Op sommige punten ben ik een echte vrouw. En dan bedoel ik niet altijd de positieve punten.
Zo heb ik bijvoorbeeld totaal geen richtingsgevoel. En ik kan niet kaartlezen.
Cliché, ik weet het, maar het is zo.
Ik verdwaal overal, en dan niet alleen in mijn nachtmerries.
Nou ben ik getrouwd met een man die totaal het tegenovergestelde is.
Hij is eigenlijk een wandelend navigatiesysteem.
Dus in de afgelopen jaren heb ik regelmatig paniekerig gebeld: “Bèèèrt!
Ik sta daar-en-daar en waar moet ik nou heen???”
Het was op een gegeven moment zelfs zo dat hij, als hij wist dat ik onderweg was,
zijn telefoon opnam met: “Met de verkeershulpdienst”…..
Eigenlijk is Bert een beetje eng hoor.
Als hij één keer ergens geweest is, ook al is het 10 jaar geleden, dan weet hij
het nog feilloos te vinden. En vaak nog uit z’n hoofd ook!
Maar goed,ik heb al heel wat hulp gevraagd en gekregen,dus ik heb flink geprofiteerd
van zijn rare gave.
Toch moest ik ook maar eens wat zelfstandiger worden en met m’n tijd meegaan.
Dus ik kocht een navigatiesysteem!
Daarmee moest het dan toch gaan lukken. Eerst een paar keer uitgeprobeerd,
op routes die ik dan toevallig wel weet, en dat werkte allemaal prima.
Tot gister.
Ik moest ’s morgens om kwart voor 8 in Bedum zijn.Ik doe mee aan Lifelines
(wil je weten wat dat is, kijk gerust op internet) en ik moest nuchter komen,
omdat er bloed afgenomen zou worden.
Eigenlijk was dat al een ramp. Normaal heb ik al koffie gedronken voordat ik opsta,
en dan direct bij mijn ontbijtje nog een kop.
Maar nu dus niet. Daarom wat suffig de deur uit.
Navigatiesysteem ingesteld op de bewuste straat in Bedum, en hup de weg op.
Maar het ging wel raar! Voordat ik ergens bij een kruising gearriveerd was zei de
dame al dat ik rechtsaf moest slaan, en op mijn schermpje deed ik dat al.
Hm, vreemd. Nou ja, het zal zo wel weer goed komen.
Niet dus. Ver voor de brug bij Mensingeweer was ik er op mijn scherm allang overheen.
En zo ging het door.
Ik nam rotondes, afslagen , alsof het niets was. Ik jakkerde maar verder,
terwijl ik in het echt heel ergens anders reed.
Toen kwam het volgende punt: omleiding!
Omdat men aan de weg bezig is kan je een bepaalde route niet volgen.
Wist ik wel, en ik wist ook welke kant ik dan wel op moest in eerste instantie.
Mijn navigatie niet. Die bleef me stug over de oude route sturen en liet onderwijl
zien hoever we daar al in waren.
Ik werd steeds geïrriteerder door die vriendelijke vrouwenstem die maar onzin bleef uitkramen.
Nou ja, ik wist ongeveer hoe je naar Bedum moest rijden, als ik daar aangekomen was
zou ik wel proberen het adres opnieuw in te stellen.
“U heeft uw bestemming bereikt” ,zei ze op een gegeven moment.
“Lijkt me stug” , mopperde ik. Ik was op dat moment bij een weiland met schapen.
Het is toch idioot dat je terug gaat zitten praten tegen dat ding.
Uiteraard reed ik vlak bij Bedum nog weer de verkeerde kant op en had dat
pas na een kilometertje of drie in de gaten.
De paniek kwam al stiekem om de hoek kijken. Ik zag namelijk ook de klok doorlopen.
Ik ging dat vast niet redden om kwart voor 8.
Uiteindelijk kwam ik in Bedum aan. Maar nu?
Ik zette de auto aan de kant , stelde opnieuw de bewuste straat in.
Op hoop van zegen.
Die zegen bleef uit, want er gebeurde precies hetzelfde.
Kwaad rukte ik de plug eruit en reed op goed geluk het dorp in.
Nu is Bedum niet groot, maar ook daar kan je heel vaak de verkeerde kant op.
Dus ja hoor: “Bèèèrt! Ik sta daar-en-daar en waar moet ik heen???”
Alsof ik niet 100 euro had uitgegeven aan een navigatiesysteem.
Bert loodste me door Bedumcity en ik kwam dan eindelijk, zowat 10 minuten
te laat bij Lifelines.
Goed dat ze m’n bloeddruk deze keer niet hoefden te meten,die was vast alarmerend hoog.
Na het onderzoek kreeg ik koffie, heerlijk!
En toen weer naar huis.
Nu zat ik niet meer zo in de stress, omdat er geen tijdsdruk meer achter zat.
Ik probeerde het nog éen keer met de navigatie, maar ook dit keer zag ik op het schermpje
dat ik doelbewust het dorp inreed, terwijl ik in levende lijve nog op de parkeerplaats stond.
