzelfde lied,
dat het zo eindeloos kan duren
echt, dat wist ik niet.

De accordeon speelde maar door,
Ik neuriede zelfs mee
krat en tassen ingepakt
Jingle all the way.

                Nee het wordt geen vreetfestijn
zoals vaak wordt beweerd.
Maar een verjaardag vier je toch?
Is het dan verkeerd
Jezus’ verjaardag te vieren
met extra lekker eten?
Want waar het Kerstfeest echt om gaat
ben ik heus niet vergeten!

loesje

                                     

Fiets

Er stond een oude fiets in onze garage. En dan bedoel ik ook echt oud.
Een matzwart barrel met een roestig stuur en 2 verteerde lekke banden en een halfvergane leren fietstas.

fiets
Hij stond er al toen ik bij Bert kwam wonen.
“Van mijn opa geweest” zei hij, en ik snapte wel een beetje dat het ding dus enige emotionele waarde had.
“Wil je die nog eens opknappen?” heb ik wel eens voorzichtig gevraagd.
Maar dat was niet echt de bedoeling, hij stond daar gewoon. Oke, prima. Ik bewaar ook wel eens wat.
Maar er kwamen steeds meer dingen in de garage te staan in de loop der jaren, met als grootste ruimteverslinder een klassieke auto. Die fiets stond eigenlijk best in de weg.
Ik begon er niet over, het was Berts fiets. Maar hijzelf vond het wel lastig worden en zo werd het besluit genomen dat de fiets er toch maar uit moest.
“Ik wil ‘m op Marktplaats zetten” zei Bert. Ik dacht niet dat het iets zou opleveren, maar nogmaals, het is Berts fiets dus ik had me er niet mee te bemoeien.
Gister waren we dan de boel een beetje aan het opruimen en de fiets kwam uit de garage op de oprit te staan.
Buurvrouw kwam voorbij. “Hest nog belang bie ’n olle fiets, Jantje?” vroeg Bert, eigenlijk als geintje.
Nee, zijzelf niet, maar waarom brachten we hem morgen niet naar de Najaarsmarkt die we hielden ten behoeve van ons vrouwenkoor? ( Even voor de goede orde: zowel Jantje als ik zijn lid van dat koor, en we houden 2 x per jaar een verkoop,  een Voorjaars- dan wel een Najaarsmarkt.)
Volgens Jantje waren er vast wel liefhebbers voor.
Ik dacht er alweer het mijne van, maar ach, wij waren de fiets in ieder geval kwijt dan.
Vanmorgen dus de fietsendrager op de auto, en de fiets, tezamen met nog wat spullen die we kwijt wilden, naar de markt gebracht.
Mijn schoonzusje stond er al als verkoopster en haar gezicht sprak boekdelen.
Ikzelf had al tegen Bert gezegd: “Je mag ‘m zelf aanbieden hoor, het is jouw fiets.”
Lees:  ik geneer me voor dat ouwe wrak en ik wil er niet mee geassocieerd worden.
Schoonzusje nam geen blad voor de mond en vroeg wat er met dat ouwe kreng moest, daar gaf toch niemand een stuiver voor? Aan ’t einde van de dag ging zij ‘m in ieder geval niet opruimen!
Bert liet zich niet uit het veld slaan en zette de fiets op een prominente plek.
Het ding stond er nog geen 3 minuten toen er een mannetje het marktje op kwam lopen.
Hij had geen oog voor de mooie herfstbloemstukken en lekkere eigengebakken cakes en leuk gerangschikte spulletjes, maar hij stevende regelrecht op de fiets af. Hij liep er omheen en bekeek het ding nauwkeurig.
Ik zag dat hij iets aan Bert vroeg en samen liepen ze naar ’s mans auto, die even verderop geparkeerd stond.
De klep ging open en er kwam een boekje uit.
Je kunt het geloven of niet maar het was een boekje met framenummers van
antieke fietsen! Wie heeft dat nou in vredesnaam in z’n auto liggen als hij op zaterdagochtend in Leens langs de markt van het vrouwenkoor rijdt?  Deze man dus.
Het framenummer stond er in en de fiets bleek uit 1954 te komen. Niet helemaal zo oud als we gedacht hadden, maar toch een eerbiedwaardige leeftijd.
Ik was benieuwd hoe het verder zou gaan en kwam wat dichterbij staan, zodat ik het ook kon horen verder.
De man vroeg hoeveel de fiets moest kosten en Bert noemde een bedrag waarvan mijn wenkbrauwen omhoog schoten.
De ogen van het mannetje begonnen te glimmen, maar hij wilde toch nog wel ietsje afdingen.
Nou een klein beetje dan, maar lager gingen we echt niet!  Dat waren notabene de woorden van schoonzusje, die erbij stond alsof ze een doorgewinterde antiekverkoopster was en volledig op de hoogte was van de waarde van de fiets.
Deal, koop gesloten! De fiets was echt verkocht. En hoe, het was zelfs de eerste verkoop van de dag!
Ik erkende ruiterlijk mijn nederlaag tegenover Bert en vroeg hem of hij zich nu niet heerlijk voldaan voelde na deze succeservaring.
Bescheiden als hij is, ging hij niet helemaal uit z’n bol, maar ik kon merken dan hij er wel allemachtig veel plezier in had. En dat is hem gegund.
We zullen komende week een liedje voor hem zingen met het vrouwenkoor.

