Maandelijks archief: maart 2026

Wat speelt er nou?

Over het algemeen vind ik het leuk om spellen te spelen. Maar soms heb ik er een haat/liefde verhouding mee.
Allereerst heb ik geen competitie mentaliteit. Ik wordt er kriegel van als iemand alles doet om maar te winnen, daarbij medespelers benadeelt omdat het bij het spel hoort.
Ik vind het heus leuk om te winnen, maar ik vind het ook leuk om te zorgen dat anderen niet mijlenver achterliggen. ‘Gezelschap’ in gezelschapsspel staat bij mij in hoog het vaandel. Niet omdat ik nou zo geweldig en sociaal ben, maar omdat ik in het algemeen in het leven een bloedhekel heb aan mensen die over alles en iedereen heenwalsen om zichzelf maar te bevoordelen. En dat werkt blijkbaar door in mijn spelbeleving. 

Teamspellen doe ik dan ook graag, zoals Pandemic, Flashpoint en Het Verboden Eiland.
Je hebt een eigen rol, maar die zet je in om met je hele team de eindstreep te behalen.
En vooral Dungeons & Dragons, waarbij je een combinatie speelt van roleplay en dobbelen.
Daarbij moet je zorgen dat je zelf overeind blijft, maar niet minder belangrijk, zorgen dat je teamgenoten dat ook doen. En zij helpen jou, als het tegenzit. 

Toch speel ik ook spellen waarbij je alleen voor jezelf speelt, tegen een ander. En daar komt die haat/liefde verhouding om de hoek kijken.
Het zijn vaak kleine spellen, die we na het eten even spelen, Bert en ik. Yahtzee, Clever en Keer op Keer.
Alles met dobbelstenen. En wat betreft die dobbelstenen zit ik met een grote vraag waar ik nog geen antwoord op heb kunnen vinden, hoe goed ik ook ‘mijn onderzoek’ doe.
Hoe kan het dat de één (Bert in dit geval) over het algemeen veel beter gooit dan de ander (ik)? Niet incidenteel maar structureel? We gooien met dezelfde dobbelstenen op dezelfde ondergrond. En toch gooit hij vrijwel altijd beter dan ik, soms op het frusterende af. Dan lukt het me van geen kant om de benodigde getallen te gooien en hij vult het een na het ander in, verdient daardoor bonussen en wint glansrijk. Hoe dan. Waarom blijf ik het dan toch spelen? Omdat ik het soms toch nog leuk vind om uit te puzzelen wat ik met mijn resultaten kan. Maar er zijn ook periodes dat ik zeg: ik ben er klaar mee, ik speel het niet meer. En dat doen we dan ook inderdaad een paar weken niet.
Ik hoef echt niet altijd te winnen, maar dan wil ik wel graag dat de resultaten nog een beetje bij elkaar in de buurt liggen. Niet dat de winnaar mijlenver boven de verliezer uitsteekt, omdat de laatste veel minder kansen heeft gekregen. Dat voelt niet eerlijk, kan me niet schelen dat het de regels van het spel zijn.
We hebben trouwens een spel, De Kwakzalvers van Kakelenburg, waarbij dat anders geregeld is. Daar krijgen de achterblijvers een bonus om weer wat bij te trekken en dan is het spel leuker en spannender met elkaar, omdat je niet halverwege al weet dat al je kansen om te winnen al verkeken zijn. Maar goed, die spelen we niet met z’n tweeën,  want die is alleen leuk met meerdere mensen. 


Blijft mijn prangende vraag: hoe kan het dat de één over het algemeen slecht gooit met dobbelen en de ander over het algemeen goed. Als dat toeval is, is het wel een hardnekkig terugkerend toeval, wat te toevallig is naar mijn mening.
Wat is dan het antwoord? Nee, niet het spreekwoord: Ongelukkig in het spel, gelukkig in de liefde. Want als dat waar is, zou het ook voor Bert moeten gelden.
Een echte verklaring. Weet jij het?