Uit dat ding! En maar zien dat ik thuiskwam.
Nou ik moet zeggen, dat lukte aardig!
Ik ben maar éen keer verkeerd gereden, zodat ik op een bouwterrein terecht kwam.
Maar dat terzijde, ik was best trots op mezelf dat het gelukt was.
En thuis natuurlijk tegen Bert schelden over dat stomme navigatiesysteem, weggegooid geld,
wat had je nou aan zo’n kl***ding, etc etc…….
En Bert, rustig als altijd: “Stond ie misschien op ‘simulatie’?”
Daar viel ik even stil van. Huh? Simulatie? Oi, dat zou zomaar kunnen……
En jakkes, (of misschien gelukkig) Bert had gelijk.
Conclusie: prima navigatiesysteem, alleen degene die het programmeerde was blond.
Nog even een toevoeging: ik had me alle stress ook nog eens kunnen besparen.
Toen ik bij Lifelines binnenkwam zat daar ook een bekende uit mijn eigen dorp.
“Hé, hadden we dat geweten!” zei ze. “Dan had je met mij mee kunnen rijden”………
Categorie archief: Algemeen
Kleven en loslaten
Schoonmaken is niet mijn grootste hobby.
Ik ben altijd wel heel voldaan als het weer klaar is en ik het resultaat kan bewonderen,
maar er komt nooit een einde aan!
Ons hele leven bestaat uit stof en kleverigheid.
En dat willen we niet, dus gaan we verwoed
aan het schoonmaken, hebben een dag plezier van het resultaat, en de volgende dag beginnen we weer op nieuw.
Het lijkt een beetje op wat Herman Finkers zegt: de zon gaat zinloos onder, morgen moet ze toch weer op.
Toch kom je soms tot andere inzichten.
Bij het schoonmaken van de koelkast vroeg ik me vertwijfeld af waarom alles in het leven kleeft!
Van Irene kreeg ik de volgende verklaring:
“Maar waarom kleeft alles zo? Daar is een logische verklaring voor.
Mensen hebben graag vastigheid in het leven. (nee, ik begin niet over “leven kleven” )
Maar die vastigheid kan op meerdere manieren worden opgevat.
Artikelen in de koelkast hebben hier een eigen visie op. Zij willen een letterlijke beleving van die vastigheid, dus besluiten over te gaan op kleven.
Op deze manier voelen zij zich verbonden met de koelkast en dus indirect met de consument die
ze in huis gehaald heeft.
Omdat deze artikelen trouw willen blijven aan hun consument, en niet de kans willen hebben om zomaar de koelkast uit te rollen, zijn ze gaan kleven.
Deze loyaliteit wordt alleen niet door elke consument gewaardeerd, maar hou in je achterhoofd
dat dit goed bedoeld is.”
Is het niet prachtig? Je zou er ontroerd van raken.
In schril contrast hiermee staat de eigenschap van haar.
Degenen van wie ik het meeste houd hier in huis hebben haar.
Veel haar. Dik haar. Donker haar.
Leuk, ik hou van haar. Mijn mannen hebben allebei een flinke bos.
De één een beetje lang, de ander heel lang.
Ik vind het mooi en ben er beslist geen voorstander van dat ze naar de kapper gaan
(al vinden sommige familieleden dat onbegrijpelijk, haha)
Mijn hondenmeiden hebben ook haar. Ook die gaan niet naar de kapper.
Ik hou van haar.Je kan er lekker doorheen woelen. ’t Is leuk om te borstelen,
grappig om mee te spelen.
Tot zover alleen maar leuk dus. Maar!
Haar heeft de vervelende neiging om soms los te laten. Dit is dus het tegenovergestelde van
de kleeffilosie van Irene.
Het gevolg is, dat er overal haar ligt. Veel haar. Dik haar. Donker haar.
(gelukkig ben ik blond en voel ik me hierdoor niet persoonlijk aangesproken)
Op de benedenverdieping spannen de honden wat dat betreft wel de kroon.
Mijn stofzuiger Henry en ik hebben een nauwe band opgebouwd.

Van het haar wat wij verzameld hebben kunnen we met gemak een complete nieuwe roedel maken.
Maar boven zijn het de mannen.
Dat zag ik vanmiddag maar weer eens, bij het schoonmaken van de badkamer.
Doucheputje, wastafelputje, badputje, vloer….. ik zal niet verder in details treden en laat de
rest aan de fantasie van de lezer over.
Overigens is het me sowieso een raadsel hoe het kan, dat de enige ruimte in huis die uitsluitend bedoeld is om water en zeep te gebruiken iedere keer toch weer kans ziet zo smerig te worden.
(Irene,heb je daar ook een filosofie over misschien?)
Maar goed, niet alles in het leven kleeft dus. Er zijn ook dingen die loslaten.
Wie weet kan iemand me nog eens haarfijn uitleggen, hoe dat nou zit…..