Klantenservice

Online bestellen is gemakkelijk. Zeker als je een klein winkelaanbod in de buurt hebt
en niet vaak in de gelegenheid bent om naar de stad te gaan.
En sommige dingen blijken alleen nog online verkrijgbaar te zijn, terwijl de reguliere winkels ze uit hun assortiment gehaald hebben.
Zo hebben wij letterlijk half Europa afgezocht naar een bepaald parfum, wat ik persé wilde kopen voor Irene, maar dat ineens niet meer verkrijgbaar bleek.
Niet in Groningen, Utrecht en Amsterdam, niet op Schiphol. Niet in Dublin,
niet in Griekenland.
Maar ineens wel in diverse webshops! Dus dan is de keuze voor online winkelen ook
snel gemaakt.
Mooi op tijd voor haar verjaardag.
Maar er moest nog wat bijkomen.
En wel iets wat ik zag op de site van V&D. En dat via de webwinkel te bestellen was.
Makkelijk, want ik kom niet meer in de stad voor het weekend dat ik het nodig heb.
Vanwege eerdere bestellingen had ik een account.  ‘Makkelijk en snel voor uw volgende bestelling’ .
Jawel. Eigenlijk heb ik een hekel aan accounts aanmaken. Al bestel je een doosje paperclips online, je moet je hele doopceel invullen wil je het bezorgd krijgen.
Het lastigste is altijd het wachtwoord.
Voor zulke dingen wil ik het mij welbekende wachtwoord invullen, zodat ik nooit hoef te denken:  wat was het ook  al weer…
Maar ook dat wordt je niet makkelijk gemaakt,  omdat je soms ineens weer meer tekens moet invoeren, of cijfers en leestekens moet toevoegen, mens wat een gezanik.
Maar goed, voor V&D heb ik dus een account en ik kwam er nog in ook.
Artikel in het virtuele winkelwagentje gedaan, winkelwagentje geopend en
bestelling voltooid.
Tot ik wilde betalen, met iDeal.
Melding: er is een storing opgetreden in de betaalomgeving  (raar woord!)
probeert u de procedure nogmaals te volgen.
Overnieuw.  Idem dito: Er is een storing, etc.
En nog maar een keer. Dat schoot niet op zo. Maar ik had m’n zinnen op dat artikel gezet.
Telefoonnummer van Klantenservice stond ook op de site, dat maar eens bellen.
“Dit informatienummer kost  11 cent per minuut met een starttarief van 4,5 cent, plus de kosten van het gebruik van uw telefoon. Voor de meestgestelde vragen kunt u terecht op onzewebsite…. bla bla bla ”   een heel verhaal voordat ik eindelijk in het keuzemenu kwam.
‘Uren,dagen, maanden , jaren…’ schoot mij een bekende liedregel te binnen….
Dat ging alvast lekker met die 11 cent per minuut. En dan eindelijk het keuzemenu,
wat ik ook helemaal moest uitluisteren voordat ik de keuzeknop daadwerkelijk
kon gebruiken.
Het irritatieniveau was al aardig gestegen inmiddels.
“Goedemiddag, Klantenservice, waar mee kan ik u helpen?” zong een vrouwenstem.
Ik deed mijn verhaaltje.
“O, dat is lastig!”
Dat kon ik alleen maar beamen.
“Heeft u de cookies op de site geaccepteerd?” Ook zoiets ergerlijks, dat cookiegeneuzel.
Ja die had ik geaccepteerd.
“O, dan moet u nu de cookies verwijderen”.
Huh? Ik moet de cookies accepteren en vervolgens verwijderen? Hoe nutteloos!
“Het kan zijn dat er teveel cookies opstaan en dan werkt het niet.“
O, nou oké, dat moest ik dan maar even  proberen.
“Prima, goedemiddag!“ zei ze blij.
Telefoon neergelegd, cookies verwijderd op de pc.
Poging 4 om het artikel te gaan betalen en zo mijn bestelling af te ronden.
‘Er is een storing opgetreden etc…. ‘  Grrr. Dat had dus niets geholpen.
Wederom Klantenservice gebeld. “Dit informatienummer….” Jahaaa dat weet ik nou wel!
Toevallig kreeg ik dezelfde vrouw aan de lijn. Ik mag tenminste aannemen dat
V&D Nederland wel meer dan 1 medewerkster heeft zitten daar.
“Ik krijg nog steeds een foutmelding” zei ik.
“En u heeft de cookies geaccepteerd?“
“Ja” .
“En heeft u ze ook weer verwijderd?”
Ik begon zowat te knarsetanden, dacht ze dat ik infantiel was of zo.
“Ja, maar dat helpt dus niet”, poogde ik nog enigszins vriendelijk te zeggen.
“Heeft u nog een andere webbrowser?”
“Nee, die heb ik niet.”
“ Kunt u misschien op een andere computer bestellen?”
“Nee dat kan ik niet.  Ik wil gewoon via mijn account een artikel bestellen en betalen en dat  lukt niet”.
“Nou, dan weet ik het ook niet”, zei ze plompverloren.
“Tja, en nu?”, vroeg ik, want ik wilde dat artikel hebben!
“ Ik kan even voor u bellen naar het dichtstbijzijnde filiaal of het daar op voorraad is.”
“Maar dan moet ik het zeker zelf ophalen?”
“Ja, dan kan het niet bezorgd worden.”
Goeie genade mens, waarom denk je dat ik online bestel?? Dat zei ik niet, maar dat
dacht ik wel !
“Nee, dat kan niet”, zei ik, ”Ik ben niet in de gelegenheid om naar de stad te gaan voor
het weekend.”
“Nou”, zei ze op een toon die illustreerde dat ze ondertussen haar schouders ophaalde,
“Dan weet ik het niet.”
“Nee, ik ook niet!” zei ik pissig en legde de telefoon neer.
Direct ging de telefoon weer over. Een computerstem vroeg of ik mee wilde
werken aan een klanttevredenheidsonderzoek over het contact met de Klantenservice
van V&D.
Ha, kom maar op!
Het ging ook weer via een keuzemenu,  1 was heel tevreden, 5 was zeer ontevreden.
De vragen gingen over vriendelijkheid, deskundigheid en of er een bevredigende oplossing was gevonden.
Voor vriendelijkheid een 4, de rest was onherroepelijk een 5. Het leek gewoon nergens op.
Toch wilde ik nog steeds graag dat artikel hebben. Eigenlijk moest en zou ik het hebben. Uit principe!
Ik kreeg een andere idee. Je kon ook, als je een niet-bestaande klant was, zonder
account bestellen.
Even uitproberen.
En ja zeg, het lukte! Aan mijn account om “de volgende keer makkelijk en snel te bestellen”  had ik geen moer,  het was niet makkelijk en niet snel, sterker nog ik kon niet eens bestellen!
Maar  als niet-bestaande klant had ik het binnen een minuut voor elkaar!
Ik vroeg me af of ik zelf maar moest solliciteren bij de Klantenservice van V&D.
Ik voelde me arrogant tevreden met mezelf.
Inmiddels is het artikel binnen. Zonder problemen op de afgesproken tijd.
Nu maar hopen dat ze het mooi vindt!  En anders hou ik het gewoon zelf. Als trofee!

klantenservice

 

Hallow Jumpo

Kinderstemmetjes zijn lief. Maar als ze geforceerd schattig gebruikt worden in een reclame zijn ze irritant.
Zie de titel van dit blogje….
Maar wij kunnen vanaf vandaag ook “Hallo Jumbo” zeggen!
Ons dorpje heeft een heus winkelcentrum gekregen, met daarin onder andere de snelst oprukkende supermarkt van Nederland.
Dat heeft nogal wat voeten in de aarde gehad.
Aarde die allang klaar lag voor de bouw, er waren oude pandjes gesloopt, bomen gerooid, pijpen gelegd…en toen niks meer.
De planning was dat het winkelcentrum in juni 2010 klaar zou zijn. Ietsje uitgelopen dus….
Procedures, onverkochte woningen boven de geplande winkelpanden, het zat allemaal niet zo mee.
Jarenlang letterlijk een gat in het dorp.
Uiteindelijk is de oplossing gevonden om het verzorgingscentrum uit het naburige dorp te verhuizen naar de appartementen boven de nieuwe winkels.
Ik weet niet of dat voor iedereen (lees: de oude mensen uit het naburige dorp) een bevredigende oplossing was, maar het gebeurt zo.
Wij hadden al een supermarkt in ons dorp. Een filiaal van de Golff.
“Golff scheelt enorm veel”  was hun slogan.
Ik was het nog al eens met ze eens, waarschijnlijk niet op de manier die ze bedoelden, maar het was toch maaro zo makkelijk om een winkel op loopafstand te hebben.
Zeker als je alle dagen peuters over de vloer hebt, zodat je niet zo makkelijk de auto pakt om naar de C1000 en /of Aldi in een ander dorp te rijden.
Ik kwam er dus regelmatig. Kindjes kregen altijd een plakje worst bij de vleeswarenafdeling,  en een snoepje bij de kassa, ze mochten een klein winkelwagentje duwen, ze vonden het altijd leuk om naar “de winkel”  te gaan.
Maar als er een Jumbo komt,  en zometeen ook nog een Aldi,  kan de Golff daar niet tegenop .
Dus die ging dicht.  Op 30 maart zou de winkel sluiten.  De week daaraan voorafgaand was het uitverkoop.  En hoe!
‘s Maandag wilde ik wat lekkers gaan kopen, omdat  1 van de kinderen de dag daarop
jarig was.
Ik bracht de groten naar school en zou met de kleintjes nog even doorlopen naar de Golff.
Toen we daar aan kwamen was ik stomverbaasd. De parkeerplaats stond helemaal vol.
Om half 9 ‘smorgens.
In de straat stonden de auto’s dubbel geparkeerd. Hele bestelbussen stonden half op
de stoep.
Buiten stond geen enkel winkelkarretje meer.
Ik baande me, met de kleintjes aan de hand, een weg tussen auto’s en fietsen door en wierp een blik in de winkel.
Het leek alsof de 3e wereldoorlog op uitbreken stond.
Mensen drongen met karretjes, die ze zo vol laadden als ze maar konden.
Alledrie de kassa’s waren open, een unicum.  De driedubbele rij mensen-met-karretjes stond tot ver om de hoek van het pad te wachten.  Het was niet normaal.
Hier ging ik mij dus echt niet tussen mengen.  Dus peutertjes weer bij de hand
en rechtsomkeert.
Uit de winkeldeuren kwamen mensen die de buit binnen hadden.
Mensen die normaal geen goed woord voor onze buurtsuper overhadden, vonden het nu nodig om te hamsteren.  Het was immers met korting !
Het was asociaal en ik voelde plaatsvervangende schaamte. Ik kon me niet voorstellen dat die karren allemaal volgeladen waren met spullen die de mensen nodig hadden.
Er sprak alleen een enorme hebberigheid uit.
Aan het eind van de middag ben ik nog even in mijn eentje naar de Golff gelopen.
De drukte was geluwd.
En de winkel zag eruit als eentje uit het Oostblok voor de val van het ijzeren gordijn.
Lege schappen,  een paar blikjes en potjes waren nog over. Verse spullen waren er
niet meer.
De cakejes die ik gepland had te kopen, om te gaan versieren, ook niet.
Welgeteld  1 uitdeelzak chips was er nog.
Die heb ik maar meegenomen,  met een aantal pakjes extra lekkere sap om het wat gezelliger te maken.  Ik had er 5 nodig, er  waren er nog 6…..
Gelukkig had ik de zaterdag ervoor poffertjes gekocht, zodat we de verjaardag toch op een leuke manier konden vieren.
De rest van de week ben ik niet meer naar de Golff geweest. De paasboodschappen deden we in een ander dorp.
Vandaag is ons dorp versierd. Ballonnen alom, want de nieuwe Jumbo is er!
Vanmorgen om 8 uur gingen de deuren open.
De eerste 300 klanten kregen  gratis bloemen en bij besteding van 25 euro een
gratis appeltaart.  Ik ben niet geweest.
Ik wil niet weer geconfronteerd worden met de hebberige menigte, ik heb er zo’n afkeer van gekregen !
Alsof wij het hier zo slecht hebben dat we moeten rennen, dringen en graaien omdat we anders te kort komen.
Of zouden die hamsterende mensen nu denken : ik heb nog voor een jaartje of 3 wasmiddelen, blikgroenten en pasta liggen, ik hoef voorlopig niet naar de Jumbo?
Ik heb er een hard hoofd in.
Natuurlijk ben ik wel blij met de nieuwe supermarkt.  En ook dat de Jumbo-prijzen lager liggen dan de Golff-prijzen.
En dat het nieuwe winkelcentrum een beetje leven in de brouwerij van ons dorpje brengt.
Het is maar wat makkelijk dat ik niet meer op vrijdagavond of zaterdag naar een ander dorp hoef te rijden om naar de C1000 of Aldi te gaan.
Dus ook voor mij is het voortaan :  Hallo Jumbo.  En “mijn” kindertjes kunnen het wel goed zeggen !

supermarkt
(bron: animatieplaatjes.nl)

Zo gemeen!

Sinds 2009  ben ik  ingeschreven bij de Kamer van Koophandel  als zelfstandig gastouder.
Vanaf die tijd  word ik regelmatig benaderd door allerlei bedrijven
die mij willen laten adverteren.
Uiteraard is naamsbekendheid goed voor je bedrijfje,  maar het moet wel in
verhouding blijven.
Een kleinschalig bedrijfje aan huis vraagt toch niet om een enorme advertentie-
campagne tenslotte.
En adverteren is gruwelijk duur.
Waar ik niet op gerekend had, is het feit dat allerlei mensen makkelijk geld willen verdienen  (nou ja, ‘aftroggelen’  is een beter woord)  met mijn bedrijfsnaam.
En dat vaak op slinkse wijze proberen.
Naïefen goed van vertrouwen  als ik in eerste instantie was,  had ik bijvoorbeeld niet in
de gaten dat de “Internet BedrijvenGids” geen onderdeel is van
Telefoongids/Gouden Gids.
Dus voor  ik het wist had ik ruim 100 euro betaald aan een of ander register op een site waar niemand op kijkt als hij of zij een gastouder zoekt.
Door schade en schande wordt men  wijs, dus na een paar keer de boot in gegaan te zijn met  dit soort dingen dacht ik wel 3 x na voor ik ergens ja op zei.
Ik weet niet hoe ze het flikken,  maar ik kreeg bijvoorbeeld een week nadat ik een opdracht tot vermelding in de (papieren) gemeentegids van de Marne  (wat voor mij wel degelijk nuttig is) had gegeven een telefoontje van de Internet-gemeentegids over
“mijn vermelding”, waar natuurlijk weer flinke kosten aan verbonden waren.
Maar die Internet –gemeentegids heeft geen moer te maken met de Marne,  het is een of andere site die een slim iemand heeft opgezet , daar  allerlei willekeurige bedrijven per willekeurige gemeente rangschikt en daar geld voor vraagt.
Maar de naam wekt vertrouwen en voordat je het weet heb je weer iets  toegezegd waar je een dikke rekening voor krijgt.
Soms verwenste ik mezelf dat ik nog steeds naïef was, maar aan de andere kant is het een rot gevoel dat je argwanend moet worden.
Maar zo brutaal als die bedrijven zijn !
De Kamer van Koophandel waarschuwt voor dit soort malafide praktijken, de
zogenaamde spookfacturen.
Je krijgt een factuur voor een advertentie die het betreffende bedrijf namens jouw bedrijf  geplaatst zou hebben,  of bijvoorbeeld voor een vermelding op een internetsite.  Factuurnummer, kenmerk, bedrag, betalingscondities, alles staat erop.
Het ziet er uit als een normale factuur en ik denk dat in de grotere bedrijven, met een aparte administratieafdeling zo eentje nog wel eens succes heeft en dus betaald wordt.
Maar niet in het eenvrouwsbedrijfje waarin ik zowel directeur, personeel, boekhouder en ‘hoofd luiers verschonen” (dit laatste heb ik niet zelf verzonnen!) ben.
Ik kijk toch echt de dingen wel extra na en zie dan ook helemaal onder aan de brief,  in kleine lettertjes staan: dit betreft een offerte.
Kijk, en zo dekken ze zichzelf dus in.  Want een offerte is een aanbieding en daar hoef je niet op in te gaan.
Je moet alleen wel weten waarnaar je moet zoeken op zo’n factuur en dat weet
dus niet iedereen.
Maar het kan nog brutaler.
Van Kapel Internet Marketing ontving ik een echte factuur, en er stond nergens in de brief verborgen dat het stiekem toch een offerte was.
Wel dat ik binnen 14 dagen 220 euro moest betalen  in verband met de vermelding van mijn zakelijk telefoonnummer en de basis bedrijfsgegevens op www.zakelijke-nummers
Alsof ik daar ooit opdracht voor gegeven had, ik heb niet eens een
zakelijk telefoonnummer!
Meldpunt Internetfraude ingeschakeld, die adviseerden me een aangetekende brief te sturen naar Kapel Internet Marketing, waarin ik vraag om opheldering over waarop deze factuur gebaseerd is.
Zo gezegd zo gedaan, en een week later kreeg ik van Post.nl de brief weer retour, ze  waren niet in staat om hem af te leveren.  Dus.
Maar vanmorgen gebeurde er iets waar ik echt woedend om geworden ben.

De telefoon ging om een uur of 10. “ Met Annelies”,nam ik op.
Omdat we alledrie een andere achternaam hebben hier in huis, vind ik alleen mijn voornaam wel zo makkelijk.
“Goedemorgen”, klonk een vrolijke vrouwenstem. “Met mevrouw  van Manen  van Publishing Partners.  Ik spreek toch met mevrouw van Bloois?”
“Ja”,zei ik en wachtte af.
“ Nou ik bel nog even over uw vermelding in het Kleurboek voor  Kind en Ziekenhuis.
We hebben de drukproef klaar en ik mail hem zo even naar u toe.  Dan kunt u even kijken of de gegevens correct zijn en  het dan voor akkoord weer terug sturen.”
Ik dacht koortsachtig na, maar kon me niets herinneren van Kind en Ziekenhuis.
“Heb ik daar opdracht voor gegeven dan?” vroeg ik.
“ We hebben in juni hierover een gesprek gehad mevrouw, en we willen het nu graag even gaan afronden.”
“ Ik kan niet herinneren dat ik toegezegd heb”,hield ik aan. “ In juni was mijn advertentiebudget voor dit jaar al verbruikt.”
“ Ja mevrouw, dat klopt dat u dat genoemd heeft, maar vanwege het doel wilde u eenmalig een uitzondering maken.”
Och heden, dat was ook wat, ik wist het echt niet meer.
Ik word vaak genoeg gebeld of ik goede doelen die te maken hebben met kinderen wil sponsoren, en ik mopperde in gedachten op mezelf dat ik nooit opschreef wie en waarvoor er wanneer gebeld had.
“Nou mevrouw”, zei ik, “Het zou best kunnen dat u gebeld heeft, ik kan niet bewijzen dat het niet zo is.”
“Geeft niks”  babbelde ze verder, “ U  kunt zo de mail tegemoet zien. Als u er dan even naar wilt  kijken en voor akkoord wil retourneren kunnen we verder.”
Einde gesprek. Ik keek eens even op de mail, geen mail. Weer telefoon.
“Ja, nog even met mevrouw van Manen, ik zag dat er een 1 teveel staat in uw telefoonnummer. Ik maak er hier alvast een notitie van, als u het ook nog even in uw mail wilt vermelden komt het helemaal in orde”
Er kwam mail. Publishing Partners, met PDF bijlage. Nieuwsgierig opende ik het PDF bestand het eerst.   En toen doorliep ik verschillende fases.
1. SCHRIKREACTIE  die zo heftig was dat mijn haarwortels prikten.
Het bedrag  395 euro excl.BTW  (snel rekensommetje leerde dat het dus 470 euro incl was) sprong me direct in het oog.
Wat???
Dit was de “basisvermelding”, daarbij nog 20% pre-printkosten ( wat zijn dat in vredesnaam????)  en nog een kleurentoeslag van 345 euro.
2. ALARMBELLEN IN MIJN HOOFD.
Dit kon niet. Het bestond niet dat ik ooit gezegd had dat ik voor zo’n bedrag zou adverteren.
3.ONGELOOF.  “advertentie op A4 formaat ( weet je hoe groot dat is????) oplage 250 stuks (weet je hoe weinig dat is???) ,  verspreiding:  eigen regio of elders (weet je hoe vaag dat is??) Hier klopte dus geen ene hol van.
4. IK STA PERPLEX
Logo volgens uw aanlevering of via toestemming van derden. O ja?
Mijn logo heeft ronde blauwe letters  ‘Kind aan Huis’,  een paddenstoeltje en een vermelding Gastouderopvang.
Dit logo had oranje rechte letters ‘Kind aan huis gastouder’.
Daaronder een rijtje multicultureel verantwoorde poppetjes die blij hand in hand dansten.
Hoe was dit mogelijk ?????

Nu ging ik de bijbehorende mail lezen. Heel goed lezen.
“Naar aanleiding van uw belangstelling voor een van onze projecten sturen wij u bijgaande bijlage.
Als u deze mail op welke wijze dan ook voor akkoord retourneert, betekent dat  voor ons een opdrachtbevestiging.”
Wel ver*#&%*%&#*() ! Ik had dus helemaal geen opdracht gegeven zoals ik al gedacht had. Wat een hufters !
Ik zocht het internetadres op wat op de bijlage vermeld was. “Site under construction”    Tjonge, da’s toevallig!
Er stond ook een telefoon nummer op. Ik hou niet van bellen, maar nu deed ik het toch.
Kreeg zowaar nog het bedrijf aan de lijn ook.  Vroeg naar de betreffende mevrouw en die was toevallig in gesprek.
Nog meer mensen aan het bedonderen denk ik.
Ik zei: “Ik wacht!”  En ik kreeg haar al snel aan de lijn.
Ik stak gelijk van wal voordat ze zelf zou beginnen.
“Ik heb net de mail ontvangen en het bestaat niet dat ik voor zo’n hoog bedrag heb toegezegd.   395 euro, excl. BTW ,  ik schrok me rot!”
“O staat dat er?  Nee, het moest 195 euro zijn,  dat hadden we besproken! “
Wat een lef! Ik  kon bijna geen woorden meer vinden van kwaadheid, waarschijnlijk kwam er aan haar kant stoom uit de telefoon.
“Het klopt allemaal van geen kant! Het is mijn logo niet, het is mijn opdracht niet en ik geef hier geen toestemming voor!! ”
“O”, zei ze heel simpel. “ Dan streep ik het door.”
“Doe dat vooral!” brieste ik en gooide de telefoon neer.
En verwijderde vervolgens zo snel mogelijk de mail om maar vooral geen risico te lopen dat daar nog iets mee kon gebeuren.
O wat was ik kwaad, zo kwaad….
Ik googlede op Publishing Partners en  kwam al gauw op de site van MMP, de werkelijke uitvoerders van het project Kind en Ziekenhuis.
Citaat:  Helaas kunt u telefonisch benaderd worden door bedrijven die doen alsof ze het kleur- en knutselboek “Kind en Ziekenhuis” uitgeven.
Deze bedrijven suggereren dat u al eerder meegedaan heeft en u ontvangt per fax een opdrachtbevestiging of een drukproef met daarop
dezelfde, of een iets gewijzigde, advertentie zoals deze in het boek “Kind en Ziekenhuis” heeft gestaan.
MMP BV(voorheen Multi Media Professionals BV) uit Roden is het enige bedrijf dat, sinds 1994, het kleur- en knutselboek “Kind en Ziekenhuis” uitgeeft. “Kind en Ziekenhuis” is een handelsnaam van MMP BV.
(Bron: www.mmpbv.nl )
En dat deed dus deze Publishing Partners ook. Schofterig, een ander woord heb ik er
niet voor. Ik vind dit zo erg!
Ze proberen  eerlijk werkende mensen hun geld af te nemen  en daar misbruiken ze dan ook nog het goede initiatief voor dat anderen voor kinderen genomen hebben.
Ik kan er, als ik er langer over nadenken, wel om janken.
Hoeveel mensen hebben ze al bestolen terwijl die dachten dat ze zieke kinderen hielpen?
En je kan ze nog niks maken ook , want ze hebben zich ingedekt met hun manier van formuleren.   Misselijk word je daarvan.
Waarom dwingen ze mij, die gewoon te goeder trouw wil zijn, om achterdochtig te zijn en mensen te wantrouwen?
Ze doen je hoe dan ook schade.
Zo gemeen !

 

 

Zus en zo

Mijn grote zus is een handwerkster. En dan met de klemtoon op de laatste lettergreep.
Als klein meisje kon ze al prachtig borduren. En op haar 12e breide ze al een trui voor zichzelf.
Ik had daar een enorm ontzag voor
en weet ook nog hoe die trui was :  rood met een streep van zwart en wit aan de boord.
Prachtig vond ik dat en ik wilde dat ook kunnen als ik 12 was.
Dat bleek een ijdele wens.  Ik was een ramp op handwerkgebied.
Ik was goed in met poppen spelen. En mijn zus maakte de mooiste poppenkleertjes, “gewoon” door patronen van babykleertjes te verkleinen tot poppenformaat.
Mijn vriendinnetjes waren dan ook stikjaloers op mijn poppengarderobe.
Ik moest wel handwerken leren op school. Wat een ellende.
De jongens kregen op donderdagmiddag handenarbeid, de meisjes handwerken.
Op die middagen wilde ik ook wel een jongen zijn, en fijn zagen en timmeren en verven. Maar nee, ik moest leren breien en haken en borduren.
Ik broddelde mijn handwerkuren door, mijn werk was altijd groezelig, ongelijk, er zaten gaten in waar het niet moest, of juist rare verdikkingen.
Jute borduren voor een tas,  een slang breien om de verschillende breisteken onder de knie te krijgen, het was om te huilen.  En soms deed ik dat ook.
De ultieme ellende was toen ik in de 6e klas  een beertje moest breien.
Het voorbeeld zag er schattig uit, een echte knuffelbeer. Bruine  kop, handjes en voetjes  en een geel truitje met een rode broek.
Mijn beer was niet schattig. De kop was een rare verzameling van  bedoelde en onbedoelde meerderingen en minderingen,   uiteindelijk heeft de juf er nog een soort bolletje van weten te creëren.
De broek en trui werden aan elkaar gebreid, hiervan moest ik een voorpand en een achterpand breien,  volgens hetzelfde patroon.  Hoe ik het voor elkaar gekregen heb weet ik niet, maar het achterpand had een heel ander formaat dan het voorpand.
Ik kan me ook niet herinneren dat ik mijn beertje terug gezien heb op de jaarlijkse schooltentoonstelling.
Waarschijnlijk zat hij diep weggestopt in de bossen van speelgoedland,  in een tehuis voor mismaakte gedrochtjes.
Ik werd ook wel eens gematst,  soms mocht ik mijn handwerk mee naar huis nemen van de juf, om er thuis wat aan te doen omdat het anders nooit afkwam.
En er werd thuis wat aan gedaan, alleen niet door mij.  Mijn moeder en mijn zus wilden me nog wel eens
uit de brand helpen. Juf heeft er nooit iets van gezegd, maar ze moet stekeblind geweest zijn als ze niet  doorhad dat ik het gemaakte werk niet zelf in handen had gehad.
Maar misschien liet ze het lekker zo omdat het met mij toch vechten tegen de
bierkaai was.
Inmiddels had mijn zus de middelbare school  doorlopen en was ze de absolute
alltime-favourite van de handwerklerares geweest.  Het moet ook werkelijk heerlijk zijn om  eindelijk eens een echt getalenteerde leerling te hebben tussen de normale middelmatigheid.
Iemand die echt geïnteresseerd is in allerlei technieken,  en ze ook nog perfect en snel aanleert en uitvoert.
En zo was mijn zus dus, een bron van niet aflatende vreugde voor juf Karsemeijer.
En die kon haar geluk dan ook niet op toen ze vernam dat het zusje op school
zou komen !
Och wat een drama. Ik was de teleurstelling van haar loopbaan.
Ze had zulke hoge verwachting van mij,  maar ik denk dat nog nooit iemand zo snel van een torenhoge roze wolk is gedonderd als juf Karsemeijer.
Want ik kon niks! En ik vond het niet leuk en was ongeïnteresseerd.
Ik moest een babyjurkje smocken,  mijn moeder heeft ‘t voor me gedaan.
Ik moest een patchwork- tas maken,  mijn tante heeft me een handje geholpen.
Het enige wat ik wel leuk vond was macramé.  Maar dan alleen het grove werk met touw,  niet dat gepiel met dunne katoenen draadjes , die uiteraard een veel mooier resultaat op zouden leveren.
Maar met gekleurd touw een plantenhanger maken, dat lukte nog wel,  en dat heb ik dan ook gedaan.
Hehe, eindelijk helemaal zelf een werkstuk gemaakt.  Ik kan me niet meer herinneren wat juf Karsemeijer ervan vond. Ik denk dat ze mij ook uit haar herinneringen verdrongen heeft eerlijk gezegd.
Toen ik naar de kleuterleidsters-opleiding ging, was het mode om in de klas, onder de
les te breien!
En dat moest ik dan ook maar doen.  Ik begon manmoedig (of vrouwmoedig in mijn geval) aan een trui voor mezelf.  Banaangele wol, naald 5, tricotsteek, dat moest toch lukken.
En ja, het is gelukt.
Beetje ongelijkmatig, de mouwen waren niet lang genoeg, de kleur stond me ook voor geen meter, maar ik had een trui gebreid!
Ik voelde me trots.  En eigenlijk vond ik breien toch wel een beetje leuk!
Dus ik begon nog wat anders. En uiteindelijk ben ik heel veel gaan breien. Niet alles werd even geslaagd, maar over het algemeen lukte het steeds beter.  Voor mezelf. Voor familie.
Voor mijn opvangkinderen . Ik heb in de loop der jaren wat afgebreid!
Gister heb ik een kabeltrui voor Bert afgemaakt.  Hij is erg mooi geworden en ik ben er trots op!
En helemáál trots  omdat mijn zus gezegd heeft dat hij prachtig is !
Juf Karsemeijer zou niet weten wat ze zag……

 

SANYO DIGITAL CAMERA

Wil je weten wat mijn zus allemaal voor prachtige dingen maakt, kijk dan op
defrottendenachtwacht.blogspot.nl

Klassiek

Ik heb voor mijn verjaardag een auto gekregen.
Jaja, wie het breed heeft…enz…..
Nou valt dat nog wel een beetje mee (of tegen, het is maar hoe je het bekijkt)
maar een auto is toch wel een bijzonder cadeau!
En het is ook nog een bijzondere auto,een Renault 6, bouwjaar 1975 !

Renault
Die mag je dus met recht een klassieker noemen.
Ik was 14 toen deze auto op de weg kwam. Raar idee wel.
Gelijk komen er een heleboel herinneringen boven.
Ik zat in de 3e klas van de Mavo.
Minirokken waren uit, midirokken waren in de mode.
Bloesjes van india-katoen. Iedereen had een schipperstrui.
Ik wilde wel een permanentje, maar dat mocht nog niet.
Schoenen met kurken plateauzolen, was ik eindelijk eens een beetje groter.
Ik was hevig verliefd op een jongen uit de 4e. Hij heeft het nooit geweten.
‘Bohemian Rhapsody’ van Queen kwam uit (over klassiekers gesproken!)  en dat afgrijselijke nummer ‘Mississippi’ van Pussycat, wat mijn ouders zo mooi vonden. Bllg.
Ikzelf hield meer van Pink Floyd,  die kwamen met ‘Wish you were here’.
Ik kan me niet precies herinneren wat we toen thuis voor auto hadden.
Het zou wel eens de Vauxhall Viva geweest kunnen zijn,  een koperkleurige, rechthoekige auto.
Mijn Renaultje rijdt prima.  Maar zo anders als de auto’s van nu!
Een groot, dun stuur,  zonder stuurbekrachtiging.  Versnellingshendel aan het dashboard,  evenals de handrem.
Vier versnellingen. Hoekige vormen,  wiebelende metertjes.
En een choke!  Vooral dat laatste had een groot “o jaaa!” effect.
Toen ik mijn rijbewijs haalde, hadden de auto’s ook nog een choke.
En moest je een punt in gedachten nemen op de route vanaf huis,  dat je daar de choke weer indrukte, anders bleef je er mee doorrijden.
“Kruispunt de Choke” werd dat, zodat ik het niet meer zou vergeten.
Nu moet ik dus ook weer een punt bepalen waarbij ik de knop weer moet indrukken.
Dat is hier als ik de provinciale weg opdraai.
De snelweg, zoals de mensen hier onterecht zeggen .
“Snelweg de Choke” dus maar.
Ik heb ook een hele sleutelbos voor mijn auto. Een sleutel voor de deuren, eentje voor het starten en ook nog een voor de benzinedop. Niks afstandsbediening met bliepjes.
Het was natuurlijk wel even wennen, dat schakelen met die hendel naast het stuur.
Maar het lukte snel , en nou is het al zo gewoon, dat  ik, als ik eens in onze andere auto rij, soms automatisch naar het dashboard zit te graaien als ik moet schakelen.
In de Renault ben ik veel meer aan het autorijden.  De bewegingen zijn veel groter, je moet meer doen.
De moderne comfortabele auto’s nemen je steeds meer uit handen (en voeten).
In een vorige auto hadden we cruisecontrol.  Ik gebruikte die nooit, had er zelfs een hekel aan.
Ik wil zelf rijden , met mijn voet op het gaspedaal!
Nog even en er wordt in de nieuwste auto’s een automatische chauffeur ingebouwd, net als de automatische piloot in een vliegtuig.
Nu heb je toch  al, bij de luxe auto’s,  allerhande sensoren die van alles voor je regelen.
Ik vind het niks eigenlijk.  Nee, zelfs voor inparkeren niet, al ben ik dan een vrouw!
Wat is er dan nog voor leuks aan autorijden?  Dan wordt het net zo saai als passagier zijn!
Maar bij deze auto kan ik naar hartenlust sturen en schakelen.
Het dingetje heeft ook nog wel wat bekijks op de weg.
‘t Is ook wel een echte ouwe, met een blauwe kentekenplaat.  Soms word er even  gezwaaid of getoeterd.
Vanmorgen stak er nog een man z’n duim naar me op.
Ik neem maar aan dat het voor de auto bedoeld was tenminste en niet voor de lieftallige chauffeuse.
Want als die auto uit 1975 al een klassieker is,  vlei ik mezelf toch maar niet teveel…

Reclame

Een paar weken geleden ben ik 50 geworden. Uiteraard zijn er veel grapjes overgemaakt, ook door mijzelf.
En ik heb met heel veel plezier mijn verjaardag gevierd, met familie en vrienden in mijn eigen tuin, heerlijk!
Dus nu ben ik een “rijpere vrouw”.
Behoor ik tot de doelgroep voor de Dove-reclames voor hun Pro-Age producten.
Trouwens wel slim van ze dat ze het zo noemen, klinkt toch positiever dan de producten van hun concurenten.
Die hebben het altijd over Anti-Aging.  Alsof veroudering een ziekte is die bestreden moet worden!
Dat brengt met dus op een enorme ergernis:  de vrouw in de reclame!
Als er haarverf aan de vrouw gebracht moet worden adverteren ze met
“perfecte grijsdekking”, maar de kleur wordt geshowd door bloedjonge vrouwen die de eerstkomende 20 jaar nog geen grijze haar zullen hebben.
Dat is toch raar!  Huishoudelijke producten zoals wasmiddelen en schoonmaakmiddelen worden steevast aangeprezen door jonge moeders, die steeds weer toegeeflijk glimlachen als hun kinderen er weer een vieze rotzooi van gemaakt hebben, juist als er net gedweild is. Of de afgrijselijkste vlekken in hun kleren gemaakt hebben.
Ik kan me toch niet voorstellen dat er in het werkelijke leven èen moeder is die zo reageert als ze net de boel weer op orde heeft.
En is wassen en schoonmaken uitsluitend voorbehouden aan jonge moeders?
Versmeert de rest van de bevolking, of wordt er daar juist niks vuil?  Ook al zo raar!
In supermarkt -reclames zijn vrouwen altijd typetjes. Karikaturen van vrouwen die boodschappen doen.
Waarom toch?
En dan de ultieme vrouwenproducten: maandverband en tampons.
Ongesteld zijn is een feest!
Je bent rond de twintig, je huppelt slank en mooi door het leven , want je gebruikt het juiste merk tampons of maandverband!
Zo wordt het maandelijkse ongemak weggenomen en maak je volop plezier met je vriendinnen.
Je sport, je danst…. Raar.  Want als je 30 of 40 of zelfs 50 bent wordt je ook nog ongesteld.
En er wordt bitterweinig gehuppeld en gedanst in die periode.
Je hebt buikpijn, je bent humeurig, je hebt hoofdpijn en puistjes.
Je haar wil niet, je buik is opgezet dus je broek zit niet lekker, je hebt veel te veel trek in lekkere ongezonde dingen en je wilt eigenlijk alleen maar op de bank hangen.
Wat een feest ja.  Veel vrouwen kunnen niet wachten tot het over is.   Tot, inderdaad,
de overgang.
Tegenwoordig is daar ook wat aandacht voor in de reclame.
En omdat ze er toch echt niet mee aan kunnen komen om daar jonge vrouwen met dansende krullen voor te gebruiken, komen dan eindelijk de vrouwen van rond de 50
in beeld.
Helaas zijn dat ook weer dames die in hun jongere jaren model zijn geweest.
Ze zien er fantastisch uit  (komt vast van al die Anti-Aging producten) en hebben een lieve glimlach voor hun man en grote knappe zonen.
Ze hebben geen klachten, want er is hulp van “natuurlijke middelen” .
Die zorgen namelijk dat je zowel overdag als ’s nachts geen opvliegers meer hebt
(het enige overgangsverschijnsel dat er blijkbaar toe doet) ,zodat je lekker kunt slapen en de dag vol energie kan doorkomen.
Wat heerlijk.
Ze hebben nog nooit gehoord van stemmingswisselingen, gewichtstoename, spierklachten, haaruitval en nog een heel scala van overgangsklachten.
Dat is toch raar!
En als vrouwen nog ouder zijn, komen ze alleen nog in reclames voor als grappige oude omaatjes.
Bah!
Zouden er geen vrouwen werken bij reclamebureau’s?
Of bezien die hun eigen sexe zo respectloos?
Word je alleen voor vol aangezien als als je jong, slank en mooi bent?
En bereik je dat door op de juiste manier te consumeren?
Wat een triest , oppervlakkige boel eigenlijk. Wie trapt daar nou in ?
Wij toch niet…….